j
a
a
r
v
e
r
s
l
a
g 2
0
06 w
e
l
s
t
a
n
d
s
- e
n m
o
n
u
m
e
n
t
e
n
co
m
m
i
s
s
ie K
o
g
g
e
n
l
a
n
d
Jaarverslag 2006 voor de gemeente Koggenland
Welstandscommissie West-Friesland Kring Hoorn
Stichting Welstandszorg Noord-Holland
3
4
Voorwoord
Aan de gemeenteraad van Koggenland,
Hierbij bieden wij u het jaarverslag over 2006 van de welstandscommissie in uw gemeente
aan. Vanaf 1 januari 2007 zijn de gemeenten Obdam en Wester-Koggenland samengevoegd
onder de nieuwe gemeente Koggenland. Het jaarverslag besteedt daarom aandacht aan het
welstandsadvieswerk voor de beide voormalige gemeenten. Sinds de invoering van nieuwe
wettelijke regels over het functioneren van welstandscommissies adviseert de commissie
op basis van het gemeentelijke welstandsbeleid, zoals dat is vastgelegd in de gemeentelijke
welstandsnota. De stichting Welstandszorg Noord-Holland (WZNH) heeft de laatste jaren
veel aandacht besteed aan deze nieuwe manier van werken en in dit jaarverslag zullen wij u
informeren over onze ervaringen met `advisering op basis van beleid'.
Met de nieuwe wettelijke regels rond het welstandstoezicht werd vooral beoogd de rol
van gemeentebesturen als opdrachtgever van de welstandscommissie te benadrukken
en de voorwaarden voor welstandstoezicht daarop af te stemmen. Voor het functioneren
van de welstandscommissies zijn twee voorwaarden vooral van belang: een adequaat
en actueel welstandsbeleid in de vorm van een welstandsnota, en een jaarverslag van
de welstandscommissie aangevuld met bevindingen van het college van B&W over de
uitvoering van het welstandsbeleid. Beide documenten zouden in samenhang met elkaar
jaarlijks in de gemeenteraad besproken moeten worden. In veel gemeenten zijn daar de
afgelopen jaren de eerste ervaringen mee opgedaan.
In overeenstemming met de bedoeling van de wetgever bieden wij ons jaarverslag dit jaar
rechtstreeks aan de gemeenteraad aan. Wij hopen daarmee bij te dragen aan een solide
politiek en maatschappelijk draagvlak voor een kritisch en stimulerend welstandsbeleid
in uw gemeente. Het afgelopen jaar is ons steeds weer gebleken dat de meeste
gemeentebesturen zich echt verantwoordelijk voelen voor de ruimtelijke kwaliteit van hun
gemeente. Een welstandsbeoordeling bij het verlenen van bouwvergunningen kan daar
een positieve bijdrage aan leveren. De welstandscommissie wil zich graag daarvoor blijven
inspannen.
Wij zijn graag bereid de bevindingen in dit jaarverslag met u te bespreken zodat het
welstandstoezicht in de toekomst steeds nauwkeuriger kan worden afgestemd op de
uitgangspunten die u als gemeentebestuur van belang vindt.
Hoogachtend,
dr. ir. N. de Vreeze
directeur stichting Welstandszorg Noord-Holland
drs. ing. J.E.F. Muhren
voorzitter Welstandscommissie West-Friesland Kring Hoorn
5
6
Inhoudsopgave
1.
Ontwikkelingen in ruimtelijke kwaliteit
2.
Bijzondere welstandsbeoordelingen
3.
Welstandsnota
4.
Welstandscommissie
5.
Aanbevelingen
Bijlage 1:
Verslag evaluatiegesprek
Bijlage 2:
Cijfers 2006
Bijlage 3:
Curricula
Bijlage 4:
Adressen
7
8
1. Ontwikkelingen in ruimtelijke kwaliteit
Meer dan ooit in de geschiedenis van de welstandsadvisering in Noord-Holland wordt
de afgelopen jaren de rol en betekenis van de welstandszorg ter discussie gesteld.
Onder deze druk is er ook harder dan ooit gewerkt aan de modernisering van het
advieswerk. Meer advisering op basis van beleid (welstandsnota), meer openbaarheid,
professioneler schriftelijk adviseren, meer betrokkenheid vroeg in het planproces en
aandacht voor de culturele agenda. Meer en meer zal de traditionele welstandscommissie
zich moeten ontwikkelen tot een deskundige commissie op het gebied van ruimtelijke
kwaliteitsadvisering. Vanzelfsprekend verschuift het accent in het advieswerk dan ook van
de kleinere naar de meer belangwekkende plannen. De aandacht voor de kleinere plannen
wordt gestroomlijnd in de perfectionering van de sneltoets. De grotere plannen krijgen meer
en vaker de aandacht, planindieners en architecten krijgen ruim de gelegenheid hun plan te
presenteren.
