`HA
B
L
E
L
N
Ó,
B
IK
EE
IN
LD?'

GEMEENTELIJK BELEID VOOR
RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
Stichting Welstandszorg Noord-Holland
in samenwerking met DSL Rotterdam
februari 2007

036:
`HALLÓ,
037:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
Inhoud
Inhoud
Voorwoord
038
5.
HANDHAVING ALS GEDEELDE
077
Inleiding
040
VERANTWOORDELIJKHEID
5.1
MOTIEVEN EN PROCEDURES
5.2
INSTRUMENTEN
5.3
PRAKTIJKVOORBEELDEN
1.
RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
043
1.1
RECLAME, GESCHIEDENIS EN ACTUALITEIT
6.
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
082
1.2
VERSCHILLENDE TYPEN RECLAME-UITINGEN
1.3
DOELSTELLINGEN EN EFFECT VAN RECLAME
6.1
INTEGRAAL EN GEBIEDSGERICHT
6.2
INTENSIEVE COMMUNICATIE
053
6.3
HANDHAVING ALS SLUITSTUK
2.
HOOFDLIJNEN VAN WETGEVING EN
REGELGEVING
2.1
ALGEMEEN WETTELIJKE KADERS
MODEL VOOR EEN GEMEENTELIJK
087
2.2
GEMEENTELIJK RECLAMEBELEID
RECLAMEBELEID
2.3
BENODIGDE VERGUNNINGEN
3.
VERKENNING IN DE PRAKTIJK
065
Colofon
112
3.1
RESULTATEN VAN DE ENQUÊTE
3.2
AANBEVELINGEN VOOR SUCCESVOL BELEID
4.
STAPPENPLAN VOOR HET OPSTELLEN
071
VAN EEN RECLAMEBELEID
4.1
INVENTARISATIE EN ANALYSE
4.2
HET PRINCIPE VAN GEBIEDSGERICHT BELEID
4.3
STRUCTUUR VAN EEN RECLAMEBELEIDSNOTA
4.4
DE VASTSTELLING VAN RECLAMEBELEID
4.5
COMMUNICATIE MET ONDERNEMERS
4.6
HANDHAVING EN PERMANENTE EVALUATIE

038:
`HALLÓ,
039:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
Voorwoord
Voorwoord
Voorwoord
de uiteindelijke ambities van gemeentelijk reclamebeleid voor de
openbare ruimte treffend samen. Het ging er volgens hem in
Maastricht steeds om grenzen te stellen aan de grenzeloze en
chaotische commercialisering van het openbare gebied, het ging
Reclame is een steeds belangrijker beeldbepalend element in de
om een strijd tegen de brutaliteit van sommige ondernemers, en het
openbare ruimte. Straten en pleinen zijn in enkele decennia volle-
ging om respect voor al het kwetsbare in steden en dorpen en op
dig veranderd: de sfeer wordt steeds meer bepaald door opvallende
het platteland. Reclamebeleid moet volgens John Wevers ook geba-
reclame over de vestiging van bedrijven, over hun producten en
seerd zijn op de erkenning van vakmanschap van ontwerpers, die de
over verkoopbevorderende acties, zoals uitverkoop en bijzondere
ruimte zouden moeten krijgen om reclame-uitingen op een verant-
aanbiedingen. Het gaat bij deze reclame-uitingen vooral om twee
woorde manier te integreren in gevelontwerp en gebouwsilhouet.
doelstellingen: opvallen, èn meer opvallen dan de buren. Gemeente-
Te vaak worden reclameobjecten botweg toegevoegd aan het ontwerp
lijk beleid is er meestal op gericht om hierbij enige terughoudend-
van gevels, zonder enige zorgvuldigheid met betrekking tot het to-
heid te betrachten. Maar wie gewoon om zich heen kijkt ziet dat
taalbeeld en met slechts twee ambities: opvallen èn meer opvallen
dergelijk beleid vaak niet erg succesvol is.
dan de buren.
Toen bij de stichting Welstandszorg Noord-Holland in het voorjaar
Uiteindelijk is gemeentelijk reclamebeleid dus een actuele en
van 2005 de resultaten werden bewerkt van een enquête over
betekenisvolle culturele opgave om onnodige en ongewenste verloe-
gemeentelijk reclamebeleid in Noord-Holland, bleek dat onze colle-
dering van het publieke domein tegen te gaan. Wij hopen dat velen
ga's van Dorp, Stad en Land in Rotterdam een stappenplan hadden
zich hierdoor aangesproken zullen voelen.
opgesteld voor de ontwikkeling van gemeentelijk reclamebeleid,
gebaseerd op ervaringen in enkele gemeenten in Zuid-Holland en
dr. ir. N. de Vreeze
Zeeland. De enquête en het stappenplan sloten naadloos op elkaar
directeur WZNH
aan en een geïntegreerde publicatie lag voor de hand.
In februari 2006 zijn de resultaten van deze verkenningen in een
expertmeeting bij WZNH in Alkmaar besproken. De aanwezigen bij
die vergadering benadrukten dat gemeentelijk reclamebeleid maat-
werk is, zowel per gemeente als voor verschillende buurten en
wijken. Het gaat erom begrip te hebben voor de betekenis van het
karakter van steden, dorpen en landschappen, en van afzonderlijke
buurten en wijken, om van daaruit vast te stellen welke ambities
wenselijk en haalbaar zijn om reclame-uitingen toe te laten of
juist te verbieden. Alle stappen in het proces van beleidsvorming
en beleidsimplementatie zijn daarbij even belangrijk: de
verkenningen en de vaststelling van de huidige stand van zaken,
de formulering van politieke ambities en visuele principes, de
communicatie en het organiseren van draagvlak en medewerking
van direct betrokkenen en dan tenslotte de crux van het succes van
een gemeentelijk reclamebeleid: de handhaving en de permanente
inspanning om actuele ontwikkelingen bij te houden.
John Wevers, oud-wethouder in Maastricht, is vaak geroemd om het
succesvolle reclamebeleid, dat in zijn periode als wethouder van
start ging. De binnenstad van Maastricht kreeg daardoor binnen
enkele jaren een nieuwe allure. Hij vatte tijdens de expertmeeting

040:
`HALLÓ,
041:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
Inleiding
Inleiding
effect. De waarde van onroerend goed wordt immers vooral ook
Inleiding
bepaald door het karakter en de ruimtelijke kwaliteit van de loca-
tie en de omgeving. Al te veel herrie van reclame levert veelal een
rommelige en slordige atmosfeer op, die niet geassocieerd wordt
Het is onvermijdelijk: karakter, sfeer en uiterlijke verschijnings-
met een waardevolle stedelijke allure of met de idylle van dorpse
vorm van straten en pleinen in steden en dorpen worden steeds
kwaliteiten.
meer beheerst door reclame-uitingen. Winkeliers, horecaonderne-
mers en producenten van producten en diensten doen hun best om
Het lijkt ons de moeite waard om op dit terrein heel precies doel-
bij consumenten in beeld te komen: "Hier zitten wij...", "Kijk wat wij
stellingen te formuleren, die overigens niet in iedere gemeente en
te bieden hebben...", "Onze producten zijn nòg goedkoper", "Bij ons
zelfs niet in iedere straat of buurt gelijk hoeven te zijn. Over deze
de nieuwste modellen..." We worden luidruchtig en soms zelfs agres-
doelstellingen moet vervolgens uitvoerig gecommuniceerd worden
sief uitgenodigd om ijsjes te komen eten, van de uitverkoop te
met alle betrokkenen. Het is van belang vooral ook ondernemers bij
profiteren en mobiele telefoons aan te schaffen. Reclame verschijnt
deze beleidsvorming te betrekken en hen medeplichtig te maken aan
overal, in veel verschillende vormen en hoewel het effect van deze
de beleidsuitvoering en de handhaving. Het leek ons verstandig om
beeldexplosie wellicht niet overal even dramatisch uitwerkt op de
bij een paar gemeenten de ervaringen te inventariseren en daar-
kwaliteit van de gebouwde omgeving, worden de excessen in heel
over te rapporteren.
wat oude steden en dorpskernen door velen zo langzamerhand toch
betreurd. Terwijl er voor een ondergeschikte verandering van een
In dit boek wordt een overzicht gegeven van de ontwikkeling van
gebouw een bouwvergunning nodig is die tot op details getoetst
reclame-uitingen in de openbare ruimte en van de wet- en regelge-
wordt aan cultuurhistorische, esthetische en bouwkundige kwali-
ving op dat terrein. Er wordt een stappenplan gepresenteerd voor
teit, beïnvloeden reclame-uitingen de uiterlijke verschijningsvorm
de ontwikkeling en implementatie van gemeentelijk beleid. We zul-
van het publieke domein vaak zonder al te veel barrières.
len daarbij benadrukken dat verschillende elementen daarin even
belangrijk zijn: het vastleggen van principes, de uitwerking in
De mate waarin reclame als storend wordt ervaren verschilt nogal.
concrete beleidsregels, het organiseren van draagvlak bij betrok-
Omdat het hier een langzame maar gestage ontwikkeling betreft
ken ondernemers en een slagvaardige handhaving. Ten slotte wordt
zijn veel mensen zich maar nauwelijks bewust van de schade die
een model voor een gemeentelijke reclamebeleid gepresenteerd, dat
wordt aangericht. Wie weet nog hoe het Rokin in Amsterdam eruit
gebaseerd is op een analyse van bestaande gemeentelijke reclame-
zag in de jaren vijftig en welke prachtige gevels er schuil gaan
nota's en ­verordeningen. Het model moet niet gezien worden als
achter al die verdiepingshoge reclameborden? Het terugdringen en
`kant en klaar' beleid, maar het vormt de basis waarop een gemeen-
reguleren van reclame in de openbare ruimte vergt een subtiel en
tebestuur haar eigen beleidsregels kan ontwikkelen en vastleggen.
vasthoudend beleid dat uiteindelijk vooral gericht moet zijn op
strikte handhaving van afspraken en richtlijnen. Maar ook het
Wij beogen het belang van een effectief en doelgericht gemeentelijk
vaststellen van beleidsregels vergt, naast kennis van zaken, een
reclamebeleid onder de aandacht te brengen van bestuurders,
enorme politieke inspanning en een fenomenale overtuigingskracht.
ambtelijke diensten en ondernemers. Uitgangspunt is een enquête
naar de stand van zaken rond gemeentelijk reclamebeleid in Noord-
Krijgt het economische belang van ondernemers alle ruimte of
Hollandse gemeenten, een stappenplan voor ontwikkeling en
wordt er gekozen voor het veel abstractere belang van een goed
implementatie van gemeentelijk reclamebeleid en een structuur voor
verzorgde openbare ruimte? Komt er een dictaat van het gemeente-
gedetailleerde regelgeving als toetsingsgrondslag voor vergunnin-
huis of wordt er gewerkt aan een gedragen compromis, waarbij
gen en handhaving. Deze publicatie is niet het definitieve antwoord
ondernemersverenigingen intensief betrokken worden bij het
op problemen van het reclamebeleid van lokale besturen, maar het
reclamebeleid van de gemeente? Het uitgangspunt bij dit onderzoek
kan wel het begin zijn van een uitwisseling van ervaringen en van
is dat het ontwikkelen en uitvoeren van een consequent reclamebe-
een motiverende actie om aandacht te vragen voor een serieuze in-
leid en het creëren van draagvlak hiervoor, van cruciaal belang kan
spanning van lokale politici om deze ongemakkelijke materie onder
zijn voor de kwaliteit van de openbare ruimte in steden en dorpen.
controle te krijgen. De huidige en toekomstige kwaliteit van steden
Dat is een culturele opgave met vermoedelijk ook een economisch
en dorpen vraagt om zo'n inspanning!

1.
RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
043
In dit hoofdstuk wordt het fenomeen reclame in
de openbare ruimte verkend door op hoofdlijnen
de historische ontwikkeling te beschrijven en te
inventariseren welke doelstellingen en effecten
met reclame worden nagestreefd.
`HALLÓ,
1.1
RECLAME, GESCHIEDENIS EN ACTUALITEIT
1.2
VERSCHILLENDE TYPEN RECLAME-UITINGEN
1.3
DOELSTELLINGEN EN EFFECT VAN RECLAME
BEN IK IN
BEELD?'

044:
`HALLÓ,
045:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
1. RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
1. RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
1.1
RECLAME, GESCHIEDENIS EN ACTUALITEIT
bedrijven gingen bushokjes (abri's) en reclamezuilen (mupi's)
aanbieden en verzorgden daarbij zelf het onderhoud.
Reclame is afgeleid van het Latijnse reclamare dat `herhaald
oproepen' betekent.
Op dit moment bepalen reclame-uitingen in de binnensteden van
Met de ontwikkeling van ruilhandel werden de eerste vormen van
Nederland sterk het beeld van de openbare ruimte. Gevelreclames,
reclame zichtbaar. In de middeleeuwen was `recommandatie', of
vlaggen, sandwichpanelen, luifels, rolluiken, reclamezuilen,
aanbeveling, de voornaamste vorm van reclame en door de tijd heen
neonverlichting, abri's en billboards: het is onrustig geworden op
zijn daar koopmansmerken, productietekens, uithangborden en
straten en pleinen. En de laatste trend, het gebouwhoge steiger-
gevelstenen als vormen van reclame bijgekomen. De eerste kranten
doek als tijdelijke afscherming van een gebouw in verbouwing, zal
in de zestiende eeuw waren al gevuld met advertenties. Dit alles
ook wel niemand ontgaan zijn.
gebeurde echter nog op kleine schaal. Pas toen de goedkope
massaproductie door de industrialisatie na 1870 op gang kwam,
Reclame-uitingen zijn een uitdrukking van de mentaliteit van een
ontwikkelde ook de reclamebranche zich tot een zelfstandige en
bepaalde tijd. In dat opzicht hebben ze zelfs soms nog wel een
invloedrijke sector. Dit werd al snel in het straatbeeld zichtbaar.
zekere culturele waarde. Maar het kan ook te gek worden. Een beleid
Op reclamezuilen, gevels en schuttingen verschenen affiches en
van "laissez-faire laissez-aller" kan leiden tot een ongewenste
muurschilderingen die de nieuwste producten aanprezen. Winkel-
aantasting van de cultuurhistorische kwaliteiten van buurten en
puien werden vaak zo vormgegeven dat er een opvallende plek was
wijken, het kan leiden tot een visueel kabaal, waarin de identiteit
voor de naam van de onderneming, voor zijn producten, zijn logo en
van waardevolle gebieden verloren gaat. In de zin van uitnodigende
voor een verleidelijke slagzin: `Beter brood bij bakker Brands'.
informatie is de opeenstapeling van reclame-uitingen in sommige
winkelstraten ook helemaal niet effectief meer. Het is vaak alleen
Vooral tijdens de crisisjaren na de Eerste Wereldoorlog werden
nog maar een nutteloos tegen elkaar opbieden van afzonderlijke
straten en pleinen volgehangen met mededelingen over producten
ondernemers, die met schreeuwerige mededelingen over hun bedrijf
en bedrijven. Nieuw waren in die tijd de zogenaamde plakbedrijven,
of over hun product ten onder gaan in een kakofonie van luidruch-
die met drukwerk in standaardformaten en op basis van contracten
tige overdaad. Helder geformuleerde beleidsprincipes, overtui-
met gemeenten heel Nederland in korte tijd konden voorzien van
gende communicatie en strenge handhaving zijn essentieel
affiches over de nieuwste producten van landelijk opererende
geworden om reclame in de openbare ruimte weer betekenisvol te
bedrijven maar ook over theatervoorstellingen en nieuwe films.
laten zijn.
Landelijk opererende winkelconcerns besteedden veel aandacht aan
de bekendheid van hun naam door met bepaalde bouwmaterialen en
kleuren een herkenbare sfeer en identiteit op te roepen: de gevels
en soms zelfs de hele gebouwarchitectuur gingen deel uitmaken van
het logo en het bedrijfsimago.
De jaren na de Tweede Wereldoorlog werden gekenmerkt door
schaarste en zuinigheid. Er was in die tijd nauwelijks geld voor
reclamedrukwerk, en lichtreclames of verlichte etalages waren ook
nog ondenkbaar.
Pas na 1948 begon de economie weer te groeien en daarmee ook de
reclamebranche. In die jaren werd ook de eerste regelgeving voor
reclame in de openbare ruimte op papier gezet. De invasie van
Amerikaanse multinationals zorgde voor een stroomversnelling in
de reclamewereld. Ook reclame-uitingen in de openbare ruimte
breidden uit door zogenaamde concessiesystemen die tot op de dag
van vandaag nog bestaan. Zelfstandige en gespecialiseerde plak-

046:
`HALLÓ,
047:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
1. RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
1. RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
1.2
VERSCHILLENDE TYPEN RECLAME-UITINGEN
is dan de lengte. Deze worden evenwijdig (enkelzijdig) of haaks
(dubbelzijdig) aan de gevel opgehangen. Ook zonweringen worden
De reclamewereld is een omvangrijke branche geworden. Miljoenen
soms gebruikt voor reclamedoeleinden. Zowel op het uitgerolde
gaan erin om. Reclamebureaus moeten met steeds origineler en
doek als op de markiezen kunnen reclameafbeeldingen of -teksten
vooral steeds opvallender concepten voor de dag komen. Niet alleen
worden geplaatst.
op de televisie thuis maar ook buitenshuis schreeuwt reclame
voortdurend en overal om aandacht. Het is dus niet zo verrassend
Vrijstaande reclameobjecten
dat in de openbare ruimte talloze verschillende verschijnings-
Er zijn veel verschillende soorten vrijstaande reclameobjecten,
vormen voor reclame-uitingen zijn ontstaan. Het is moeilijk om ze
soms in de vorm van verwijzingen naar adressen van bepaalde
exact te categoriseren omdat bij iedere categorisering veel
firma's, soms hoge masten met rondom vaak meerzijdige reclame-
tussenvormen bestaan en omdat voortdurend nieuwe vormen worden
vlakken. Deze masten zijn veelal gesitueerd langs snelwegen bij
bedacht. Hierna volgen een aantal veel voorkomende en herkenbare
meubelboulevards en bedrijventerreinen, in ieder geval in de
vormen van reclame in de openbare ruimte, die ook als aankno-
nabijheid van de bedrijven waarop de reclame betrekking heeft.
pingspunt kunnen dienen voor beleidsdiscussies, beleidsafspraken
Vrijstaande reclameobjecten zijn vaak verlicht: verlichte reclame-
en spelregels.
bakken, verlichte losse letters, beeldschermen, draaiende licht-
objecten, bewegende lichtbeelden, lichtkranten. Deze vormen van
Reclame-uitingen op gevels van gebouwen
reclame trekken meestal sterk de aandacht en ze zijn daardoor zeer
Reclame-uitingen, aangebracht op of aan het gebouw, kunnen
beeldbepalend.
bestaan uit borden, losse belettering, lichtbakken of doeken, lood-
Driehoeksborden bestaan uit drie borden met affiches in metalen
recht, evenwijdig of schuin ten opzichte van het gevelvlak. De
frame bijvoorbeeld rond lantarenpalen. Sandwichborden zijn twee
beeldtaal, het lettertype, de kleur en de vorm maken vaak deel uit
borden met affiches, vaak ook geplaatst aan de voet van lantaren-
van een herkenbaar bedrijfs- of productlogo. Ondernemers hebben
palen. Driehoeks- en sandwichborden worden vaak gebruikt als
vooral belang bij het formaat: groot is beter dan klein, en er wordt
tijdelijke aanduiding voor evenementen. Ondernemers maken soms
altijd gestreefd naar een opvallende plek, liefst op het dak, boven
gebruik van zelfstandige stoepreclame, die bestaat uit een uitklap-
de voordeur of goed zichtbaar op de gevel.
baar bord of 3D-object. Deze objecten worden tijdens openingsuren
Gevelborden of constructies met losse letters worden meestal
voor de zaak op het trottoir geplaatst.
geplaatst op of boven de winkelpui of op dakranden. Daarbij is
Vrijstaand zijn ook vlaggenmasten en baniermasten. Ze worden
onderscheid te maken in evenwijdig geplaatste borden of dubbel-
meestal bij de entree van een bedrijf gesitueerd, soms verschil-
zijdige (uithang)borden die dwars op de gevel worden bevestigd.
lende op een rij. Ze zijn er in alle mogelijke formaten, ze hebben
Afhankelijk van de plaats, de afmeting en de vormgeving kan de
een tijdelijk of een permanent karakter.
reclame-uiting een positieve of negatieve toevoeging zijn aan het
gevelbeeld. De karakteristiek van de omgeving speelt daarbij een
Abri's en mupi's
belangrijke rol. Bij losse beletteringen blijft meestal meer zicht-
Een abri is een bushaltehokje met verlichte tweezijdige vitrine met
baar van de gevel dan bij omvangrijke dichte panelen.
vaak dubbelzijdige reclameposters. Een mupi is een permanent
Naast borden en lichtbakken zijn er ook andere vormen van gevel-
dubbelzijdig reclamebord waarbij één zijde wordt gebruikt voor
reclame zoals gevelbeschilderingen, billboards op gevels en (in-
commerciële doeleinden en een zijde voor publicaties van informa-
pandige) raamplakkaten of raamfolie. Zeker ramen op de verdieping,
tieve aard van de gemeente. Gemeenten besteden het plaatsen en
die geheel zijn dichtgeplakt met stickers, borden of folie, kunnen
onderhouden van deze objecten vaak uit in ruil voor het maken van
een armoedige sfeer veroorzaken in het straatbeeld.
commerciële reclame in combinatie met reclame voor culturele
evenementen of voor mededelingen van de gemeente.
Vlaggen, banieren en zonweringen
Het gaat hier om stofachtige materialen, loodrecht of langs de
Billboards
gevel opgehangen. Als vlaggen loodrecht aan de gevel worden
Billboards zijn grote reclamepanelen (meestal wel 8 m² of meer)
geplaatst veroorzaken ze, ook door het wapperende karakter, een
die los zijn opgesteld langs wegen in het buitengebied en soms op
druk straatbeeld. Banieren zijn vlaggen waarvan de hoogte groter
pleinen en brede straten en lanen. Als ze zijn vormgegeven met

048:
`HALLÓ,
049:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
1. RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
1. RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
lamellen, die met korte tussenpozen ronddraaien, kunnen er
Sponsorreclames
verschillende reclameboodschappen op één paneel worden getoond.
Tijdelijke sponsorreclames worden vooral gebruikt bij eenmalige,
Kenmerkend voor billboards is dat deze meestal niet bedrijfs-
tijdelijke festiviteiten, evenementen en bij culturele instellingen
gebonden zijn. Er wordt geadverteerd ten behoeve van meestal lan-
als musea en concertzalen. Het gaat meestal om tijdelijke maar
delijke campagnes voor merken, artikelen of bedrijven. Billboards
zeer grote stofdoekpanelen en banieren, soms zelfs hangend aan
worden steeds vaker ook op hoge masten (reclamemasten) of aan
een zeppelin. Als voorbeeld de kerstmarkt in Maastricht: waar
blinde muren van een gebouw bevestigd.
vroeger kersttakken werden geplaatst om de aandacht te trekken,
domineren nu uitbundige sponsorreclames. Door het tijdelijke
Lichtmastreclame
karakter wordt vaak verzuimd een vergunning aan te vragen; en
Verlichte of onverlichte reclamebakken kunnen worden bevestigd
tegen de tijd dat van een handhavingactie sprake zou zijn is
aan een lichtmast. De lichtmasten bevinden zich meestal langs
Kerstmis voorbij!
grote doorgaande wegen. De reclames verwijzen soms naar bedrij-
ven in de omgeving maar vaak zijn het gewoon algemene reclame-
Steigerdoeken
uitingen. De gemeente bepaalt waar het mogelijk is de masten te
De laatste trend betreft de grote reclamedoeken die tijdelijk aan
plaatsen, en stelt daarbij regels op betreffende de veiligheid,
de gevel of op het steigerwerk waar een verbouwing wordt uitge-
vormgeving van zowel lichtmast als reclamebak. Sommige gemeenten
voerd, zijn bevestigd. Door hun afmeting, vaak tientallen meters
kiezen ervoor om dit type reclame uit te besteden aan één bedrijf.
breed en vele verdiepingen hoog, hebben deze enorme doeken een
Dit komt de uniformiteit ten goede.
groot, zij het tijdelijk effect, op de omgeving. De discussie hier-
over is volop gaande. Zelfs op internetsites spreken mensen zich
Reclame op terrasschermen en parasols
voor of tegen dit visuele geweld uit. Sommigen ervaren de doeken
Op terrassen bij horecagelegenheden wordt vaak gebruik gemaakt
door hun afmeting als kunst, anderen noemen het een schandelijke
van parasols, terrasschermen en ­ afscheidingen. De reclame-
aantasting van het historische karakter van bijvoorbeeld de bin-
uitingen hebben betrekking op het horecabedrijf zelf of de bier- of
nenstad van Amsterdam. Indruk maken ze in ieder geval, je kunt er
ijsleverancier.
niet om heen, en dat is wat elke reclamemaker zich wenst. De meeste
gemeenten zoeken nog naar argumenten om er voor of er tegen te
Reclame-uitingen op papierbakken, schakelkasten, haltepalen
zijn, waarbij de eventueel te bedingen opbrengsten in de sfeer van
Aan haltepalen bij bus en /of tramhaltes zijn ook vaak reclame-
leges en precario uiteraard ook een rol spelen.
objecten bevestigd, die soms ook `s nachts goed te zien zijn door de
toepassing van reflecterend materiaal. Een mededeling daarover is
te vinden op de Website van PK media: "Haltepalen zijn gedurende
lange tijd en in grote aantallen tegelijk aanwezig in het straat-
beeld. Ze realiseren daardoor een groot bereik met een hoge
contactfrequentie".
Mobiele reclameobjecten
Voertuigen kunnen voor reclamedoeleinden worden gebruikt door ze
met reclameafbeeldingen en teksten te beplakken of door (grote)
voorwerpen op het dak te plaatsen. Reclameobjecten kunnen ook op
een aanhangwagen worden gezet, die tijdelijk ergens wordt gepar-
keerd. De website van PK media: "Speciale aandacht verdient de
`mobile'. Een knalgele reclameauto met aan beide zijden een 20m²
bord. De `mobile' is ook actiematig inzetbaar en trekt met de bewe-
gende, kleurrijke en goedverlichte panelen continu de aandacht!
Als de `mobile' voorbij komt, staat iedereen er wel even bij stil!"

050:
`HALLÓ,
051:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
1. RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
1. RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
1.3
DOELSTELLINGEN EN EFFECT VAN RECLAME
Waar reclame-uitingen van invloed zijn op het karakter en de kwa-
liteit van de openbare ruimte is het gemeentebestuur ook partij.
Per dag worden we aan een grote hoeveelheid reclame blootgesteld.
Samengevat is het doel van gemeentebesturen het behouden of
Op straat, op televisie, in kranten en tijdschriften, het dagelijkse
creëren van een aantrekkelijke gemeente. Maar ze willen natuurlijk
leven is volgepropt met commerciële mededelingen, verleidingen,
ook graag bijdragen aan een vitaal en economisch renderend kli-
confrontaties, we worden er bewust en onbewust voortdurend mee
maat voor ondernemingen, en ten slotte kunnen gemeentebesturen
lastig gevallen.
een financieel belang hebben bij reclame-uitingen als die via leges
En het doel is altijd een boodschap zo duidelijk mogelijk en liefst
en precario geld opleveren.
met grote regelmaat overbrengen aan een gekozen doelgroep. Wat
vinden de leveranciers van reclameobjecten en hun opdrachtgevers
Hoewel het misschien een prachtig alternatief zou zijn voor de
daarbij van belang?
chaos die nu in veel winkelstraten van steden en dorpen is
ontstaan, zijn steden en dorpen zonder gevelreclames, vlaggen, en
Ten eerste moet een reclame opvallen. Dit kan op verschillende
lichtbakken ondenkbaar geworden. De openbare ruimte zou er kaal
manieren. De afmeting speelt een rol, hoe groter hoe duidelijker.
en vreemd uitzien zonder reclame-uitingen. Misschien zelfs wel kil
Maar ook door verlichting, het gebruik van opvallende kleuren en
en levenloos. De aanwezigheid van reclame geeft ook een bepaalde
afwijkende vormen of met bewegende objecten wordt de aandacht
logica aan de openbare ruimte: men begrijpt waar men zich bevindt,
getrokken. Ten tweede moet de reclame herkenbaar en gemakkelijk
waar welke soorten commerciële ondernemingen zijn gevestigd en
te begrijpen zijn. De toepassing van een steeds herhaalde huisstijl
waar niet. Dat draagt bij aan de gelaagdheid van de gebouwde om-
zorgt hiervoor. De plaatsing is ook van belang. In een straat waar
geving, aan de structuur van karakterverschillen tussen verschil-
vooral auto's passeren dient de reclame groot te zijn, en opge-
lende typen straten en pleinen, buurten en wijken. Wat is dan het
bouwd uit eenvoudige, snel te interpreteren beelden, zodat de
probleem? Waarom ervaren velen reclame in de openbare ruimte toch
boodschap in korte tijd wordt overgebracht. Ten derde: men moet
als iets negatiefs?
een reclamebeeld gemakkelijk kunnen onthouden. De boodschap moet
pakkend zijn en duidelijk.
Ten eerste staat reclamemaken vaak gelijk aan zoveel mogelijk
opvallen, "...halló, ben ik in beeld?" Dit houdt al snel in: groter
Bij de totstandkoming van reclame spelen verschillende partijen
zijn dan de rest, toepassing van felle kleuren, dominante verlich-
een rol. Allereerst is er de ondernemer die een product of dienst
ting, en liefst ook nog bewegend. Herrie en chaos. Als er al veel
wil verkopen aan een bepaalde klantengroep. Het imago dat hij wil
reclame-uitingen zijn, moet de volgende reclame nog groter, nog
uitstralen krijgt vorm in de wijze van reclame maken. Waar de ene
opvallender en nog opdringeriger. Het resultaat is een onbeheerste
onderneming alleen schreeuwt om aandacht, zal een andere onder-
wildgroei van reclames die elkaar overschreeuwen.
neming juist terughoudend en stijlvol zijn product willen aan-
prijzen. Ten slotte speelt de klant een rol. Hij wil weten waar wat
Ten tweede wordt lang niet altijd een deskundig ontwerper betrok-
wordt verkocht, hij wil in een prettige overzichtelijke veilige en
ken bij het ontwerp van de reclame. In een gemeentelijk reclame-
goed verzorgde omgeving verblijven.
beleid zou tot uitdrukking moeten komen aan welke kwalitatieve
eisen een reclame-uiting in de openbare ruimte op zichzelf en in
Een overvolle winkelstraat, waar geen oorspronkelijke gevel meer
relatie tot zijn omgeving zou moeten voldoen. Daarbij kan bijvoor-
zichtbaar is, waar chaos en onrust het beeld bepaalt, kan wel veel
beeld aan de orde komen op welke wijze een reclame-uiting
informatie bevatten over waar precies welke ondernemer zit, maar
geïntegreerd dient te zijn in het gevelbeeld en hoe de eventuele
van een stijlvolle en verzorgde omgeving is dan meestal geen
waardevolle karakteristiek daarvan in maat, schaal, ritme, kleur,
sprake meer. Blokker en C&A zijn vaak op grote afstand zichtbaar
materiaal en detaillering dient te worden gerespecteerd. Om
en ook de Hema en Mc Donalds zijn er in geslaagd om overal duide-
hieraan tegemoet te komen is het van belang dat er op een profes-
lijk te zijn over waar hun vestiging zich bevindt, vaak ook zonder
sionele manier aandacht wordt besteed aan de ontwerpopgave die
al te subtiel rekening te houden met de kwaliteit van de stedelijke
hierbij aan de orde is. Dat kan niet afgedaan worden door een
of landschappelijke omgeving. Die doet er niet zo veel toe, lijkt
klusjesman, een aannemer of door de eigenaar zelf. Bij nieuwbouw
het wel.
is het van belang dat de mogelijkheden van reclame-uitingen,

052:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
2.
HOOFDLIJNEN VAN WETGEVING EN
053
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
1. RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
REGELGEVING
in relatie tot de gevel, het gebouwvolume en het straatbeeld, al in
Om een reclame-uiting in de openbare ruimte
de ontwerpfase worden overwogen.
te plaatsen dient in de meeste gevallen een
Een derde punt heeft te maken met de structuur van panden en met
vergunning aangevraagd te worden. Soms zijn
de bijzondere karakteristiek in veel binnensteden: de begane grond
zelfs verschillende vergunningen nodig. Welke
wordt vaak geheel in beslag genomen door commerciële activiteiten
met een eigen programma en een eigen vormentaal, die zich geheel
vergunning wanneer moet worden aangevraagd
los ontwikkelt van de vorm en de sfeer van de hoger gelegen verdie-
is vastgelegd in wettelijke en gemeentelijke
pingen. Panden worden daardoor als het ware in twee autonome
delen geknipt, die zich geheel los van elkaar lijken te ontwikkelen.
regelgeving. We volgen in dit hoofdstuk de
Als de begane grond alle ruimte nodig heeft voor de commerciële
enigszins gecompliceerde structuur van
functie (winkel, horeca of anderszins) dan worden de verdiepingen
vaak afgesloten en nog slechts gebruikt voor opslag. Afgezien van
wet- en regelgeving voor reclameobjecten in de
het verlies aan potentiële woonruimte kan het resultaat nog ernsti-
openbare ruimte van algemeen naar specifiek.
ger zijn: grote reclamepanelen kunnen zonder hinder voor andere
functies alle verdiepingen gaan bedekken, ramen worden afgeplakt
of dicht geschilderd en er is nauwelijks nog noodzaak voor onder-
houd aan kozijnen of daken.
2.1
ALGEMEEN WETTELIJKE KADERS
Als deze ontwikkeling eenmaal in gang is gezet wordt meestal ook
2.2
GEMEENTELIJK RECLAMEBELEID
aan de gevel van de begane grond weinig aandacht besteed. Niet
2.3
BENODIGDE VERGUNNINGEN
alleen de vestigingen van grote landelijke winkelketens gaan soms
nogal bot met de gevels aan de straat om, maar ook bij kleine
winkeliers ontbreekt vaak enig besef van waardevolle ontwerp-
principes bij de inpassing een winkelpui in een gevelstructuur of
een straatbeeld. Een standaard aluminium pui of een etalage met
een slecht getimmerde luifel voor de eigen huisstijl in felle
kleuren op grote vlakken, ramen die worden afgeplakt met plakfolie,
een lichtbak erboven en wat extra vlaggen en banieren; het is
allemaal geen zeldzaamheid.
Het ontkennen van de oorspronkelijke architectonische structuur
en samenhang van geveldelen in combinatie met de kennelijk nauwe-
lijks te bedwingen behoefte om de concurrent te overschreeuwen,
leidt bijna overal tot chaotische, onaantrekkelijk winkelgebieden,
die lijken op vele andere winkelgebieden waar ook in Nederland:
karakterloos, slordig en steeds armoediger.