Niet alleen de inhoud van het advies is aan de orde, maar ook de omgangsvormen. Respect
voor de aanvrager moet zich uiten in de kwaliteit van de planbehandeling en het advies.
Daarnaast zal de commissie zich steeds, bij iedere planbeoordeling, de vraag moeten stellen
of de invloed van een bouwplan de bemoeienis van de welstandscommissie rechtvaardigt
(proportionaliteit) en of het advies het primaire doel heeft bij te dragen aan kwaliteit van de
publieke openbare ruimte.
Als gevolg van de aanscherping van de protocollen van WZNH ten behoeve van de
kwaliteitsverbetering van adviezen, ontstaat er in de advisering een duidelijker onderscheid.
Waar in het verleden opmerkingen op een plan en suggesties ter verbetering nogal eens
door elkaar in een advies terug te vinden waren, is er de afgelopen jaren aan gewerkt om in
de adviezen een duidelijker onderscheid te maken. Op de eerste plaats de juridische toets,
of een plan voldoet aan redelijke eisen van welstand: is het plan op zichzelf en in relatie
tot de omgeving aanvaardbaar en welke in de welstandsnota omschreven criteria worden
hierbij aangevoerd. Op de tweede plaats het collegiaal ontwerpoverleg: de opmerkingen en
suggesties ter verbetering van het plan.
Opvallend genoeg is door deze scheiding een nadrukkelijke toename van het laatste waar
te nemen. In de commissie Kring West-Friesland Hoorn groeit het aandeel architecten en
aanvragers dat de commissie nadrukkelijk ook als klankbord gebruikt.
Vanaf 1 januari 2007 zijn de gemeenten Obdam en Wester-Koggenland samengevoegd
onder de nieuwe gemeente Koggenland. In dit jaarverslag wordt aandacht besteed aan de
verantwoording over het welstandsadvieswerk voor de beide voormalige gemeenten.
Met de samenvoeging van de gemeenten Wester-Koggenland en Obdam ontstaat wellicht
een groter, slagvaardiger en meer gespecialiseerd ambtelijk apparaat. De gemeente
Koggenland staat voor een periode waarin veel in het ruimtelijk beleid zal veranderen.
Niet alleen vanwege beleid en regelgeving van hogerhand, maar ook door de aanzienlijke
hoeveelheid ruimtelijke plannen binnen de gemeente zelf.
Zo staat er voor 2007 op het programma om het bestemmingsplan Landelijk gebied (2006),
het bestemmingsplan Komplan (2006) en verschillende kleinere bestemmingsplannen voor
met name de uitbreidingen de Burgtlanden II en Vredemaker-Oost III verder in procedure te
brengen.
Ook bestaan er plannen voor het in ontwikkeling brengen van bestemmingsplannen voor
onder andere de Westfrisiaweg en het regionale bedrijventerrein Jaagweg. Overigens
maakt de welstandscommissie zich wel zorgen over de landschappelijke inpassing van een
dergelijk terrein.
9
Daarnaast zijn er voor de komende periode een hele reeks plannen waaraan de gemeente
via vrijstellingsprocedures ex artikel19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening medewerking
wil verlenen. Het betreft onder andere:
- uitbreiding winkelcentrum Vijverhof te Avenhorn
- 8 appartementen op het terrein zuurkoolfabriek te Avenhorn
- bouw appartementen op terrein bakkerij Koning
- Burghtlanden II (ca. 135 woningen)
- 35 woningen in Ursem Oost III
- bouw 70-100 woningen in plan Lijsbet Tijs
- bouw 21 zorgappartementen in Horstenburgh
- bouw van 24 seniorenappartementen in Victorstaete
- bouw 7 woningen aan de Kwakelweg
- bouw van circa 19 woningen aan de Dorpsstraat 43 te Hensbroek
- bouw woningen hoek Braken/Dorpsstraat te Obdam
- bouw woningen terrein Floris, Dorpsstraat te Obdam
- aanleg golfbaan te Spierdijk
- woningbouw te Zuidermeer.
Deze plannen zullen een sterke wissel trekken op de capaciteit van het ambtelijk apparaat.
Maar ook voor de welstandscommissie kunnen deze ontwikkelingen een bijzondere
inspanning vergen.
Voor enkele van de plannen zijn reeds schetsplannen voor een principe-uitspraak in de
commissie ter tafel geweest. De commissie merkt op dat deze plannen meestal al de
stedenbouwkundige voorontwerpfase voorbij zijn en vaak in de fase van defi nitief ontwerp
aan de commissie worden voorgelegd. Dit is uiteraard al beter dan wanneer pas om advies
wordt gevraagd in het stadium van de uitgewerkte bouwaanvraag. In bepaalde gevallen is
dit voor de advisering door de welstandscommissie ook voldoende. Bij de wat complexere
plannen zoals hierboven genoemd, wordt de basis voor ruimtelijke kwaliteit echter meestal
al in de stedenbouwkundige fase gelegd. De commissie roept de gemeente dan ook op,
om de grotere plannen zo vroeg mogelijk voor advies voor te leggen. In andere gemeenten
is het zelfs gebruik dat de plaatselijke stedenbouwkundige regelmatig, bijvoorbeeld eens
per twee maanden, in de commissie komt om de verwachte ontwikkelingen te bespreken.