054:
`HALLÓ,
055:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
2. HOOFDLIJNEN VAN WETGEVING EN REGELGEVING
2. HOOFDLIJNEN VAN WETGEVING EN REGELGEVING
2.1
ALGEMEEN WETTELIJKE KADERS
reclame aan de gevel (al gelden hoogtematen voor het bouwen boven
de openbare ruimte ook voor reclameobjecten).
Er bestaat een zekere hiërarchie in wetgeving en regelgeving.
Wetten van hogere bestuursorganen wegen altijd zwaarder dan
Woningwet
wetten van lagere bestuursorganen, en die lagere wetgeving en de
In de Woningwet is vastgelegd wanneer wel of geen bouwvergunning
verordeningen die daar bij horen, mogen geen strijdigheden ople-
nodig is en volgens welke regels een bouwvergunning wordt toe-
veren met wetten van hogere bestuursorganen. Afstemming is een
gekend of afgewezen door het gemeentebestuur. Artikel 44 van de
delicate juridische aangelegenheid die zowel voor leken als voor
Woningwet geeft een dwingende en uitputtende opsomming van de
vakmensen onduidelijkheden en interpretatiemogelijkheden opleve-
toetsingsgronden voor een bouwvergunning. Deze toetsingsgronden
ren. Hieronder volgt een overzicht voor de wet- en regelgeving rond
zijn het Bouwbesluit, de Bouwverordening, het bestemmingsplan en
reclame-uitingen in de openbare ruimte. Het is aan te bevelen om in
`redelijke eisen van welstand'. Als een aanvraag in strijd is met
een gemeentelijke beleidsnota over reclame in de openbare ruimte
één van de voorschriften en regels, moet de bouwvergunning worden
in te gaan op de juridische basis van het voorgestelde beleid. Het
geweigerd. Deze uitputtende opsomming in de Woningwet betekent
overzicht dat nu volgt kan daarbij de leidraad zijn.
dat de in dat artikel genoemde toetsingsgronden de enige toet-
singsgronden voor een bouwvergunning zijn. Een bouwvergunning
Grondwet
mag dus niet om een andere reden worden geweigerd. Hierop geldt
Artikel 7 van de Grondwet regelt de vrijheid van meningsuiting.
een uitzondering. Als op grond van de Monumentenwet 1988 ook een
Lid 1 van dit artikel luidt: `Niemand heeft voorafgaand verlof
monumentenvergunning is vereist en deze is geweigerd, moet de
nodig om door de drukpers gedachten of gevoelens te openbaren,
bouwvergunning ook worden geweigerd.
behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet'.
Het ontwikkelen van een reclamebeleid voor reclame-uitingen in de
Belangrijke toetsingsgrond voor bouwvergunningen is het
commerciële sfeer is niet in strijd met dit wetsartikel. In artikel 7,
welstandtoezicht. Sinds 1 juli 2004 is de gemeente verplicht een
lid 4 van de Grondwet is namelijk geregeld dat de drukpersvrijheid
welstandsnota te hebben vastgesteld met daarin de criteria voor
niet van toepassing is op het maken van commerciële of handelsre-
welstandsbeoordeling. Heeft het gemeentebestuur geen welstands-
clame in de openbare ruimte. De wet bepaalt dat de overheid bij
beleid vastgesteld, dan heeft de gemeente geen recht om de
ideële reclame slechts voorwaarden mag stellen aan de versprei-
bouwvergunningsaanvraag te toetsen aan welstandscriteria. Dat
ding voor de bescherming van de openbare orde. Dit is geregeld in
betekent ook dat voor alle bouwvergunningplichtige plannen, dus
de zogenaamde Algemene Plaatselijke Verordening (APV) op grond
ook voor reclame-uitingen, de welstandscommissie haar advies uit-
van de Gemeentewet. Een gemeentelijk reclamebeleid, vastgelegd in
sluitend mag baseren op de welstandscriteria zoals die zijn opge-
een reclamebeleidsnota, kan dus alleen gericht zijn op commerciële
nomen in de Welstandbeleidsnota. Als een reclamebeleidsnota is
reclame-uitingen.
vastgesteld als onderdeel van een welstandsbeleid dan is dit be-
leid het toetsingskader voor welstand. Op deze manier kunnen alle
Wet op de ruimtelijke ordening (WRO)
bouwvergunningplichtige reclame-uitingen getoetst worden aan
Hoe overheden ruimtelijke plannen kunnen opstellen en wijzigen
specifieke richtlijnen voor reclame-uitingen in de openbare ruimte.
die bepalen hoe gebieden er nu of in de toekomst uit komen te zien,
wordt geregeld in de Wet op de Ruimtelijke Ordening. Deze wet be-
Monumentenwet
paalt de taken van de overheid en de rechten en plichten van bur-
In de Monumentenwet is vastgelegd dat voor elke ingreep aan een
gers, bedrijven en instellingen. Wie iets wil bouwen of verbouwen
monument een monumentenvergunning verplicht is. Dit kan een
krijgt te maken met de Wet op de Ruimtelijke Ordening. Voor de
gemeentelijk-, provinciaal of rijksmonument zijn. Belangrijkste
aanvraag van een bouwvergunning wordt een bouwplan getoetst aan
wijziging in de nieuwe Monumentenwet (1988) was de decentralisa-
het bestemmingsplan. Het bestemmingsplan omvat minimaal een om-
tie van het vergunningstelsel. Gemeenten, die binnen het kader van
schrijving van de in het plan opgenomen bestemmingen (voorschrif-
de Monumentenwet een eigen monumentenverordening vaststellen,
ten) en een plankaart met bijbehorende verklaringen waarop die
kunnen de vergunningverlenende bevoegdheid van de minister van
bestemmingen worden aangegeven. Veel bestemmingsplannen zijn op
OCW overnemen. Tevens is in de Monumentenwet bepaald, dat er
dit moment niet voorzien van een regeling voor het aanbrengen van
beschermde stads- en dorpsgezichten door de minister kunnen

056:
`HALLÓ,
057:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
2. HOOFDLIJNEN VAN WETGEVING EN REGELGEVING
2. HOOFDLIJNEN VAN WETGEVING EN REGELGEVING
worden aangewezen. De gemeente is vervolgens verplicht om voor
reclame-uiting is aan te merken als een bouwwerk in de zin van de
deze gebieden een bestemmingsplan op te stellen, waarin dan ook
Woningwet komt toetsing aan de APV niet meer in beeld. In deze
de nodige zaken aangaande de visuele kwaliteit geregeld kunnen
gevallen is een bouwvergunning nodig.
worden. Voor monumenten is een aparte monumentenvergunning
Uitstallingen zijn objecten op de weg geplaatst of boven de weg
nodig. Voor het slopen van panden die geen monument zijn maar wel
opgehangen, met het doel producten of diensten onder de aandacht
in een beschermd stads- of dorpsgezicht zijn gelegen is naast een
te brengen van het publiek, of de aandacht te vestigen op de ter
bouwvergunning alleen een sloopvergunning nodig.
plaatse gevestigde onderneming. Het gaat vaak om het uitstallen
van handelswaar, maar het kan ook gaan om objecten, materialen en
Wet milieubeheer
voorwerpen die een decoratieve of ondersteunende functie vervul-
Deze wet is van toepassing op bedrijven, bijvoorbeeld een horeca-
len. Voor uitstallingen, die niet als reclame worden gezien, zijn de
bedrijf of detailhandel. In de milieuvergunning van zo'n bedrijf
APV-richtlijnen in het kader van het uitstallingenbeleid van toe-
kunnen voorschriften over hinder van terrein- en reclameverlich-
passing.
ting worden opgenomen. Deze voorschriften vinden hun oorsprong
Reclame op terrasschermen en parasols, die onderdeel uitmaken van
in een Algemene Maatregel van Bestuur op grond van de Wet Milieu-
terrassen, kunnen vallen onder de APV-regeling voor een terras-
beheer.
vergunning, waarbij bepaald kan worden dat de reclame-uitingen
moeten voldoen aan welstandscriteria zoals opgenomen in een
Provinciale verordening
welstandsbeleidsnota.
Voor alle reclame-uitingen buiten de bebouwde kom is een provin-
ciale ontheffing nodig. De toetsingscriteria hiervoor staan be-
Privaatrechtelijke overeenkomsten
schreven in provinciale verordeningen, zoals de Landschaps-
In het voorgaande werd een overzicht gegeven van zogenaamde
verordening Zeeland 2001, Verordening bescherming landschap en
publiekrechtelijke regels. Het gemeentebestuur kan ook privaat-
natuur Zuid-Holland en de Provinciale Verordening Opschriften en
rechtelijke overeenkomsten aangaan voor zover de gemeente eigen-
Opslag Noord-Holland. Deze verordeningen beogen het landschap
aar is van grond of gebouwen. Voor het te voeren beleid is de
te beschermen tegen opschriften, aankondigingen en afbeeldingen.
contractvrijheid naar burgerlijk recht volgens boek 6 art.1 BW
Uitgangspunt is dat elk opschrift, aankondiging en afbeelding of
bepalend. Dit artikel vermeldt dat alle verbintenissen òf uit een
constructie daarvoor in principe een aantasting van het land-
overeenkomst òf uit de wet ontstaan. Dit impliceert dat de gemeente
schapsschoon betekenen.
vrij is al dan niet een verbintenis aan te gaan, voor zover dat niet
door de wet wordt geregeld. De gemeente is dus niet verplicht een
Gemeentelijk beleid geldt in het buitengebied alleen als de aan-
(reclame)overeenkomst aan te gaan indien dit niet in haar beleid
vraag bouwvergunningsplichtig is. Hiervoor moet bij de gemeente
zou passen.
een bouwvergunningaanvraag worden ingediend. De gemeente heeft
Een gemeentebestuur kan reclame-uitingen, geplaatst op gronden
dan haar eigen verantwoordelijkheid, waardoor het besluit wel of
waarvan zij eigenaar is, op basis van het eigendomsrecht verwijde-
geen bouwvergunning te verlenen los staat van het besluit van de
ren, mits voldoende recht wordt gedaan aan de algemene beginselen
provincie om de ontheffing wel of niet te verlenen.
van behoorlijk bestuur bij de uitoefening daarvan.
Algemene Plaatselijke Verordening (APV) volgens de Gemeentewet
De Algemene Plaatselijke Verordening kan verschillende regelin-
gen bevatten, die relevant zijn voor het plaatsen van reclame-
objecten: de regeling voor een reclamevergunning, de regeling voor
gebruik van de uitstallingen en de regeling voor exploitatie-/
terrasvergunningen.
Voor reclame-uitingen, die niet als bouwwerk zijn aan te merken, is
in de APV een artikel opgenomen met daarin de verplichting tot een
reclamevergunning. Daarbij is ook vaak aangegeven welke reclame-
uitingen vrijgesteld zijn van een reclamevergunning. Als een

058:
`HALLÓ,
059:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
2. HOOFDLIJNEN VAN WETGEVING EN REGELGEVING
2. HOOFDLIJNEN VAN WETGEVING EN REGELGEVING
2.2
GEMEENTELIJK RECLAMEBELEID
criteria bevatten vaak duidelijke regels, per gebied opgesteld.
Een gebruikelijke gebiedsindeling is: woongebieden ­ winkelgebie-
Binnen het kader van algemene wettelijke regelgeving krijgt een
den ­ bedrijventerreinen ­ sportterreinen. Daarbij worden er, in
aanvrager te maken met specifiek gemeentelijke beleid. In dit
het geval dat er monumenten in de gemeente aanwezig zijn, regels
beleid worden richtlijnen en criteria vastgesteld aan de hand
opgesteld voor reclame-uitingen in, op en bij monumenten en
waarvan het gemeentebestuur kan beoordelen of een reclameaan-
beschermd stads- en dorpsgezicht. Het beleid van de gemeente
vraag toelaatbaar is. Er zijn verschillende typen beleidsstukken
Alkmaar is een inzichtelijk voorbeeld. Daarbij zijn in het beeld-
waarin de criteria opgenomen kunnen zijn. Het kan gaan om een
kwaliteitplan van de binnenstad nog extra welstandscriteria
welstandsbeleidsnota en beeldkwaliteitplannen voor bepaalde
opgenomen voor reclame-uitingen.
gebieden, mits door de gemeenteraad vastgesteld als gemeentelijke
Een derde type criteria zijn de gebiedsgerichte criteria. Wanneer
beleidsregel, of om een algemene reclamebeleidsnota.
een reclameaanvraag niet voldoet aan de sneltoetscriteria dient de
ambtenaar het plan voor te leggen aan de welstandscommissie. De
Welstandsbeleid
commissie bekijkt of het plan mag afwijken van de sneltoetscriteria
Sinds 1 juli 2004 is de gemeente verplicht de welstandsnota te
aan de hand van de gebiedsgerichte criteria. Het is ook mogelijk
hebben vastgesteld. Is dit niet gebeurd dan heeft de gemeente geen
dat er geen sneltoets- en objectcriteria zijn opgesteld maar alleen
recht op het uitvoeren van welstandstoezicht. De beleidsregels voor
gebiedsgerichte criteria. De reclameaanvraag wordt in dit geval
reclame-uitingen kunnen worden vastgesteld aan de hand van snel-
altijd aan de welstandscommissie voorgelegd. In het geval dat de
toetscriteria, objectgerichte criteria of gebiedsgerichte criteria.
gebiedsgerichte criteria niet afdoende zijn om het plan te beoorde-
Het komt ook voor dat er geen regels zijn opgenomen voor reclame-
len worden de algemene criteria toegepast.
uitingen. In dit geval dienen de algemene criteria gehanteerd te
worden.
Reclamebeleidsnota
In het geval dat er sneltoetscriteria zijn opgenomen voor reclame-
Gemeentelijk reclamebeleid wordt veelal vastgelegd in een sepa-
uitingen, kan een aanvraag ambtelijk worden afgehandeld. Een
rate reclamenota. De beleidsprincipes, die in dergelijke beleids-
aanvraag dient voor een positieve beoordeling te voldoen aan de
stukken worden vastgelegd, krijgen een bindende status door ze
gestelde criteria. Hierbij worden o.a. eisen gesteld aan de plaat-
als beleidsregels integraal of op hoofdlijnen op te nemen in de
sing, de algemene vormgeving en het aantal reclame-uitingen.
welstandbeleidsnota. Voor deze reclamebeleidsregels gelden dan
Wanneer de reclameaanvraag niet voldoet aan de gestelde snel-
dezelfde eisen als voor de welstandsnota: vaststelling in de vorm
toetscriteria of er is sprake van een bijzondere situatie waarbij
van beleidsregels door de gemeenteraad en inspraak conform de
twijfel bestaat aan de toepasbaarheid van deze criteria, dan wordt
gemeentelijke inspraakverordening.
het plan voorgelegd aan de welstandscommissie.
De opbouw van een reclamenota blijkt in veel gemeenten identiek
De commissie past naast de sneltoetscriteria ook de gebieds-
te zijn maar ze zijn nogal verschillend qua gedetailleerdheid en
gerichte criteria toe.
qua vrijheid die wordt toegelaten. Ook de duidelijkheid in de vorm
van illustraties, verklarende teksten, gebruik van getallen en
Het verschilt per gemeente hoe uitgebreid en specifiek deze
percentages voor maatvoering, typologie van objecten wordt in
criteria zijn opgesteld. Zo zijn voor de gemeente Langedijk snel-
verschillende nota's op een verschillend niveau uitgewerkt. Aan
toetscriteria voor reclames vastgelegd waarbij onderscheid wordt
het slot van dit boek is een model opgenomen waarmee gemeenten
gemaakt tussen reclames aan de gevel en reclames los van de gevel.
een eigen reclamebeleidsnota kunnen opstellen.
Een veel specifieker voorbeeld is het beleid van de gemeente
Heemstede. De sneltoetscriteria zijn gebaseerd op de in de nota
`Reclame in Heemstede' (1999) geformuleerde beleidsregels. Per ge-
bied wordt uitgebreid beschreven wat wel en wat niet mogelijk is.
Wanneer de gemeente ervoor heeft gekozen om de reclamecriteria
onder de objectgerichte criteria op te nemen dan dient de aanvraag
altijd door de welstandscommissie te worden beoordeeld. De object-

060:
`HALLÓ,
061:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
2. HOOFDLIJNEN VAN WETGEVING EN REGELGEVING
2. HOOFDLIJNEN VAN WETGEVING EN REGELGEVING
2.3
BENODIGDE VERGUNNINGEN
de grond verbonden is, of steun vindt in of op de grond. Mobiele
reclame met enige omvang met een permanent karakter wordt ook
Vanuit het wettelijke kader en het gemeentelijke reclamebeleid kan
gezien als een bouwwerk ingevolge de Woningwet. Of een bouwplan
men bij het plaatsen van een reclame-uiting in de openbare ruimte
vergunningplichtig of ­vrij is wordt bepaald in de Algemene
met drie soorten vergunningenstelsels te maken krijgen.
Maatregel van Bestuur `Besluit bouwvergunningvrije en licht-
In eerste instantie geldt dat er een reclamevergunning nodig is,
bouwvergunningplichtige bouwwerken' (AMvB).
gebaseerd op de Algemene Plaatselijke Verordening (APV), tenzij
het betreffende object uit hoofde van de Woningwet bouwvergun-
Bij een bouwvergunningaanvraag wordt het bouwwerk getoetst aan
ningsplichtig is. In deze gevallen is een bouwvergunning nodig die
het Bouwbesluit, de gemeentelijke bouwverordening, het bestem-
gebaseerd is op de Woningwet. Wanneer het om een reclame in of
mingsplan en redelijke eisen van welstand. Als blijkt dat geen
aan een monument of in een beschermd stads- of dorpsgezicht gaat,
bouwvergunning nodig is, dan hoeft het bouwplan dus niet vooraf
moet ook een monumentenvergunning aangevraagd worden uit hoofde
door de gemeente getoetst te worden. De gemeente kan echter ook
van de Monumentenwet. Burgemeester en wethouders beslissen uit-
altijd achteraf een eigenaar van een reclame-uiting aanzetten om
eindelijk over de aanvragen.
eventueel gebleken strijdigheden met het Bouwbesluit op te heffen.
Een bouwvergunningvrij bouwwerk mag ook achteraf niet in
Provinciale Ontheffing
ernstige mate in strijd zijn met redelijke eisen van welstand.
Voor alle reclame-uitingen buiten de bebouwde kom is een
Wanneer precies sprake is van een reclame, die in ernstige mate
provinciale ontheffing nodig. Voor Zeeland, Zuid-Holland en Noord-
strijdig is met redelijke eisen van welstand, wordt bepaald aan
Holland staan de toetsingscriteria hiervoor beschreven in respec-
de hand van de richtlijnen in een reclamebeleidsnota of in een
tievelijk de Landschapsverordening Zeeland 2001, Verordening
welstandsbeleidsnota onder de titel van een zogenaamde excessen-
bescherming landschap en natuur Zuid-Holland en Provinciale
regeling. Daarmee kan ook achteraf worden ingegrepen.
verordening Opschriften en Opslag Noord-Holland. Met deze
verordeningen wordt beoogd het landschap te beschermen tegen
Monumentenvergunning
opschriften, aankondigingen en afbeeldingen. Uitgangspunt is dat
Voor reclameobjecten op geregistreerde monumenten is naast de
elk opschrift, aankondiging en afbeelding of constructie daarvoor,
reclame- of bouwvergunning ook een monumentenvergunning vereist.
in principe, een aantasting van het landschapsschoon betekenen.
Dit betekent dat in die gevallen ook wordt beoordeeld in hoeverre
de monumentale waarde van het pand beïnvloed wordt door een re-
Reclamevergunning
clame-uiting. Deze beoordeling vindt plaats op basis van de zoge-
In beginsel is een reclamevergunning nodig voor reclame-uitingen
naamde redengevende omschrijving van het monument. Voor
die zichtbaar zijn vanaf de openbare weg of vanaf een andere voor
rijksmonumenten adviseert de Rijksmonumentencommissie over de
het publiek toegankelijke plaats. Deze vergunningplicht voor
aanvraag. Voor provinciale monumenten adviseert de provinciale
reclame-uitingen is geregeld in de APV. De APV heeft echter alleen
monumentencommissie daarover en voor gemeentelijke monumenten
betrekking op de reclame die niet vallen onder de bouwvergunning-
adviseert de monumentencommissie.
plicht (zoals een reclame die niet tegen een bouwwerk is aange-
Door de registratie van een monument als Rijksmonument, provin-
bracht en niet een bouwwerk is). Uit jurisprudentie blijkt dat de
ciaal monument of gemeentelijk monument is vastgelegd dat een
APV geen rechtsgrond mag zijn voor reclame-uitingen waarvoor een
bepaald pand en de omgeving een waardevol cultuurhistorisch
bouwvergunning nodig is, omdat daarop een hogere wet (Woningwet)
karakter heeft dat beschermd moet worden. Het is dan van groot
van toepassing is. Een reclamevergunning is dus alleen nodig voor
belang dat reclameobjecten op een harmonieuze manier opgenomen
de reclame-uitingen die geen bouwwerk zijn volgens de Woningwet!
worden in de architectuur van het pand of daartoe zelfs aan bij-
dragen. In een reclamebeleidsnota dienen voor monumenten en
Bouwvergunning
beschermde stads- en dorpsgezichten specifieke richtlijnen
Als een reclame-uiting is aan te merken als bouwwerk, is een
opgenomen te worden.
bouwvergunning vereist. Onder `bouwwerk' wordt verstaan elke
constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander
materiaal, die op de plaats van bestemming direct of indirect met

062:
`HALLÓ,
063:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
2. HOOFDLIJNEN VAN WETGEVING EN REGELGEVING
2. HOOFDLIJNEN VAN WETGEVING EN REGELGEVING
Benodigdheden voor een vergunningaanvraag
Zoals aangegeven ligt de grondslag van het beoordelingskader
Voor het verkrijgen van een besluit over de toelaatbaarheid van
voor een reclamevergunning in de APV. Op basis daarvan zal
een reclame-uiting kan gebruik gemaakt worden van bij de gemeente
worden beoordeeld op verkeersveiligheid, overlast en uiterlijke
verkrijgbare formulieren. Voor bouwwerken gaat het om een aan-
verschijningsvorm. Daarnaast mag het aanbrengen van reclame-ui-
vraagformulier voor bouwvergunningen. De aanvraag moet voldoen
tingen niet strijdig zijn met enige andere vastgestelde verordening
aan de wettelijke vereisten voor het aanvragen van een vergunning,
of beleid (bestemmingsplan, bouwverordening, precarioverordening,
en daarbij moeten ten minste de volgende gegevens worden
terrassenbeleid etc.)
geleverd:
De formele afhandeling van de aanvraag voor een reguliere
­
kadastrale aanduiding van de locatie van de reclame;
bouwvergunning duurt maximaal 12 weken met de mogelijkheid tot
­
tekeningen van het gevelaanzicht, de plaatsing daarop van de
verdaging van ten hoogste nog eens 6 weken als burgemeester en
reclame en de maten;
wethouders daar toe besluit en goedkeuring heeft gekregen van de
­
tekeningen en/of foto's van de straatwand en/of de omgeving,
gemeenteraad.
inclusief de in de nabijheid gelegen bouwwerken, voorzover
Uitzondering daarop zijn op de grond staande reclamezuilen.
nodig ter beoordeling van het uiterlijk van de reclame in
Hiervoor is een lichte bouwvergunningprocedure met een afhande-
verband met de omgeving;
lingtermijn van 6 weken van toepassing. De aanvraag voor een
­
een situatietekening van het gebouw of bouwwerk waaraan de
bouwvergunning wordt getoetst aan het Bouwbesluit, de bouw-
reclame wordt bevestigd of van het terrein waarop de reclame
verordening, het bestemmingsplan en redelijke eisen van welstand.
wordt geplaatst;
In eerste instantie zal bepaald worden welke vergunning nodig is.
­
de bestemmingen per bouwlaag van het gebouw waaraan de
Vervolgens wordt de vergunningaanvraag in twee fasen in behande-
reclame wordt aangebracht;
ling genomen.
­
een ontwerptekening van de eigenlijke reclame waarop de vorm,
Ambtelijk zal de aanvraag voor een vergunning getoetst worden aan
tekst, kleurnummering, materiaal, constructie en maat duidelijk
de concrete richtlijnen die betrekking hebben op het aantal, de
zijn weergegeven;
plaatsing en maatvoering van de reclame. Dit wordt in eerste aan-
­
bij lichtreclame een opgave van de lichtsterkte en tijdsduur
leg gedaan door een medewerker van de afdeling bouw- en woning-
waarin de verlichting brandt;
toezicht. Aanvragen die niet voldoen aan de richtlijnen worden in
­
de naam en het correspondentieadres van de melder, van de
overleg met de aanvrager buiten beschouwing gelaten. Gaat de
eigenaar en van de gebruiker van het bouwwerk waaraan de
aanvrager niet akkoord dan zal de aanvraag ter advies aan de
reclame wordt aangebracht of van de gronden waarop de reclame
welstandscommissie worden voorgelegd.
wordt geplaatst.
Als er sprake is van een ambtelijke toets met een positief resultaat
zal de aanvraag worden voorgelegd aan de welstandscommissie, die
Voor het verkrijgen van een bouwvergunning is de aanvrager leges
een advies uitbrengt over het uiterlijk van de reclame, zowel op
verschuldigd. Daarnaast kan er sprake zijn van reclame- of preca-
zich zelf staand als in relatie met de omgeving of de te verwachten
riorechten die als belasting wordt geheven. Precariorechten zijn
ontwikkeling daarvan. De welstandscommissie hanteert daarvoor de
belastingen voor het gebruik van gemeentegrond, bijvoorbeeld voor
omschrijvingen zoals vastgelegd in een welstandsbeleidsnota en/of
terrassen, uithangborden, kramen e.d.
in een door de gemeenteraad vastgesteld reclamebeleid. De commis-
sie adviseert vervolgens aan het college of de reclame-uiting
Procedures
strijdig is met redelijke eisen van welstand.
De termijn waarbinnen de aanvraag voor een reclamevergunning
(geen bouwwerk zijnde) moet zijn behandeld bedraagt in beginsel 4
Overgangs- en stimuleringsregelingen
weken, tenzij sprake is van onvoorziene omstandigheden waardoor
Als de richtlijnen en criteria voor de toelaatbaarheid van
de beschikking niet binnen die termijn kan worden afgegeven.
reclame-uitingen zijn vastgelegd, dan kunnen nieuwe aanvragen en
In dat geval wordt de aanvrager daarvan schriftelijk in kennis
ook veranderingen aan bestaande reclames getoetst aan deze richt-
gesteld met vermelding van een redelijke termijn waarbinnen de
lijnen. Datzelfde geldt ook voor nu al aanwezige reclame zonder
vergunning wel tegemoet kan worden gezien (artikel 4:14 Awb).
vergunning. Voor bestaande reclames mét een vergunning die niet

064:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
3.
VERKENNING IN DE PRAKTIJK
065
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
2. HOOFDLIJNEN VAN WETGEVING EN REGELGEVING
passen binnen nieuw beleid kan een overgangstermijn gehanteerd
In februari 2004 hebben alle gemeenten in
worden van bijvoorbeeld 5 jaar vanaf de datum van vaststelling
Noord-Holland een brief ontvangen. Hierin werd
van het reclamebeleid. Na die overgangsperiode dienen ook deze
reclames te voldoen aan de nieuwe richtlijnen. Voor bestaande
gevraagd of men bereid was mee te werken aan
reclames valt altijd wel te verwachten dat er binnen enkele jaren
een onderzoek naar het gemeentelijk reclame-
veranderingen plaats zullen vinden. Winkels verplaatsen en
verouderde reclame-uitingen worden vervangen. In de praktijk
beleid in Noord-Holland. Bijgevoegd was een
blijkt dat reclameobjecten gemiddeld binnen een periode van drie
enquête formulier met het verzoek deze ingevuld
tot vijf jaar gewijzigd of vervangen worden. Dit heeft als gevolg
dat een nieuwe vergunning moet worden aangevraagd, zodat de
terug te sturen samen met de relevante reclame-
nieuwe regels toegepast kunnen worden. De verwachting is dan ook
beleidsstukken. 47 van de 56 aangeschreven
dat het grootste deel van de bestaande, onder een vorig regiem
legale reclames binnen een periode van vijf jaar vervangen zijn
gemeenten hebben hier gehoor aan gegeven. De
door reclameobjecten die voldoen aan nieuwe richtlijnen. Is dat
hierna volgende resultaten zijn dus gebaseerd
niet het geval dan kan de gemeente overgaan tot bestuursrechte-
lijke maatregelen.
op antwoorden op de vragen èn op een analyse
van de ingezonden beleidsdocumenten.
Ondernemers die in het verleden een vergunning hebben
gekregen, die niet voldoet aan nieuwe richtlijnen voor reclame,
kunnen worden gestimuleerd om hun reclame aan te passen, door
een financiële tegemoetkoming in het vooruitzicht te stellen: een
3.1
RESULTATEN VAN DE ENQUÊTE
subsidieregeling in de vorm van een verordening, met daarin de
3.2
AANBEVELINGEN VOOR SUCCESVOL BELEID
criteria en het maximaal ter beschikking te stellen subsidie-
bedrag.
Om direct na het vaststellen van nieuwe regels voor de toelaat-
baarheid van reclame-uitingen een start te kunnen maken met de
implementatie ervan, kan een bedrag ter beschikking gesteld wor-
den voor gewenste aanpassingen. Door zo'n regeling kan wellicht
al binnen een termijn van enkele jaren resultaat van beleid
zichtbaar worden in de vorm van een rustiger en aantrekkelijker
straatbeeld.

066:
`HALLÓ,
067:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
3. VERKENNING IN DE PRAKTIJK
3. VERKENNING IN DE PRAKTIJK
3.1
RESULTATEN VAN DE ENQUÊTE
B&W en de welstandscommissie betrokken bij de ontwikkeling van
het reclamebeleid. In een workshop werd aan de hand van foto's van
De meeste gemeenten hebben de gemeentelijke regelgeving voor
bestaande reclames, gevraagd wat men toelaatbaar vond en wat
reclames vastgelegd in de APV volgens het model daarvoor van de
niet.
VNG. Een klein aantal gemeenten hebben een eigen APV en er zijn
gemeenten met een zelfstandige reclameverordening. Van de 47 ge-
Volgens de enquête treedt het grootste deel van de gemeenten
meenten hebben slechts 17 gemeenten een reclamenota. Er bestaan
alleen op bij ernstige overschrijdingen. Twaalf gemeenten beweren
uitgebreide, gedetailleerde en algemeen geldende beleidsstukken,
altijd op te treden ook bij kleine overtredingen. Opvallend is dat
zoals de `Reclamenota van Heerhugowaard', en soms gaat het om
Bloemendaal als enige gemeente bekent dat het beleid eigenlijk al-
heel toegespitste richtlijnen bijvoorbeeld voor `Lichtreclame in de
leen op papier staat, van strakke toetsing en feitelijke handhaving
binnenstad' van Weesp.
komt weinig terecht. Ook Graft-de-Rijp, Heiloo en Edam-Volendam
Vrijwel alle gemeenten hebben sneltoetscriteria opgenomen in de
en Stedebroec geven aan niet genoeg personeel in dienst te hebben
welstandsnota. Hierbij wordt veelal een standaard tekst gebruikt,
om de handhaving daadwerkelijk uit te voeren.
waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen twee categorieën; gevel-
reclame in het vlak van de gevel en gevelreclames los van de gevel.
De meeste gemeenten met een expliciet reclamebeleid zijn toch
In drie gemeenten zijn de regels uitgewerkt volgens een gebiedsin-
positief over de resultaten. De regels worden veelal wel opgevolgd
deling. Slechts drie gemeenten, Alkmaar, Waterland en Zandvoort,
en ze hebben een positief effect op de openbare ruimte. Een aantal
maken gebruik van gedetailleerde objectcriteria voor reclames.
gemeenten doet daar nog maar geen uitspraak over, omdat er door
de korte tijdsduur sinds de vaststelling van het reclamebeleid nog
Alkmaar valt op met een bijzonder uitgebreid beleidsstuk. Per
geen duidelijk effect merkbaar is. Drie gemeenten (Wester-Koggen-
gebied worden de regels duidelijk aangegeven. Voor de binnenstad
land, Muiden en Edam-Volendam) geven aan ontevreden te zijn over
is ook een beeldkwaliteitplan opgesteld met uitgebreide reclame-
het gevoerde beleid. De regels zijn volgens de betrokken ambtenaar
paragrafen. Het zijn vooral de grotere gemeenten met een inwoners-
te ruim en worden onvoldoende opgevolgd.
aantal boven de 10.000 die aandacht hebben besteed aan het
reclamebeleid: Alkmaar, Amsterdam centrum, Amsterdam Oud Zuid,
en Amsterdam de Baarsjes, Haarlem, Heerhugowaard, Heemstede,
Hoorn, Huizen, Laren, Purmerend, Schagen en Texel. Hieruit blijkt
wel dat het onderwerp van belang wordt gevonden en ook dat een
zekere regulering door de lokale overheid veelal onbetwist is. Bij
het ontwikkelen van het beleid wordt tweemaal gebruik gemaakt van
ervaringen elders. De stad Alkmaar verwijst in zijn beleidsnota
naar Maastricht en Hoorn maakte gebruik van de ervaringen in
Purmerend.
Hoorn en Heemstede geven als enige twee steden aan de onderne-
mers nauw te hebben betrokken bij ontwikkelen van het reclamebe-
leid. Laren geeft aan dat er een uitgebreide
voorbereidingsprocedure aan de totstandkoming vooraf is gegaan.
Bij vier andere plaatsen (Amsterdam Goudsmid, Laren, Alkmaar en
Huizen) wordt dit op indirecte wijze gedaan door de ondernemers
uit te nodigen voor de inspraakavond van de welstandsnota of via
de KvK.
Het uitnodigen van ondernemers bij een inspraakavond blijkt niet
garant te staan voor een beter beleid: de opkomst is vaak minimaal.
Heerhugowaard heeft niet de ondernemers maar het College van

068:
`HALLÓ,
069:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
3. VERKENNING IN DE PRAKTIJK
3. VERKENNING IN DE PRAKTIJK
3.2
AANBEVELINGEN VOOR SUCCESVOL BELEID
Samenwerking met ondernemers
Ondernemers worden slechts bij uitzondering betrokken bij de
Uit alles blijkt dat succesvol beleid niet alleen afhangt van de
ontwikkeling van een nieuw reclamebeleid. Op hier en daar een en-
kwaliteit van het geschreven beleid. Dat is wel de basis maar het
kele inspraakavond na, wordt veelal weinig gecommuniceerd met de
is slechts het begin. Het gaat daarna om een combinatie van
direct betrokkenen. En zelfs daar wordt dan geconstateerd dat de
factoren, waarin bepaald wordt of en in welke mate een gemeente-
belangstelling gering is totdat, natuurlijk, de eigen reclame of die
lijk reclamebeleid daadwerkelijk resultaat heeft.
van de buurman, in het geding is, dan blijkt de belangstelling
ineens heel groot.
Gebiedsgericht en integraal reclamebeleid
Uit de enquête blijkt dat veel gemeenten in het welstandsbeleid
Aanbeveling
sneltoetscriteria voor de toetsing van reclameobjecten door
Omdat commerciële ondernemers de belangrijkste partij zijn, is het van
welstandscommissies hebben vastgelegd. Dat is een positieve ont-
belang om hen, bij voorkeur via vertegenwoordigende organisaties, in een
wikkeling, maar dergelijke criteria kunnen alleen van toepassing
vroeg stadium te betrekken bij de analyse, de ideeontwikkeling, de beleids-
zijn op reclame-uitingen die als bouwwerk zijn aan te merken. Het
vaststelling èn wellicht zelfs ook bij de handhaving. Een positieve instel-
is ook de vraag hoe dergelijke welstandscriteria actief kunnen
ling ten aanzien van het beleid en het besef dat een verzorgde openbare
worden ingezet in actieve aanpak van reclame-uitingen specifieke
ruimte in het belang is van de ondernemer zelf, geeft het reclamebeleid
buurten, of straten. Daar lenen dergelijke, nogal algemeen
meer kans van slagen.
gestelde, sneltoetscriteria zich niet voor.
Afspraken tussen ondernemers onderling, bijvoorbeeld in een zelfde straat,
bevorderen de eigen verantwoordelijkheid. Door het organiseren van
Aanbeveling
discussieavonden kan dit worden geëffectueerd. Daarnaast dienen onderne-
Het opnemen van zowel object- als gebiedsgerichte criteria in een wel-
mers altijd goed op de hoogte te worden gehouden door de gemeente. Door
standsbeleidsnota kan een positief effect hebben op de regulering van re-
het verspreiden van folders met verhelderende illustraties kan duidelijk-
clame-uitingen in de openbare ruimte. Per gebied worden regels opgesteld
heid worden verschaft waardoor onaangename verrassingen worden voorko-
waardoor het globale karakter van de regels wordt vermeden. Het wordt zo
men. Tot slot kan het streven naar meer kwaliteit gestimuleerd worden door
voor de aanvrager duidelijk welke regels van toepassing zijn.
het uitschrijven van een prijsvraag en het uitreiken van jaarlijkse prijzen
Het opstellen van een integrale reclamebeleidsnota, die van toepassing
voor de beste winkelpui. Zo organiseert de Historische Vereniging in
wordt verklaard of deel uitmaakt van het welstandsbeleid, lijkt echter een
Alkmaar een jaarlijkse puienwedstrijd met een zogenaamde `puienprijs',
betere weg, omdat er dan een samenhangend beleidskader ontstaat, waarin
waarbij een belangrijk punt van beoordeling is: de integratie van de
alle principes en regels voor reclame-uitingen zijn opgenomen. Onderne-
reclame in het ontwerp van de gevel.
mers hebben voor het plaatsen van reclame slechts met één beleid en vaak
ook met één aanspreekpunt te maken. Dit schept voor zowel de gemeente als
Bevorderen van een politiek draagvlak
voor ondernemers duidelijkheid.
Bij enkele grotere gemeenten zoals Alkmaar en Haarlem heeft het
Om een integraal reclamebeleid mogelijk te maken moet in de APV voor niet
reclamebeleid de laatste jaren duidelijk prioriteit op de politieke
bouwwerk zijnde reclame-uitingen, waarvoor alleen een reclamevergunning
agenda gekregen. Met een uitgebreide reclamebeleidsnota en een
nodig is, een verwijzing worden opgenomen naar de reclamebeleidsnota. Uit
daadkrachtige handhaving wordt het resultaat in de openbare
jurisprudentie blijkt dat de APV geen rechtsgrond mag zijn voor reclame
ruimte langzaam duidelijk. Of een gemeente ook altijd consequent
waarvoor een bouwvergunning nodig is, omdat daarop een hogere wet
en objectief oordeelt over reclamevoorstellen wordt in dit onder-
(Woningwet) van toepassing is. Voor de wel bouwwerk zijnde reclame-
zoek niet duidelijk. Dit is moeilijk te achterhalen omdat een
uitingen, waarvoor een bouwvergunning nodig is, kan de reclamenota vast-
gemeente niet snel zal toegeven dat de ontwikkeling van reclame in
gesteld worden als onderdeel van de Welstandsnota conform artikel 12 van
de openbare ruimte niet onder controle is.
de Woningwet. Dit is een puur op juridische gronden vereiste afbakenings-
In kleinere gemeenten wordt aan reclamebeleid meestal maar weinig
bepaling. Op deze manier is de toetsing aan redelijke eisen van welstand
aandacht besteed. Oorzaak hiervan is soms een gebrek is aan
door middel van de reclamebeleidsnota voor alle reclamevormen (bouwwerk
gekwalificeerd personeel, maar soms is een gedetailleerd reclame-
of niet) juridisch vastgelegd.
beleid ook gewoon minder nodig omdat er nauwelijks commerciële
activiteiten plaatsvinden.

070:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
4.
STAPPENPLAN VOOR HET OPSTELLEN
071
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
3. VERKENNING IN DE PRAKTIJK
VAN EEN RECLAMEBELEID
Het komt regelmatig voor dat een ketenbedrijf beweert niet af te
Een stappenplan voor de ontwikkeling van een
mogen wijken van een bepaalde huisstijl. Maar zelfs een bedrijf als
reclamebeleid bestaat meestal uit drie fasen:
Mac Donald's past zich soms aan als de regels duidelijk zijn.
Het politieke draagvlak is uiteindelijk bepalend voor het slagen
inventarisatie en analyse, opstellen van beleid
van het reclamebeleid. Wanneer het College van B&W geen prioriteit
en de vaststelling van de nota. Maar vervolgens
geeft aan een degelijk reclamebeleidsstuk dan zal er ook geen geld
voor vrijgemaakt worden. Dit geldt ook voor informatieverstrekking
zijn de beleidsuitvoering, waaronder communi-
en handhaving.
catie met de direct betrokkenen en de hand-
Even belangrijk als een ambitieus College van B & W is de ambte-
lijke organisatie dat het reclamebeleid moet effectueren. De be-
having, net zo belangrijk als het opstellen van
trokkenheid en het enthousiasme van de ambtelijke secretaris van
een reclamebeleidsnota. We volgen hierna het
de welstandscommissie en van de handhavingsambtenaren zijn
doorslaggevend voor het succes van het reclamebeleid.
hele traject.
Aanbeveling
Essentieel voor het succes van reclamebeleid is het politieke en maat-
4.1
INVENTARISATIE EN ANALYSE
schappelijke draagvlak. Daar moet heel expliciet aan gewerkt worden, via
4.2
HET PRINCIPE VAN GEBIEDSGERICHT BELEID
een perscampagne, via goede voorlichting en via periodiek overleg met
4.3
STRUCTUUR VAN EEN RECLAMEBELEIDSNOTA
direct betrokkenen. Door consequent handelen van de politiek wordt duide-
4.4
DE VASTSTELLING VAN RECLAMEBELEID
lijkheid verschaft en zullen bedrijven zich eerder aanpassen aan de eisen
4.5
COMMUNICATIE MET ONDERNEMERS
van de gemeente.
4.6
HANDHAVING EN PERMANENTE EVALUATIE
Handhaving
Uit de enquête kwam naar voren dat in veel gemeenten door de tijd-
rovende procedures en het gebrek aan personeel alleen bij zware
overtredingen wordt opgetreden. Waar gemeenten een aparte afde-
ling handhaving hebben is de situatie verbeterd vergeleken met
vorige jaren. In sommige gemeenten zijn handhavingsambtenaren
aangesteld die alleen reclameaanvragen behandelen en controles
buiten uitvoeren. Soms wordt door middel van een fotoarchief bij-
gehouden of er reclames zijn bijgekomen en of deze zijn gereali-
seerd op basis van een vergunning.
Aanbeveling
In sommige gemeenten wordt bij een nieuw beleid een overgangsregeling
ingesteld. Dit houdt in dat men binnen een bepaalde tijd (bijvoorbeeld
drie jaar) de aanwezige reclame-uitingen dient aan te passen aan de
nieuwe beleidsregels. Ook bij wisseling van eigenaar of bij vernieuwing
dient de reclame aan de nieuwe regels te voldoen. Om ervoor te zorgen dat
nieuw beleid ook daadwerkelijk zichtbaar wordt in het straatbeeld is het
aan te bevelen met een strakke planning van meetbare resultaten over en-
kele jaren te werken. Het kan ook van belang zijn het beleid te richten op
bepaalde gebieden, volgens een bepaalde planning. Als dat niet gebeurt
blijft te lang onzichtbaar dat beleidsvoornemens ook echt tot veranderin-
gen en verbeteringen leiden.

072:
`HALLÓ,
073:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
4. STAPPENPLAN VOOR HET OPSTELLEN VAN EEN RECLAMEBELEID
4. STAPPENPLAN VOOR HET OPSTELLEN VAN EEN RECLAMEBELEID
4.1
INVENTARISATIE EN ANALYSE
4.2
HET PRINCIPE VAN GEBIEDSGERICHT BELEID
De inventarisatie heeft tot doel om de beleidsdoelstellingen en
Nadat de inventarisatie heeft geleid tot een overzicht van onge-
uitgangspunten helder te krijgen. Het gaat er hierbij in eerste in-
wenste reclames en knelpunten, kan worden overgegaan tot het op-
stantie om zicht te krijgen op knelpunten en mogelijke oplossingen.
stellen van beleidsregels. Een eerste stap is het vervaardigen van
Om een goede indruk te kunnen krijgen van de bestaande situatie in
een zogenaamde reclamekwaliteitskaart zijn. Op deze overzichts-
de gemeente op het gebied van reclame, kan besloten worden om een
kaart kunnen per gebied de beleidsuitgangspunten worden geformu-
zogenaamde `nulmeting' uit te voeren. Afhankelijk van de gewenste
leerd en goede en slechte voorbeelden van reclame-uitingen (al dan
diepgang en gedetailleerdheid kunnen alle reclame-uitingen afzon-
niet uit de eigen gemeente) worden beschreven. De klankbordgroep
derlijk of in een straatbeeld worden gefotografeerd. De `nulmeting'
kan worden gevraagd te reageren en te discussiëren over de kwali-
vormt daarmee het startpunt voor de analyse van knelpunten en een
teitskaart, de daarop aangegeven gebieden, gebiedsbegrenzingen
instrument om jaarlijks illegaal aangebrachte reclame-uitingen op
en de beleidsuitgangspunten. Voor de indeling van het gemeentelijk
te sporen.
grondgebied kan de volgende indeling worden aangehouden:
Naast een fysieke inventarisatie is het ook belangrijk in deze fase
­
Beschermd stads- of dorpsgezicht
de belangen en wensen van de ondernemer en andere belanghebben-
­
Historische binnenstad of dorpskern
den te inventariseren. Om draagvlak te creëren en om de standpun-
­
Winkelcentra (recentere winkelgebieden zoals bijvoorbeeld in
ten met betrekking tot het voeren van reclamebeleid te
woonwijken)
inventariseren, kan een `klankbordgroep' worden samengesteld. De
­
Perifere winkelgebieden (meubelboulevards etc.)
klankbordgroep kan bestaan uit vertegenwoordigers van winke-
­
Bedrijventerreinen
liersvereniging, ondernemersvereniging, verschillende gebruikers-
­
Woongebieden
en belangengroepen en de welstandscommissie. Van de kant van de
­
Sport- en recreatieterreinen
gemeente kunnen de verantwoordelijke wethouder, leden van de
­
Buitengebied
raadscommissie en betrokken ambtenaren zitting nemen in de
­
Hoofd- en snelwegen (weggebonden bedrijven zoals motels en
klankbordgroep.
benzinepompen)
Om een informele benadering te kiezen kan de eerste bijeenkomst
Er moet gekozen worden voor maatwerk op basis van specifieke
van de klankbordgroep bestaan uit een interactieve fotosessie.
gebieden. Per gebied moeten per reclamevorm richtlijnen worden
Hierbij worden eigen fotobijdragen van verschillende deelnemers
opgesteld die aansluiten op de uitgangspunten die per gebied zijn
van de klankbordgroep, met daarin positieve en negatieve beelden
vastgesteld en besproken met de klankbordgroep. Hierbij dient ge-
van reclame-uitingen, voorzien van hun commentaar, besproken. Het
streefd te worden naar duidelijkheid en bruikbaarheid door middel
doel van de fotosessie is om enerzijds de inhoudelijke standpunten
van helder en begrijpelijk taalgebruik en overzichtelijke illustra-
met betrekking tot het voeren van reclame te peilen en anderzijds
ties met `goede' en `slechte' voorbeelden. Naast de beleidsuit-
dient het een zeker kwaliteitsbesef bloot te leggen om draagvlak
gangspunten en richtlijnen is het van belang om in de nota
voor het reclamebeleid te bereiken.
aandacht te geven aan handhaving en hoe de gemeente omgaat met
onvoorziene excessen.
Beide inventarisaties leiden tot probleemsignalering en knelpunte-
nanalyse, waarbij alle knelpunten in beeld worden gebracht.
Daarbij kan men denken aan te grote reclameherrie in bepaalde
gebieden, onvoldoende draagvlak, te weinig handhaving et cetera.
Maar ook de positieve uitstraling van vrolijke reclames in winkel-
gebieden kan een conclusie zijn die van invloed is op het te voeren
reclamebeleid.

074:
`HALLÓ,
075:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
4. STAPPENPLAN VOOR HET OPSTELLEN VAN EEN RECLAMEBELEID
4. STAPPENPLAN VOOR HET OPSTELLEN VAN EEN RECLAMEBELEID
4.3
STRUCTUUR VAN EEN RECLAMEBELEIDSNOTA
4.5
COMMUNICATIE MET ONDERNEMERS
Voor de opbouw van de reclamenota kan gebruik worden gemaakt van
Ondernemers maken reclame op, aan of bij hun pand, om hun pro-
de structuur voor regelgeving zoals beschreven in het laatste deel
duct, dienst of naam aan te prijzen. Hoe meer ondernemers in een
van dit boek. Een reclamebeleidsnota zou moeten bestaan uit vijf
gebied, hoe groter het aantal reclame-uitingen. Alle individuele
onderdelen: een algemene inleiding met principes, ambities en een
reclame-uitingen beïnvloeden samen het beeld van de openbare
beleidscyclus; een interpretatie en samenvatting van de wettelijke
ruimte maar hebben tevens invloed op elkaar. Het principe `voor
grondslagen, de richtlijnen en normstellingen, de handhaving en
en door ondernemers' geeft aan dat reclamebeleid het beste wordt
ten slotte de overgangsregelingen en stimuleringsmaatregelen. Het
vormgegeven en gedragen wanneer het initiatief ervoor bij de on-
model voor richtlijnen en normstellingen in de laatste paragraaf
dernemers ligt of wanneer zij er vanaf het eerste begin bij worden
van dit rapport is geen `kant-en-klaar' beleidsstuk, maar het is een
betrokken. Door samen met de gemeente een reclamebeleid te
handvat waarop de gemeente een eigen beleid kan baseren.
ontwikkelen wordt draagvlak gecreëerd en worden alle betrokken
partijen zich bewust van gemeenschappelijke doelstellingen.
Er is gekozen voor een beleid dat gebaseerd is op een totaalverbod. In
beginsel is dus geen reclame in de openbare ruimte toegestaan, tenzij dit
Een gemeentebestuur streeft veelal naar een evenwichtige reclame-
voor een bepaald gebied en volgens bepaalde specificaties nadrukkelijk is
voering als onderdeel van het totale beeld. Hier ligt tevens een be-
aangegeven. Per gebied zijn dus de reclamevormen bepaald die onder voor-
lang voor de ondernemer. Een aangename verblijfskwaliteit is van
waarden worden toegestaan. De richtlijnen en normstellingen zijn geba-
invloed op de economische attractiviteit van gebieden en op het
seerd op aantal, positionering, maatvoering en vormgeving.
koopgedrag van het winkelende publiek. Ook op bedrijventerreinen
is de kwaliteit van reclamevoering van belang. Een rustige en dui-
delijke reclamevoering verhoogt de herkenbaarheid van bedrijven
4.4
DE VASTSTELLING VAN RECLAMEBELEID
voor de langere termijn en zorgt voor een duurzame kwaliteit van
de openbare ruimte. Het is voor de gemeente van belang om vooraf-
De effectuering van het reclamebeleid krijgt gestalte na de vast-
gaand aan het opstellen van reclameregelgeving meer inzicht te
stelling van het beleidsplan door de gemeenteraad. Het beleid
krijgen in de wensen van ondernemers en in de mogelijkheden en
heeft dan een formele juridische status. Bij de vaststelling en
beperkingen van reclamevoering. Door meer informatie in te winnen
implementatie gaat het om de begeleiding van het inspraak- en
bij ondernemers kan de gemeente een beleid opstellen dat goed
besluitvormingstraject van het reclamebeleid. In deze fase kunnen
overwogen is en dat aansluit bij de wensen en mogelijkheden van
voor een klankbordgroep en voor specifieke doelgroepen informa-
ondernemers. Het is verstandig daarbij samen te werken met onder-
tie- en inspraakavonden worden georganiseerd. Commentaren en
nemersverenigingen, niet met alle ondernemers afzonderlijk. Een
zienswijzen kunnen worden verwerkt, zodat een definitief breed
beleidsstuk opstellen samen met een private organisatie zoals een
gedragen beleidsstuk aan het gemeentebestuur kan worden aange-
ondernemersvereniging is niet iets vanzelfsprekends. Het gebeurt
boden ter vaststelling.
nog maar zelden. Belanghebbenden worden vaak pas achteraf
De vaststelling kan gepaard gaan met een voorlichtingscampagne
geconfronteerd met nieuwe regelgeving, waardoor ze het gevoel
in de vorm van bijvoorbeeld persberichten in de lokale huis-aan-
hebben niet serieus te worden genomen.
huis bladen, een tentoonstelling, foldermateriaal en het op de
gemeentelijke internetsite plaatsen van het beleid.
Draagvlak kan worden verkregen tijdens informele bijeenkomsten,
bijvoorbeeld in een plaatselijke kroeg, waar op een ontspannen
manier van gedachten gewisseld kan worden. Dat betekent niet di-
rect een cultuuromslag, maar het is wel een uitnodiging om de com-
municatie anders te laten verlopen. Het is daarbij aan te bevelen
ook de wethouder te betrekken bij bijeenkomsten met ondernemers.
Zij moeten het politieke en maatschappelijke boegbeeld kunnen zijn
van een ontwikkeling waar iedereen belang bij heeft.

076:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
5.
HANDHAVING ALS GEDEELDE
077
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
4. STAPPENPLAN VOOR HET OPSTELLEN VAN EEN RECLAMEBELEID
VERANTWOORDELIJKHEID
4.6
HANDHAVING EN PERMANENTE EVALUATIE
Ook al heeft een gemeente een goed beleid op
papier staan, de effectiviteit valt of staat met
Het sluitstuk van elk reclamebeleid is een streng, adequaat,
efficiënt en doelgericht handhavingsbeleid. Daar is een grote amb-
de kwaliteit van de handhaving. Dit geldt voor
telijke inspanning voor nodig met een stevige politieke rugdekking,
nagenoeg elke beleidssector: zonder controle en
een voldoende groot budget, heldere procedures, een stevige perso-
neelsbezetting en een goede selectie van medewerkers, die op pad
zonder ingrepen bij overtreding van de beleids-
gestuurd worden op basis van goede instructies en een goede
regels heeft een beleidsnota geen effect.
rugdekking. Handhaving in deze beleidssector is opereren in de
frontlinie van een brede publieke sector tegenover een vaak smal
Om een overzicht te krijgen van de problematiek
privaat belang.
bij handhaving van reclamebeleid wordt in het
Heldere criteria voor wat wel en niet geoorloofd is, duidelijkheid
over termijnen en sancties met op de achtergrond kennis van zaken
nu volgende de `Kadernota Handhaving' van de
over de motieven en de principes van het beleid, dat alles hoort bij
dienst Stedenbouw en Volkshuisvesting van de
de bagage van de ambtenaar, die verantwoordelijk is voor de hand-
having. En hij moet zich gesteund weten met een effectieve inzet
gemeente Rotterdam als uitgangspunt genomen.
van voldoende zware juridische middelen.
We hebben daarin enkele belangrijke principes
En dan nog dit: over dit sluitstuk van het reclamebeleid zal ook
permanent en systematisch gerapporteerd moeten worden: waar
gevonden die betrekking hebben op handhaving
houdt men zich wel en niet aan de regels, hoe schadelijk is dat en
bij reclame-uitingen.
tot welke redelijke bijstellingen van het beleid kan dat leiden?
Als deze principes van implementatie van het reclamebeleid aan het eind
van de rit niet serieus worden genomen, dan kan men er beter niet aan be-
5.1
MOTIEVEN EN PROCEDURES
ginnen. Het is een lange weg om resultaten te boeken die overtuigend zijn.
5.2
INSTRUMENTEN
Overweeg dus vooraf, hoe belangrijk het is en welk politiek en maatschap-
5.3
PRAKTIJKVOORBEELDEN
pelijk draagvlak er voor reclamebeleid bestaat! Het venijn zit in de staart.

078:
`HALLÓ,
079:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
5. HANDHAVING ALS GEDEELDE VERANTWOORDELIJKHEID
5. HANDHAVING ALS GEDEELDE VERANTWOORDELIJKHEID
5.1
MOTIEVEN EN PROCEDURES
5.2
INSTRUMENTEN
In gemeentelijke regelgeving wordt vastgelegd wat toegestaan is
Wanneer er geen verandering in de situatie is gebracht door de
en wat niet. Wanneer men afwijkt van de regels dient de gemeente
overtreder zal de gemeente, al naar gelang de situatie, bepalen
actie te ondernemen: als een reclame zonder of in afwijking van
welk handhavinginstrument wordt ingezet. Er zijn een aantal
vergunning is geplaatst of als geen vergunning vereist is maar de
mogelijkheden:
reclame-uiting is niettemin ernstig in strijd met redelijke eisen
van welstand. Er is dan sprake van een exces. Voordat men overgaat
Bevel tot stilleggen
tot een handhavingprocedure krijgt de overtreder de kans om als-
Om een ongewenste ontwikkeling te voorkomen wordt er snel opge-
nog een vergunning aan te vragen of bezwaar te maken tegen de eis
treden. Meestal wordt dit alleen toegepast in acute situaties. Dit
de situatie te veranderen. Wanneer dit geen resultaat oplevert kan
kan zijn bij gevaar voor veiligheid, bij onaanvaardbare hinder
de gemeente een handhavingprocedure in gang zetten. Het is hier-
voor derden of bijvoorbeeld bij gevaar van aantasting van omrin-
bij van belang dat de `algemene beginselen van behoorlijk bestuur'
gende bebouwing. Per gemeente verschilt het wie de bevoegdheid
in acht worden genomen (zorgvuldigheid, motivering, gelijkheid en
hiervoor heeft. Vaak is dit het hoofd van Bouw- en woningtoezicht.
rechtszekerheid).
Bij het plaatsen van reclame-uitingen wordt dit instrument niet
vaak gebruikt aangezien een situatie zelden acuut is.
Daarin zijn een aantal stappen te onderscheiden. Het begint met de
constatering van de overtreding. Die wordt gecontroleerd en vast-
Last onder dwangsom
gelegd. Vervolgens moet worden vastgesteld of een sanctie het be-
Bij gebruik van een dwangsom wordt de overtreder in de gelegen-
lang van de openbare ruimte dient. Daarbij worden ook de belangen
heid gesteld zelf een einde te maken aan de illegale situatie. De
van de overtreder gewogen in de besluitvorming. Wanneer men uit-
last blijft van kracht na de verwijdering zodat bij het opnieuw
eindelijk overgaat tot bestuursdwang dan is het van belang dat er
plaatsten van de reclame de dwangsom alsnog kan worden opgelegd.
consistent is gehandeld. Gelijke gevallen dienen gelijk te worden
Dit middel wordt vooral bij acute situaties toegepast waarbij er
behandeld.
sprake is van korte termijnen en snelle besluitvorming.
Toepassen van bestuursdwang
De gemeente heeft het recht om tegen de wil van de overtreder een
eind te maken aan de illegale situatie. Voor het komt tot daad-
werkelijke verwijdering door de gemeente is er een lange procedure
aan vooraf gegaan.
Gedogen
Wanneer de gemeente bekend is met een illegaal feit maar geen
actie onderneemt spreekt men over gedogen. De gemeente geeft aan
dat er van handhaving wordt afgezien. De gemeente mag in principe
een illegale situatie gedogen. Dit verschilt per gemeente. Zo heeft
de bestuursrechter in Rotterdam deze bevoegdheid aan een aantal
voorwaarden gekoppeld; gedogen is slechts aanvaarbaar wanneer
het een uitzonderingsgeval is, wanneer het gedogen van de illegale
situatie een tijdelijk karakter heeft, wanneer het beperkt is in
omvang en alleen wanneer zorgvuldig alle belangen zijn bekeken.

080:
`HALLÓ,
081:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
5. HANDHAVING ALS GEDEELDE VERANTWOORDELIJKHEID
5. HANDHAVING ALS GEDEELDE VERANTWOORDELIJKHEID
5.3
PRAKTIJKVOORBEELDEN
huidige regels maar onder voorheen gehanteerde richtlijnen een vergun-
ning hadden gekregen, golden enkele overgangsregels. Zo moest bij vervan-
Het is bekend dat, sinds een aantal dramatische gebeurtenissen
ging van een reclame of bij wisseling van eigenaar het reclameobject
(de brand in Volendam, de ingestorte balkons in Maastricht, en de
worden aangepast aan de nieuwe richtlijnen. Na drie jaar moesten alle
vuurwerkexplosie in Enschede) handhaving hoog op de agenda van
reclame-uitingen aan het nieuwe beleid zijn aangepast. Voor dit project
gemeentebesturen staat. Sindsdien hebben veel gemeenten hun
is een jurist aangesteld die verantwoordelijk werd voor alle reclameaan-
handhavingorganisaties anders vormgegeven. Kernpunt daarin is
schrijvingen en de afhandelingen.
meestal dat een aparte afdeling Handhaving ervoor moet zorgen
dat handhaving van bijzaak hoofdzaak wordt in de ambtelijke
Voor het project werd een stimuleringsbijdrage beschikbaar gesteld die
organisatie.
ondernemers stimuleerde om binnen drie jaar hun gevel-reclame aan te
passen. Deze subsidieregeling heeft de vorm van een verordening, waarin
Wat zijn de problemen in de praktijk waar gemeenten mee te maken
criteria en het maximaal ter beschikking te stellen subsidiebedrag zijn
hebben? Enkele hoofdpunten. Vaak zit er een lange tijd tussen de
vastgelegd. Door de samenwerking tussen het gemeentebestuur en onder-
eerste aanzegging van overschrijding en het daadwerkelijke optre-
nemers en door het actieve handhavingsbeleid heeft de binnenstad van
den, dit geeft al gauw de indruk van een gedoogbeleid; er is weinig
Haarlem een positieve impuls gekregen. Het project had een looptijd van
statistisch materiaal aanwezig over aantal, aard en afloop van
drie jaar en is nu afgerond. De gemeente Haarlem is tevreden met het
handhavinggevallen; er is vaak sprake van incidentenpolitiek i.p.v.
resultaat.
een branche- en/of gebiedsgerichte aanpak; handhaving is vaak
versnipperd zonder overleg tussen de verschillende afdelingen;
Bijvoorbeeld Bolsward
er is te weinig ambtelijke capaciteit; er is weinig ervaring met
De gemeente Bolsward heeft voor haar handhavingstaak ten aanzien van
het instrument dwangsom; de nadruk ligt bij het verstrekken van
buitenreclame een zogenaamde nulmeting gedaan. Alle reclame-uitingen in
vergunningen niet bij handhaving. Waarschijnlijk is er nog wel
de stad zijn gefotografeerd. Om illegaal aangebrachte reclame-uitingen op
een aantal te noemen.
te sporen, wordt elk jaar aan de hand van de nulmeting de reclame-uitingen
Het blijken vooral organisatorische problemen te zijn.
gecontroleerd. Op deze manier is een effectief opsporing- en handhavings-
beleid in gang worden gezet. Naast een nulmeting krijgen stadswachten in
Bijvoorbeeld Haarlem
Bolsward een kopie van alle vergunningen en hebben zij een signaalfunc-
In Haarlem is de afgelopen jaren het handhavingsbeleid drastisch geïnten-
tie. Dit houdt in dat als zij constateren dat er ergens illegaal een reclame
siveerd. In een uitgebreide reclamebeleidsnota wordt het belang van een
is aangebracht, zij dit doorgeven aan medewerkers van de gemeente,
consequent handhavingsbeleid uiteengezet. Niet alleen worden de stappen
waarna een handhavingtraject in gang wordt gezet. Zo'n organisatie vraagt
in geval van overschrijding genoemd, maar ook de wijze waarop de
wel een extra inspanning in tijd, geld en mankracht.
gemeente, in eerste instantie al, kan voorkomen dat ondernemers hun eigen
Per gemeente moet, rekening houdend met de omvang van de gemeente en
gang gaan. Zo worden door de verspreiding van een duidelijke folder met
het beschikbare budget, bepaald worden of een nulmeting de juiste manier
regels en voorbeelden veel af te keuren aanvragen voorkomen. Verder wordt
is. Voor kleinere gemeenten is een middagje foto's nemen om alle reclame-
in de beleidsnota het belang benadrukt van snel en adequaat optreden.
uitingen vast te leggen voldoende; het kan motiverend zijn voor de vol-
gende stadia in de beleidsontwikkeling.
Vooral in het vervolg op afspraken over reclame-uitingen met ondernemers
is regelmatige controle van belang. Gebeurt dit niet, dan is het draagvlak
snel verdwenen en is wildgroei het gevolg.
Niet alleen op papier maar ook in de praktijk heeft de gemeente actief be-
leid gevoerd. Om de reclame-uitingen in de binnenstad goed aan te pakken
is binnen de afdeling Economische Zaken een werkgroep samengesteld.
Bij de aanvang van de beleidsimplementatie is met winkeliers een conve-
nant opgesteld waarin de regels zijn vastgelegd. Vervolgens zijn in een
drie jaar durend project alle reclame-elementen aangepakt die zonder
vergunning waren geplaatst. Voor de overige, die in strijd waren met de

083:
`HALLÓ,
6.
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
082
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
6. CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
6.1
INTEGRAAL EN GEBIEDSGERICHT
Concluderend zijn voor een succesvol
reclamebeleid drie principes van belang.
Vanwege de gecompliceerde opbouw van de verschillende grond-
slagen voor vergunningen is het aan te bevelen te kiezen voor een
totaalbeleid, waarin alles met betrekking tot reclame in de open-
6.1
INTEGRAAL EN GEBIEDSGERICHT
bare ruimte wordt geregeld. Eén overzichtelijke reclamenota geeft
6.2
INTENSIEVE COMMUNICATIE
ondernemers en het gemeentebestuur snel zicht op wat wel en niet
6.3
HANDHAVING ALS SLUITSTUK
wenselijk of mogelijk is.
Een gebiedsgerichte aanpak voor het reclamebeleid, waarin regels
worden vastgelegd voor verschillende typen reclameobjecten, biedt
de beste mogelijkheid om een gericht en gestructureerd beleid te
voeren. Bij de beleidsanalyse en de beleidsregels dient een steden-
bouwkundige oriëntatie te prevaleren boven architectonische uit-
werkingen. Emoties over veronderstelde willekeur en onbegrip over
de gedetailleerdheid van sommige regels kunnen met een gebieds-
gericht beleid worden voorkomen als voor iedereen herkenbare
kwaliteiten van gebieden tot uitgangspunt worden genomen. Op
een afgelegen bedrijventerrein is voor iedereen duidelijk dat meer
mogelijk is dan in een binnenstad met een belangrijke cultuur-
historische en collectieve waarde. Door per gebied aan te geven
wat wel en niet mogelijk is ontstaat overzicht en duidelijkheid.
6.2
INTENSIEVE COMMUNICATIE
Een reclamebeleid is een pakket met spelregels die men afspreekt
met betrokken partijen. Deze spelregels gaan pas werken als
gecommuniceerd is met ondernemers. Het principe `voor en door
ondernemers' staat voor een communicatie tijdens het opstellen van
een reclamebeleid en voor communicatie achteraf tijdens het uit-
voeren van het beleid. Door communicatie tijdens het opstellen van
een reclamebeleid raken ondernemers betrokken bij het eindpro-
duct. Door communicatie tijdens de uitvoering van de opgestelde
spelregels blijven ondernemers zich bewust van het reclamebeleid
en blijft het gemeentebestuur zicht houden op ontwikkelingen en op
de toepasbaarheid van de afgesproken richtlijnen. Een klankbord-
groep van direct betrokkenen zou jaarlijks uitgenodigd kunnen
worden voor een evaluatie.
Bij de communicatie dient steeds gewerkt te worden met overtui-
gende, begrijpelijke en aannemelijke `goede' en `slechte' voorbeel-
den. Daarbij moet voortdurend ook aandacht zijn voor de
boodschap, dat ordelijke en beheerste reclame-uitingen economisch
uiteindelijk rendabeler zijn dan de schreeuwerige overdaad van

084:
`HALLÓ,
085:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
6. CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
6. CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
willekeurige en individueel bepaalde initiatieven zonder enige af-
zou hij daarvoor een financiële tegemoetkoming kunnen krijgen.
stemming. Nadat de reclamenota, met instemming van de klankbord-
Met zo'n subsidieregeling is wellicht al binnen een kortere termijn
groep, ondernemers- en/of winkeliersverenigingen, is vastgesteld
resultaat te zien in de vorm van een aantrekkelijker straatbeeld en
door de gemeenteraad kan begonnen worden met het intern en extern
tevens wordt voorkomen dat na de overgangstermijn handhavend
communiceren van het beleid. Het is belangrijk om er ruchtbaarheid
dient te worden opgetreden. Zo'n subsidieregeling kan per reclame-
aan te geven dat de gemeente nieuwe regels hanteert voor het
vorm en gebiedsgericht worden opgesteld.
plaatsen van reclame in de openbare ruimte. Intern kan worden vol-
staan met het informeren van de betrokken afdelingen en organisa-
ties, zoals Bouw- en woningtoezicht, ruimtelijke ordening,
6.3
HANDHAVING ALS SLUITSTUK
voorlichting en de welstandscommissie.
Persberichten, foldermateriaal en gebruik van internet zijn de
Een gemeentebestuur geeft met het opstellen van een reclamebeleid
aangewezen communicatiemiddelen voor externe communicatie.
spelregels voor het aanbrengen van reclame-uitingen. Regelgeving
alleen is uiteraard niet voldoende. Er moet er ook voor worden
Eén herkenbaar loket en een deskundige en aanspreekbare coördi-
gezorgd dat de regels worden nageleefd. Daarvoor is in de eerste
natie wordt steeds belangrijker. Dit geldt ook voor de communicatie
plaats duidelijke informatie en voorlichting gericht op onderne-
met ondernemers. Er zou één aanspreekpunt moeten zijn voor alle
mers en reclamemakers vereist, zodat zij weten wanneer een
betrokkenen en voor alle soorten informatie, niet alleen over het
vergunning nodig is en aan welke voorwaarden moet worden voldaan
reclamebeleid maar ook voor verwante vragen en problemen.
om daarvoor in aanmerking te komen.
Bij het vaststellen van een nieuw reclamebeleid kan een overgangs-
Daarnaast is toezicht op straat nodig. Na een geconstateerde
regeling worden vastgesteld voor bestaande reclames, die ge-
overtreding zal een snelle en adequate handhaving moeten volgen.
plaatst zijn met een oude vergunning. Het kan zijn dat bestaande
In gevallen waarin men zich niet aan de vastgestelde en afgespro-
reclames waarvoor een vergunning is verleend niet voldoen aan de
ken regels houdt is het van groot belang dat hiertegen snel wordt
nieuwe vastgestelde richtlijnen. Aanpassen van dergelijke recla-
opgetreden, anders raakt het draagvlak voor de regelgeving snel
meobjecten zal geld kosten.
uitgehold en zullen spoedig meer en meer overtredingen plaats-
Soms wordt een periode van 5 jaar vastgesteld om de bedrijven de
vinden.
gelegenheid te geven de reclame aan te passen. In de praktijk
blijkt dat reclameobjecten gemiddeld na een periode tussen drie en
Tot handhaving kan worden overgegaan bij reclames waarvoor geen
vijf jaar gewijzigd of vervangen worden. Winkels verplaatsen en
reclame- of bouwvergunning is aangevraagd en voor reclames die
verouderde reclame-uitingen worden vervangen. Er moet dan een
afwijken van de vergunning. De eigenaar wordt dan in de gelegen-
nieuwe vergunning worden aangevraagd. Men kan dan ook verwach-
heid gesteld om (alsnog of opnieuw) een vergunning aan te vragen
ten dat het grootste deel van de oude `legale' reclames binnen een
voor de gerealiseerde reclame. Als niet voldaan wordt aan het
periode van vijf jaar vervangen zijn door reclameobjecten die
reclamebeleid kan deze vergunningaanvraag worden geweigerd.
moeten voldoen aan de nieuwe beleidsprincipes. Is dat niet het
Burgemeester en wethouders schrijven de eigenaar in dat geval aan
geval dan kan de gemeente overgaan tot handhaving in de vorm van
om binnen een door hen te bepalen termijn de strijdigheid op te
bestuursrechtelijke maatregelen.
heffen. Degene tot wie de aanschrijving is gericht, of diens rechts-
opvolger, is verplicht deze aanschrijving op te volgen.
Om deze handhavingactie te voorkomen kan ook een subsidierege-
ling worden vastgesteld om ondernemers te stimuleren om eerder
Vooraf voorkomen is beter dan achteraf bestraffen. Toch zal hand-
dan de gestelde termijn in een overgangsregeling over te gaan tot
having onvermijdelijk zijn. Handhavingstrategieën en scenario's
het verbeteren van hun reclame-uitingen. Daarmee geeft de
moeten geïntegreerd worden in het reclamebeleid, en over dit
gemeente het belang aan dat zij hecht aan het aanzien van een
beleidsaspect dient ook uitvoerig met ondernemers gecommuniceerd
bepaalde straat of buurt van de stad. Als een ondernemer bereid is
te worden. Naast het opleggen van sancties kan gedacht worden aan
om binnen een bepaalde periode een reclame-uiting aan te passen,
een (financiële) stimuleringsregeling voor initiatieven die de
waarvoor hij een vergunning heeft volgens een vorig regime, dan
principes van het reclamebeleid respecteren en zichtbaar maken.

086:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
MODEL VOOR EEN GEMEENTELIJK
087
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
6. CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
RECLAMEBELEID
Toezicht en handhaving strekken zich uit van preventief optreden
In het hierna volgende worden voorstellen
(uitleggen, adviseren, begeleiden, overreden, waarschuwen) tot
gedaan voor specifieke thema's die van belang
repressief optreden door het toepassen van bestuursrechtelijke,
strafrechtelijke en/of privaatrechtelijke sancties. Bestuursrechte-
zijn bij het opstellen van een gemeentelijk
lijke sancties zijn: dwangsom, bestuursdwang of intrekken van de
reclamebeleid. Uitgangspunt voor het toepassen
vergunning (indien deze is verleend). Waar preventief toezicht
mogelijk is, heeft dit de voorkeur boven repressief toezicht. Pre-
van de voorgestelde richtlijnen is een totaal-
ventieve voorlichting geeft een meer klantvriendelijke benadering,
verbod. Dat wil zeggen dat in beginsel alle
waarbij burgers en ondernemers meer kunnen worden aangesproken
op hun eigen verantwoordelijkheid.
vormen van reclame-uitingen zijn verboden, ten-
zij voldaan wordt aan procedurevoorschriften
Belangrijk is dat alle verleende reclamevergunningen zo snel
mogelijk worden gecontroleerd. Door lang te wachten met controle
en vormvoorschriften voor bepaalde in dit model
en handhaving loopt de gemeente het gevaar haar geloofwaardig-
beschreven vormen van reclame. Per gebied
heid te verliezen. Als een reclame-uiting in strijd met de vergun-
ning is aangebracht, zal de gemeente, wanneer niet gelegaliseerd
wordt aangegeven welke vorm en hoeveelheid van
kan worden, zo snel mogelijk over moeten gaan tot repressieve
een reclame-uiting en onder welke voorwaarden
handhaving. Het is niet gemakkelijk om over te gaan tot streng
handhaven, als dat nooit eerder is gebeurd. Hiervoor dient draag-
de reclame kan worden toegestaan. Omdat het
vlak gecreëerd te worden. Een adequate voorlichtingscampagne is
beleid niet kan voorzien wat de toekomst brengt
hiervoor van groot belang.
en omdat de gemeente open moet staan voor
nieuwe ideeën en inzichten ten aanzien van
reclamevoering kan de gemeente, onder voor-
waarden, afwijken van de gestelde richtlijnen.
Hiervoor is dan altijd een positief welstands-
advies vereist.
In de richtlijnen kan onderscheid worden ge-
maakt in algemene richtlijnen, gebiedsgerichte
richtlijnen en objectgerichte richtlijnen. De
algemene richtlijnen vormen de principiële
basis waaraan alle reclame-uitingen dienen te
voldoen. Deze richtlijnen bestaan uit functio-
neel/technische eisen, verkeersveiligheidseisen
en algemene eisen ten aanzien van het uiterlijk
(welstandsaspecten).

088:
`HALLÓ,
089:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
MODEL VOOR EEN GEMEENTELIJK RECLAMEBELEID
MODEL VOOR EEN GEMEENTELIJK RECLAMEBELEID
Inleiding
Inleiding
Alle uitwerkingen die in het hierna volgende model worden
De gebiedsgerichte richtlijnen komen voort uit
gesuggereerd, zijn voorbeelden van mogelijke criteria, waarmee
het beginsel dat reclame- objecten moeten
plaatsingsverzoeken kunnen worden beoordeeld binnen het kader
van de beleidsafspraken en waarmee bestaande reclame-uitingen
passen bij het karakter en uitstraling van de
kunnen worden getoetst aan de regels van toelaatbaarheid.
omgeving. Hoe kwetsbaarder een gebied hoe
Het zijn nadrukkelijk voorbeelden van bepalingen. In iedere
gemeente zal voor afzonderlijke gebieden bepaald moeten worden
groter de invloed van reclame op het straat-
wat de wenselijke vorm en hoeveelheid reclame-uitingen kan zijn
beeld. Het beeld van een historische binnenstad
om de gewenste gebiedskarakteristiek te waarborgen.
of het buitengebied, zal op een onaanvaardbare
wijze aangetast worden bij plaatsing van
reclameobjecten die op een bedrijventerrein ge-
bruikelijk zijn. Het is dan ook vanzelfsprekend
dat in kwetsbare gebieden, zoals historische
dorpskernen en stadscentra, meer beperkingen
gelden voor reclameobjecten. Ten slotte hebben
de objectgerelateerde richtlijnen, betrekking op
bepaalde reclameobjecten, zoals vlaggenmasten
of abri's.
De combinatie van deze drie categorieën vormt
het schema waarin criteria voor de toetsing van
de toelaatbaarheid van reclameobjecten op een
logische en begrijpelijke kunnen worden
omschreven. Zo zullen de objectgerichte criteria
algemene regels kunnen zijn, die voor verschil-
lende gebieden van een gemeente gespecificeerd
kunnen worden.

090:
`HALLÓ,
091:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
MODEL VOOR EEN GEMEENTELIJK RECLAMEBELEID
MODEL VOOR EEN GEMEENTELIJK RECLAMEBELEID
Inhoud
Inhoud
1.
ALGEMENE RICHTLIJNEN
092
3.
OBJECTGEREATEERDE RICHTLIJNEN
110
1.1
FUNCTIONELE EN TECHNISCHE RICHTLIJNEN
3.1
RECLAMEOBJECTEN PLAT OP DE GEVEL
1.2
ALGEMENE RICHTLIJNEN MET BETREKKING TOT
3.2
RECLAMEOBJECTEN LOODRECHT OP DE GEVEL
VERKEERSVEILIGHEID EN HINDER
3.3
RECLAMEPLAKKATEN OF PLAKFOLIE
1.3
ALGEMENE RICHTLIJNEN VOOR DE UITERLIJKE
3.4
RECLAME OP ZONWERINGEN EN MARKIEZEN
VERSCHIJNINGSVORM
3.5
LOSSTAANDE STOEPBORDEN OF LOSSTAANDE
1.4
ALGEMENE RICHTLIJNEN VOOR TIJDELIJKE
RECLAMEOBJECTEN
RECLAME-UITINGEN
3.6
RECLAME OP TERRASAFSCHEIDINGEN, SCHOTTEN EN
1.5
ALGEMENE RICHTLIJNEN VOOR ZELFSTANDIGE VASTE
SCHUTTINGEN
RECLAME-UITINGEN
3.7
RECLAME OP PARASOLS
1.6
ALGEMENE RICHTLIJNEN VOOR RECLAME-UITINGEN AAN
3.8
RECLAMEOBJECTEN OP HET DAK
OF BIJ GEREGISTREERDE MONUMENTEN
3.9
LICHTGEVENDE OF AAN GELICHTE RECLAMEOBJECTEN
1.7
EXCESSENREGELING
(LICHTBAKKEN)
1.8
AFWIJKINGSMOGELIJKHEDEN
3.10 VLAGGEN(MASTEN), VAANDELS, WIMPELS, BANIEREN
3.11 GEVELDEKKEND RECLAMEDOEK
3.12 VRIJSTAANDE RECLAMEZUILEN
2.
GEBIEDSGERELATEERDE RICHTLIJNEN
101
2.1
BESCHERMDE STADS- EN DORPSGEZICHTEN
2.2
HISTORISCHE BINNENSTAD OF DORPSKERN
2.3
WINKELCENTRA
2.4
PERIFERE WINKELGEBIEDEN
2.5
BEDRIJVENTERREINEN
2.6
WOONGEBIEDEN
2.7
SPORT- EN RECREATIETERREINEN
2.8
BUITENGEBIED
2.9
TERREINEN LANGS EN SNELWEGEN EN REGIONALE WEGEN

093:
1.
ALGEMENE RICHTLIJNEN
`HALLÓ,
092
BEN IK IN BEELD?'
MODEL VOOR EEN GEMEENTELIJK RECLAMEBELEID
ALGEMENE RICHTLIJNEN
Algemene richtlijnen gelden ongeacht het gebied
1.1
FUNCTIONELE EN TECHNISCHE RICHTLIJNEN
of type reclame-uiting en worden toegepast bij
Reclames staan niet los van de activiteiten of de producten die met
de beoordeling van een vergunningaanvraag
de reclame worden aangeprezen. Zo is een reclame voor een auto-
merk niet gepast op de gevel van een bakker. Uitgangspunt is dat
voor alle reclame-uitingen en bij handhaving
een reclame altijd een rechtstreeks verband moet hebben met de
van buitensporigheden. Hierna volgen thema's
activiteiten die in het pand of op het perceel plaatsvinden. Uitzon-
dering daarop is de reclame op abri's, mupi's, billboards,
en aandachtspunten voor algemene richtlijnen,
lichtmastreclame en kleinere reclames op bijvoorbeeld haltepalen.
die per gemeente nader moeten worden uitge-
Deze reclame-uitingen komen verspreid in de gehele gemeente voor.
Een reclame-uiting heeft een duidelijke bedoeling en wordt voor
werkt. Iedere paragraaf opent met de principes
langere periode gebruikt om een product of dienst aan te prijzen.
voor het beleid, vervolgens worden mogelijk-
Het object moet dan ook technisch en constructief deugdelijk zijn.
heden voor nadere uitwerking opgesomd.
Richtlijnen hebben betrekking op:
­
het verband tussen de reclame-uiting en de activiteit of
bedrijfsvoering die in het pand of op het perceel
1.1
FUNCTIONELE EN TECHNISCHE RICHTLIJNEN
plaatsvindt.
1.2
ALGEMENE RICHTLIJNEN MET BETREKKING TOT
­
richtlijnen bij meerdere functies in één pand.
VERKEERSVEILIGHEID EN HINDER
­
algemeen geldende eisen van deugdelijk en weerbestendigheid.
1.3
ALGEMENE RICHTLIJNEN VOOR DE UITERLIJKE
VERSCHIJNINGSVORM
1.4
ALGEMENE RICHTLIJNEN VOOR TIJDELIJKE
RECLAME-UITINGEN
1.5
ALGEMENE RICHTLIJNEN VOOR ZELFSTANDIGE VASTE
RECLAME-UITINGEN
1.6
ALGEMENE RICHTLIJNEN VOOR RECLAME-UITINGEN AAN
OF BIJ GEREGISTREERDE MONUMENTEN
1.7
EXCESSENREGELING
1.8
AFWIJKINGSMOGELIJKHEDEN

094:
`HALLÓ,
095:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
MODEL VOOR EEN GEMEENTELIJK RECLAMEBELEID
MODEL VOOR EEN GEMEENTELIJK RECLAMEBELEID
ALGEMENE RICHTLIJNEN
ALGEMENE RICHTLIJNEN
1.2
ALGEMENE RICHTLIJN EN MET BETREKKING TOT
1.3
ALGEMENE RICHTLIJNEN VOOR DE UITERLIJKE
VERKEERSVEILIGHEID EN HINDER
VERSCHIJNINGSVORM
Uitgangspunt is dat een reclame-uiting geen (fysieke of visuele)
Een reclame-uiting dient een verrijking te zijn van de gevel of
overlast of hinder mag veroorzaken voor derden en de verkeersvei-
openbare ruimte, of ten minste qua plaatsing, kleurstelling, mate-
ligheid niet in het geding mag brengen. Er is sprake van verkeers-
riaalgebruik en/of detaillering niet ontsierend te zijn voor het
onveiligheid als de zichtbaarheid van de openbare ruimte, de
gevelbeeld en geen afbreuk te doen aan de kwaliteit van de open-
verkeerslichten of ­borden en andere ­aanduidingen wordt aange-
bare ruimte en de kwaliteit van de architectuur van het bouwwerk.
tast en als uitstallingen op de weg een belemmering vormen voor
Dat geldt ook voor `huisstijlreclames'.
doorgaand verkeer en hulpverlenende diensten.
Nadere afspraken kunnen worden gemaakt over:
Richtlijnen hebben betrekking op:
­
vormgeving, afmetingen en kleuren van een reclame-uiting ten
­
reclame-uitingen die geluidshinder veroorzaken, verblindend
opzichte van het karakter van de directe omgeving.
zijn, te veel knipperen en/of bewegen zijn niet toegestaan; licht
­
de integratie en samenhang van gevelreclames ten opzichte van
kranten en lichtreclame met veranderlijk of intermitterend licht
de (historische) gevelstructuur.
en lichtkabels zijn niet toegestaan.
­
herhaling van dezelfde tekst of een grote hoeveelheid tekst per
­
bij lichtbakken moet een donker fond gekozen worden met heldere
reclame.
letters, ook in verband met de verkeersveiligheid (verblindings-
­
de grafische kwaliteit van de reclame-uiting, de relatie tussen
effecten).
leesbaarheid op afstand en de grootte, en het aantal
­
positie van uit de gevel stekende reclameobjecten ten opzichte
reclameobjecten.
van de openbare weg, maximale afstand ten opzichte van de
­
de toelaatbaarheid van contrasterende gevelbeschilderingen.
gevel, in verband met de rust in het straatbeeld en een bepaalde
­
de toelaatbaarheid van reclames in reflecterende en/of
vrije doorgangsstrook ten behoeve van verkeer, voetgangers en
fluorescerende kleuren.
hulpverlenende diensten.
­
toelaatbaarheid van tijdelijke reclameobjecten en uitstallingen
op de weg of los aan de gevel (vlaggen e.d.) in verband met
openingstijden en in de voetgangersgebieden in verband met de
uren waarop laden en lossen is toegestaan.
­
uitstekende reclameobjecten aan de gevel moeten een bepaalde
afstand tot de rijbaan houden.
­
reclames op of boven de weg mogen de zichtbaarheid van
(de kleuren van) verkeerslichten of andere verkeersaanduidingen
niet aantasten.

096:
`HALLÓ,
097:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
MODEL VOOR EEN GEMEENTELIJK RECLAMEBELEID
MODEL VOOR EEN GEMEENTELIJK RECLAMEBELEID
ALGEMENE RICHTLIJNEN
ALGEMENE RICHTLIJNEN
1.4
ALGEMENE RICHTLIJNEN VOOR TIJDELIJKE RECLAME/UITINGEN
1.5
ALGEMENE RICHTLIJN VOOR ZELFSTANDIGE VASTE
RECLAMEOBJECTEN
Onder tijdelijke reclame worden de borden of (span)doeken verstaan
waarop reclame wordt gemaakt voor een bepaald (commercieel)
De openbare ruimte, zoals de belangrijke routes, parkeerterreinen
evenement, de opening van een bedrijf, de verhuur of verkoop van
en pleinen in de stad, biedt veel ruimte voor zelfstandige vaste
onroerend goed of een bouwproject. Nieuw in deze sfeer zijn de
(dat wil zeggen: niet tijdelijke) reclame-uitingen. Het gaat dan om
omvangrijke steigerdoeken die tijdens een renovatie of verbouwing
billboards, lichtmastborden, driehoeks- en sandwichborden, abri's
van een pand aan de steigers worden bevestigd.
en mupi's. De gemeente kan als eigenaar en beheerder van de open-
Voor reclame op voertuigen kan in de APV geregeld zijn dat het
bare ruimte langdurige contracten afsluiten met bedrijven om langs
verboden is om een voertuig die voorzien is van handelsreclame op
aangegeven wegen en routes vaste reclame-uitingen te plaatsen.
de weg te parkeren met het kennelijke doel om daarmee reclame te
Kleine objecten in de openbare ruimte zoals schakelkasten, halte-
maken. De gemeente kan ontheffing verlenen, maar hiervan zal
palen en papier- en/of glasbakken e.d. zijn eigendom van het
meestal alleen in uitzonderlijke gevallen en voor een vooraf be-
energiebedrijf, openbaar vervoersbedrijf of kringloopbedrijf. Deze
paalde korte periode gebruik worden gemaakt.
bedrijven hebben toestemming nodig om deze objecten te gebruiken
als exploitatieruimte om op te adverteren. Als tegenprestatie on-
Voor tijdelijke reclame geldt altijd een overeen te komen maximale
derhoudt het bedrijf deze objecten en zorgt dat deze vrij zijn van
periode waarvoor een vergunning wordt verleend. Tijdelijke
bijvoorbeeld graffiti en wild-plak-affiches.
reclames zijn niet lichtgevend of worden niet aangelicht, tenzij
daarvoor vergunning wordt verleend.
Soort objecten
a. lichtmastreclame
Soort objecten
b. driehoeks- en sandwichborden
a. borden of (span)doeken voor de aankondiging van manifestaties,
c. abri's
tentoonstellingen, bijzondere bijeenkomsten (bijvoorbeeld aan
d. mupi's
lichtmasten bevestigd)
e. billboards
b. raamplakkaten
c. uitverkoopreclame
Nadere afspraken kunnen worden gemaakt over:
d. steigerdoeken
­
het maximale aantal
e. bouw- en projectborden
­
het maximaal toegestane oppervlak
­
de verhouding tussen commerciële reclame en mededelingen over
Nadere afspraken kunnen worden gemaakt over:
culturele evenementen
­
het maximale aantal
­
de maximale plaatsingstermijn
­
het maximaal toegestane oppervlak
­
het aanwijzen van de plaats van bevestiging
­
de maximale plaatsingstermijn
­
de toelaatbaarheid van aankondigingen voor evenementen buiten
­
het aanwijzen van de plaats van bevestiging
de gemeente
­
de toelaatbaarheid van aankondigingen voor evenementen buiten
­
bepalingen over de verlichting van objecten
de gemeente
­
bepalingen over de verlichting van objecten

098:
`HALLÓ,
099:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
MODEL VOOR EEN GEMEENTELIJK RECLAMEBELEID
MODEL VOOR EEN GEMEENTELIJK RECLAMEBELEID
ALGEMENE RICHTLIJNEN
ALGEMENE RICHTLIJNEN
1.6
ALGEMENE RICHTLIJNEN VOOR RECLAME-UITINGEN AAN OF BIJ
1.7
EXCESSENREGELING VOOR BUITENSPORIGE RECLAME/UITINGEN
GEREGISTREERDE MONUMENTEN
Ook bouwwerken, waarvoor geen bouwvergunning hoeft te worden
Een monument is een geregistreerd object, een gebouw of een en-
aangevraagd, moeten aan minimale welstandseisen voldoen. In de
semble (sommige roerende zaken kunnen ook de status van monument
meeste welstandsnota's is daarvoor een excessenregeling opgeno-
verwerven) waarvan het rijk, de provincie of de gemeente de
men. Reclame-uitingen die `in ernstige mate' in strijd zijn met de
cultuurhistorische waarde van zodanig belang vindt dat er een
intenties van het reclamebeleid, kunnen op grond daarvan worden
beschermingsregime van toepassing wordt verklaard op grond van
aangepakt. Dit betekent een signaal afgeven, eventueel aanschrij-
de Monumentenwet 1988 voor de rijksmonumenten en een provinciale
ven, het actief begeleiden en aansporen van de ondernemer totdat
of gemeentelijke monumentenverordening voor de provinciale en ge-
het betwiste reclameobject voldoet aan de reclamevoorschriften en
meentelijke monumenten. Bij dit beschermingsregime past uiteraard
vereiste beeldkwaliteit. Bestuursrechtelijke handhaving vormt
een zo groot mogelijke terughoudendheid bij plaatsing van
daarbij een stok achter de deur. Of er sprake is van een exces, zal
reclame-uitingen.
ambtelijk en daarna door de welstandscommissie moeten worden
bepaald en beargumenteerd, op grond van de algemene richtlijnen
Vormgeving en plaatsing van een reclame-uiting op of aan gevels,
onder 1.1, 1.2, 1.3, 1.4, 1.5 en 1.6.
op het dak of in de nabijheid van een monument wordt altijd ge-
toetst door ambtelijke adviseurs van de RdMz voor Rijksmonumen-
Excessen zijn in ieder geval reclame-uitingen waarbij sprake is
ten, door een door het Provinciale bestuur aangewezen
van grove verstoring van de gevelcompositie, of in een overbodig
adviescollege voor provinciale monumenten en door de gemeente-
aantal en formaat, of in extreem contrasterend of bont kleurge-
lijke monumentencommissie indien sprake is van een gemeentelijk
bruik.
monument.
Positieve aspecten:
­
ingetogen reclamevoering en vormgeving ondergeschikt aan het
totale beeld van het object
­
samenhang met de context door eenvoudige en niet al te
opdringerige kleuren
­
reclame stijlvol geïntegreerd in gevelbeeld en in
overeenstemming met de allure en de sfeer van de omgeving
Negatieve aspecten:
­
te veel verschillende reclame-uitingen
­
plaatsing reclame op bovenverdieping
­
dichtzetten van raamopeningen
­
verschillende teksten en opdrukken op markiezen

100:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
2.
GEBIEDSGERELATEERDE RICHTLIJNEN
101
MODEL VOOR EEN GEMEENTELIJK RECLAMEBELEID
ALGEMENE RICHTLIJNEN
1.8
AFWIJKINGSMOGELIJKHEDEN
In dit tweede deel van het model voor een
gemeentelijk reclamebeleid onderscheiden we
1. Afwijken van de richtlijnen door Burgemeester en Wethouders
typen gebieden in een gemeente, om te komen
Uitgangspunt is dat Burgemeester en Wethouders handelen volgens
tot een nadere specificatie van richtlijnen voor
de gestelde richtlijnen, tenzij dat voor één of meer belanghebben-
den gevolgen zou hebben, die wegens bijzondere omstandigheden
wat wenselijk en onwenselijk is. We geven een
onevenredig zijn in verhouding tot de met de richtlijnen te dienen
algemene gebiedsbeschrijving met daaropvol-
doelen.
De welstandscommissie wordt in deze gevallen in de gelegenheid
gend enkele algemene noties voor positieve en
gesteld om te adviseren over een voornemen tot afwijking van de
negatieve beoordelingen, die in het betreffende
richtlijnen. Deze afwijkingsbevoegdheid is gebaseerd op art. 4.48
AwB. In dit artikel staat dat burgemeester en wethouders moeten
type gebied relevant kunnen zijn.
handelen volgens de opgestelde beleidsregels, tenzij dat voor
belanghebbenden gevolgen zou hebben die onevenredig zijn in
verhouding tot het doel van de beleidsregels.
2.1
BESCHERMDE STADS- EN DORPSGEZICHTEN
2.2
HISTORISCHE BINNENSTAD OF DORPSKERN
2. Afwijken van de richtlijnen door de welstandscommissie
2.3
WINKELCENTRA
2.4
PERIFERE WINKELGEBIEDEN
Ook de welstandscommissie kan bij haar advisering afwijken van
2.5
BEDRIJVENTERREINEN
het welstandsbeleid. Dit kan gebeuren op basis van een gemoti-
2.6
WOONGEBIEDEN
veerd positief welstandsadvies bij plannen die weliswaar strijdig
2.7
SPORT- EN RECREATIETERREINEN
zijn met de genoemde criteria, maar niet strijdig zijn met redelijke
2.8
BUITENGEBIED
eisen van welstand. Dit is te beargumenteren aan de hand van de
2.9
TERREINEN LANGS EN SNELWEGEN EN REGIONALE WEGEN
algemene welstandscriteria, zoals deze zijn opgenomen in de
meeste welstandbeleidsnota's.
Afwijkingen van het beleid vragen om een degelijk bestuurlijk
draagvlak. Wanneer de welstandscommissie voor een bepaalde re-
clame-uiting aanleiding ziet tot afwijken van het beleid, zal zij het
college van burgemeester en wethouders in haar advies daarover
informeren.

102:
`HALLÓ,
103:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
MODEL VOOR EEN GEMEENTELIJK RECLAMEBELEID
MODEL VOOR EEN GEMEENTELIJK RECLAMEBELEID
GEBIEDSGERELATEERDE RICHTLIJNEN
GEBIEDSGERELATEERDE RICHTLIJNEN
2.1
BESCHERMDE STADS- EN DORPSGEZICHTEN
2.2
HISTORISCHE BINNENSTAD OF DORPSKERN
Beschermde stads- of dorpsgezichten zijn gebieden die als
Een historisch centrum is het middelpunt van de stad en vormt een
samenhangend geheel van algemeen belang zijn door schoonheid of
belangrijke, cultuurhistorisch en economisch waardevolle schakel
geschiedenis, belangrijk zijn voor de wetenschap en een cultuur-
binnen het stedelijk weefsel. Het belang van een aantrekkelijk
historische betekenis hebben. Deze gebieden worden door de over-
verblijfsklimaat is groot en ook bepalend voor het economisch kli-
heid als zodanig aangewezen, en ze hebben daardoor een
maat. Uitgangspunt voor het beoordelen van vergunningaanvragen
beschermde status, waarvoor extra regels gelden met betrekking tot
is het waarborgen van het karakteristieke historische straatbeeld
bouwen en verbouwen. Uitgangspunt voor het beoordelen van ver-
met voldoende mogelijkheden voor reclamevoering.
gunningaanvragen is het behoud van het karakteristieke histori-
sche straatbeeld.
Positieve aspecten:
­
ingetogen reclamevoering
Positieve aspecten:
­
reclame stijlvol geïntegreerd in gevelbeeld
­
ingetogen reclamevoering
­
samenhang door eenkleurige reclame
Negatieve aspecten:
­
reclame stijlvol geïntegreerd in gevelbeeld
­
te veel verschillende reclame-uitingen voor één onderneming
­
plaatsing van reclame op bovenverdiepingen of op het dak
Negatieve aspecten:
­
dichtzetten van raamopeningen
­
te veel verschillende reclame-uitingen voor één onderneming
­
verschillende teksten en opdrukken op markiezen
­
plaatsing reclame op bovenverdiepingen
­
dichtzetten van raamopeningen
­
verschillende teksten en opdrukken op markiezen

104:
`HALLÓ,
105:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
MODEL VOOR EEN GEMEENTELIJK RECLAMEBELEID
MODEL VOOR EEN GEMEENTELIJK RECLAMEBELEID
GEBIEDSGERELATEERDE RICHTLIJNEN
GEBIEDSGERELATEERDE RICHTLIJNEN
2.3
WINKELCENTRA
2.4
PERIFERE WINKELGEBIEDEN
Winkelgebieden hebben een uitgesproken winkel- en/of promenade-
Aan de rand van de stad en langs de hoofdroutes bevinden zich
karakter en zijn vaak gelegen in grotere woonwijken of vormen een
vaak gebieden waar grootschalige detailhandel is gevestigd. Naast
aanvulling op de binnenstad van de gemeente. Het gemeentebestuur
de grotere meubelzaken, zijn in deze gebieden met name groothan-
zou in algemene zin kunnen nastreven dat reclame bij winkels op de
delsbedrijven, doe-het-zelf winkels en tuincentra gevestigd. Uit-
begane grond, of in de strook tussen de begane grond en de eerste
gangspunt voor het plaatsen van reclame-uitingen is het benutten
verdieping moet worden geplaatst. Daardoor ontstaat een logische
van randen gelegen langs hoofdroutes. De architectonische samen-
relatie tussen de commerciële aanprijzing en het bedrijf. Boven-
hang van het gebouw dient niet aangetast te worden. Dat betekent
dien wordt de overlast ingedamd voor eventuele woningen boven de
bijvoorbeeld at gestreefd kan worden naar uniforme afmetingen van
winkel.
reclame-uitingen per gebouw.
Voor deze gebieden zijn vanwege de sfeer en de gewenste uitstra-
Positieve aspecten:
ling meer mogelijkheden voor reclamevoering dan in historische
­
beperkte hoeveelheid reclame
gebieden of woonwijken. Uitgangspunt voor het beoordelen van
­
evenwichtige plaatsing in gevel
vergunningaanvragen is het behoud van de architectonische en
­
ingetogen hoeveelheid tekst
stedenbouwkundige samenhang van de samenstellende delen van het
winkelgebied, zowel op het maaiveld als op verschillende verdie-
Negatieve aspecten:
pingen.
­
overdaad van reclame-uitingen
­
te veel verschillende teksten, opdrukken en afmetingen
Positieve aspecten:
­
ramen dichtgezet met verschillende reclameborden en -folies
­
zone voor reclamevoering geïntegreerd in architectuur van de
gevel
Negatieve aspecten:
­
overdadige reclame-uitingen op luifels
­
diversiteit met lichtbakken, vlaggen, uitstallingen
­
plaatsing van lichtbak op de verdieping
­
stoepreclame en 3D-objecten op de weg

106:
`HALLÓ,
107:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
MODEL VOOR EEN GEMEENTELIJK RECLAMEBELEID
MODEL VOOR EEN GEMEENTELIJK RECLAMEBELEID
GEBIEDSGERELATEERDE RICHTLIJNEN
GEBIEDSGERELATEERDE RICHTLIJNEN
2.5
BEDRIJVENTERREINEN
2.6
WOONGEBIEDEN
Bedrijventerreinen worden gekenmerkt door grootschalige gebou-
Het uitgangspunt is dat in gebieden met hoofdzakelijk een woon-
wen en een functionele uitstraling, veelal gelegen aan de rand van
functie geen reclame-uitingen passen. Een uitzondering hierop zijn
steden en dorpen, in de overgang naar het platteland of in linten
de kleinere praktijkruimten. Voor deze gevallen is een bescheiden
langs snelwegen en provinciale wegen. In deze gebieden is de ruim-
aanduiding aan de gevel of in de tuin aanvaardbaar. Voor grotere
telijk landschappelijke en stedenbouwkundige beeldkwaliteit vaak
panden met een positieve bedrijfs-, winkel- of horecabestemming in
ondergeschikt aan de functionaliteit of de gebruikswaarde van de
een woonomgeving gelden andere richtlijnen. Uitgangspunt is dat
ruimte. Gezien de grote schaal van de bebouwing en het utilitaire
voor woongebieden de reclame/uitingen beperkt moeten zijn tot wat
karakter is een ruime hoeveelheid reclame mogelijk. Uitgangspunt
minimaal nodig wordt geacht.
blijft dat de reclame op een logische plaats tegen het gebouw of op
eigen terrein geplaatst dient te worden.
Positieve aspecten:
­
ingetogen, bescheiden en fraai vormgegeven
Positieve aspecten:
­
reclame beperkt tot soort bedrijf
­
gebruik eenkleurige losse letters met relatief klein logo op
verdieping
Negatieve aspecten:
­
reclame beperkt tot alleen de voorgevel
­
veel tekst, op afstand onleesbaar
­
meerdere logo's
Negatieve aspecten:
­
te hoge reclamezuil die te dicht bij de erfafscheiding is
­
veel tekst, zelfs op redelijke afstand onleesbaar, te veel
gesitueerd
verschillende reclameborden
­
vlaggen zonder samenhang langs de openbare weg of langs het
complex gesitueerd

108:
`HALLÓ,
109:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
MODEL VOOR EEN GEMEENTELIJK RECLAMEBELEID
MODEL VOOR EEN GEMEENTELIJK RECLAMEBELEID
GEBIEDSGERELATEERDE RICHTLIJNEN
GEBIEDSGERELATEERDE RICHTLIJNEN
2.7
SPORT- EN RECREATIETERREINEN
2.9
TERREINEN LANGS SNELWEGEN EN REGIONALE WEGEN
Onder dit gebiedstype vallen de grootschalige en kleinschalige
Langs provinciale en rijkswegen zijn vaak weggebonden bedrijven
sportcomplexen en de recreatiegebieden die verspreid in en rondom
gesitueerd die zich richten op de gebruikers van de weg. Onder
de stad zijn gesitueerd. De openbare ruimte is overdag algemeen
deze categorie vallen onder andere de wegrestaurants, motels en
toegankelijk maar het gebruik van de voorzieningen is veelal geli-
benzinestations. Deze bedrijven zijn veelal gelegen langs de weg in
miteerd tot leden en toeschouwers. Naamsaanduidingen voor de
het buitengebied of aan de randen van steden en dorpen. Het plaat-
sportvereniging zelf zijn goed mogelijk. Overige reclame­uitingen
sen van reclame op het gebouw of op eigen terrein heeft dan al snel
dienen beperkt te blijven tot enkele objecten aan de gevel van het
invloed op het landschap.
verenigingsgebouw of de kantine en reclameborden langs sport-
velden die gericht zijn op het veld.
Positieve aspecten:
­
beperkt aantal reclameobjecten, niet op het dak geplaatst
Positieve aspecten:
­
respect voor ligging in weidse omgeving
­
beperkt aantal borden
­
een informatief en duidelijk reclamesignaal met bijvoorbeeld
­
op tribune uitsluitend naamgeving en naamsvignet van
alleen een `R'
sportvereniging
Negatieve aspecten:
Negatieve aspecten:
­
verschillende gevelreclames en vlaggenmasten
­
te groot formaat van reclameobject in relatie tot het bouwwerk
­
grote constructie op het dak in slechte verhouding tot het
waarop het is bevestigd
gebouw waarop het is bevestigd
­
plaatsing en vormgeving reclameobject niet in overeenstemming
met de omgeving
2.8
BUITENGEBIED
Het buitengebied is het gebied met een open en landelijk karakter
buiten de bebouwde kom van steden en dorpen. Reclame-uitingen
worden hier snel als storend ervaren. Zeker nu het recreatieve ka-
rakter van het buitengebied meer aandacht krijgt is het belangrijk
de uitstraling tussen bebouwde kom en het buitengebied te bewa-
ken. Ook voor niet-agrarische bedrijven is het beperken van
reclame-uitingen van belang, zoals bijvoorbeeld bij restaurants,
hotels, maneges etc. Voor weggebonden bedrijven zoals wegrestau-
rants, benzinepompen en dergelijke zijn in deze reclamenota aparte
richtlijnen opgenomen. Voor bouwvergunningvrije reclame-uitingen
is de Provinciale verordening van toepassing. In deze verordening
worden al eisen gesteld aan allerlei vormen van reclame, zoals
borden, vlaggen en dergelijke. Voor de bouwvergunningplichtige
reclame-uitingen zal de aanvraag beoordeeld worden aan de hand
van onderstaande richtlijnen. Uitgangspunt is een zeer terughou-
dend beleid, waarbij de reclame-uitingen tot het minimum (hoeveel-
heid en afmetingen) worden beperkt.

3.
OBJECT GEREATEERDE RICHTLIJNEN
111:
`HALLÓ,
110
BEN IK IN BEELD?'
MODEL VOOR EEN GEMEENTELIJK RECLAMEBELEID
OBJECTGEREATEERDE RICHTLIJNEN
In dit derde deel van het model kunnen veel
3.1
RECLAMEOBJECTEN PLAT OP DE GEVEL
3.2
RECLAMEOBJECTEN LOODRECHT OP DE GEVEL
voorkomende reclameobjecten meer in detail
3.3
RECLAMEPLAKKATEN OF PLAKFOLIE
worden beschreven, zodat in ieder te onder-
3.4
RECLAME OP ZONWERINGEN EN MARKIEZEN
3.5
LOSSTAANDE STOEPBORDEN OF LOSSTAANDE
scheiden gebied nadere richtlijnen kunnen wor-
RECLAMEOBJECTEN
den gegeven. Er ontstaat zo een gebiedsgericht
3.6
RECLAME OP TERRASAFSCHEIDINGEN, SCHOTTEN EN
SCHUTTINGEN
beleid, waarin tot uitdrukking komt dat in
3.7
RECLAME OP PARASOLS
sommige gebieden van de gemeente meer is
3.8
RECLAMEOBJECTEN OP HET DAK
3.9
LICHTGEVENDE OF AAN GELICHTE RECLAMEOBJECTEN
toegestaan dan in andere gebieden. Het gaat
(LICHTBAKKEN)
altijd om drie soorten bepalingen: `hoeveel' is
3.10 VLAGGEN(MASTEN), VAANDELS, WIMPELS, BANIEREN
3.11 GEVELDEKKEND RECLAMEDOEK
maximaal toegestaan (bijvoorbeeld: aantallen,
3.12 VRIJSTAANDE RECLAMEZUILEN
maten, hoogte en breedte) `waar' mag het recla-
meobject gesitueerd zijn (bijvoorbeeld: uitslui-
tend tussen de begane grond en de eerste
verdieping, situering op de dakrand of juist
onder de dakrand) en `hoe' moet het eruit zien
en hoe mag het bevestigd worden (bijvoorbeeld:
niet verlicht, niet loodrecht op de gevel).


112:
`HALLÓ,
113:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
Colofon
MAASTRICHT
`HALLO, BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME
IN DE OPENBARE RUIMTE
Een publicatie van:
Welstandszorg Noord-Holland
Emmastraat 111
1814 DP Alkmaar
T (072) 520 44 59
F (072) 520 44 60
www.welstandszorg.nl
Opzet en eindredactie:
dr. ir. N. de Vreeze
In samenwerking met:
Dorp, Stad & Land
Rotterdam
Met tekstbijdragen van:
B. Schout en ir. A. van de Weijer
Tekstredactie:
J. Mudde-Crezée
Foto's:
N. de Vreeze
(Noord-Holland 001-032 en Maastricht 113-121)
Marco Naseman
(Maastricht 122-127)
Ontwerp:
Michaël Snitker, Amsterdam
Drukwerk:
Drukkerij Calff & Meischke, Amsterdam
Alkmaar
februari 2007



114:
`HALLÓ,
115:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
MAASTRICHT
MAASTRICHT



116:
`HALLÓ,
117:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
MAASTRICHT
MAASTRICHT



118:
`HALLÓ,
119:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
MAASTRICHT
MAASTRICHT



120:
`HALLÓ,
121:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
MAASTRICHT
MAASTRICHT









122:
`HALLÓ,
123:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
MAASTRICHT
MAASTRICHT



124:
`HALLÓ,
125:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
MAASTRICHT
MAASTRICHT



126:
`HALLÓ,
127:
`HALLÓ,
BEN IK IN BEELD?'
BEN IK IN BEELD?'
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
GEMEENTELIJK BELEID VOOR RECLAME IN DE OPENBARE RUIMTE
MAASTRICHT
MAASTRICHT