Stedenbouwkundige programma's van eisen en/of ruimtelijke onderbouwingen lenen
zich prima voor een eerste advisering op hoofdlijnen. In de praktijk betekent deze vroege
advisering van welstand niet alleen tijdwinst maar ook beperking van onvrede in de rest van
het planproces.
De commissie wordt momenteel ad-hoc om advies gevraagd bij beeldkwaliteitplannen,
bestemmingsplannen en stedenbouwkundige ontwerpen voor grote plannen. De commissie
roept de gemeente op dit meer structureel te doen.
Graag maakt de Welstandscommissie van Hoorn van de gelegenheid gebruik om te
wijzen op de werkzaamheden van de Themacommissie van de stichting Welstandszorg
Noord-Holland. Deze Themacommissie is een regio-overstijgend platform van specialisten,
samengesteld uit leden van de negen regiocommissies van WZNH, die snel en ad-hoc kan
reageren op specifi eke (specialistische) vragen met een meer algemene strekking. Deze
commissie vormt de schakel tussen de min of meer zelfstandig opererende regiocommissies
en de centrale bureaubezetting in Alkmaar. De specialisten kunnen een klankbord zijn voor
de regiocommissies. Ook het rechtstreeks uitbrengen van adviezen op verzoek van bij de
stichting aangesloten gemeenten behoort tot de mogelijkheden.
De Themacommissie kan bijvoorbeeld advies uitbrengen over de welstandsaspecten van
meer complexe aanvragen met bijzondere stedenbouwkundige, landschappelijke en/of
cultuurhistorische aspecten.
10
De Themacommissie brengt ook adviezen uit over beleidsplannen, bijvoorbeeld
structuurvisies of bestemmingsplannen in het kader van het artikel 10 overleg. De
Themacommissie centraliseert ook specifi ek, thema of objectgericht beleid. Zo is voor de
gemeente Hoorn nu gepland om specifi eke welstandscriteria voor woonschepen op te
stellen, op basis van bestaande kennis in andere gemeenten.
11
12
2. Bijzondere welstandsbeoordelingen
Algemeen
Het grootste deel van de plannen die de commissie ter beoordeling krijgt voorgelegd, wordt
gevormd door de ondergeschikte wijzigingen. Meestal zijn dit uitbreidingen van woningen
met erkers, dakopbouwen, dakkapellen, aanbouwen, bergingen, serres enzovoort. In de
praktijk blijken veel aanvragers toch meer te willen dan de sneltoetscriteria mogelijk maken.
De commissie houdt in de meeste gevallen de sneltoetscriteria aan. Als er aanleiding toe
bestaat (bijvoorbeeld omdat een plan niet zichtbaar is vanaf de openbare weg), wordt
beargumenteerd wel eens van de sneltoetscriteria afgeweken. Indien mogelijk wordt dan
aangesloten bij een trendsetter, of wordt een trendsetter vastgesteld.
Naast de woninguitbreiding is, zowel in Wester-Koggenland als in Obdam, veel sprake
geweest van aanvragen voor agrarische bijgebouwen en schuren. In vrijwel alle gevallen
wordt hier gestuurd op aansluiting bij de historische context van bebouwingskarakteristiek
en landschapspatronen.
Traditioneel wordt in het jaarlijks overleg met de wethouder een overzicht verstrekt van
plannen waarbij het college van B&W is afgeweken van het welstandsadvies. Het betrof in
2006 in alle gevallen ondergeschikte plannen. Drie dakkapellen, een kap op een garage, een
hekwerk en een poort. Bij de drie dakkapellen en de kap op het bijgebouw was er sprake
van afwijking van de welstandscriteria, op grond waarvan de commissie negatief adviseerde.
De situatie in de directe omgeving was in deze gevallen echter aanleiding voor het college
om toch met de plannen in te stemmen.
13
In het geval van de poort werd geanticipeerd op verruiming van de mogelijkheden in de
toekomst. Bij het hekwerk dat hoger was dan op grond van de criteria toegestaan, toonde
het college clementie omdat het bestaand hekwerk betrof (zie foto).
Gemeentehuis
Het bestaande gemeentehuis aan de Middenhof wordt met 2500 vierkante meter uitgebreid
om de nieuwe gemeenteorganisatie van Koggenland te huisvesten. Gekozen is voor een
zelfstandig ontworpen nieuw volume, omgeven door water. In de architectuur wordt bewust
niet bij het bestaande aangesloten. De commissie kan zich hierin vinden.
Het gebouw wordt geheel in wit geëmailleerd staalplaat uitgevoerd. Het glas is helder
en ook het overige materiaal is licht. De hoofdopzet en de gekozen middelen acht de
commissie goed mogelijk. De commissie vraagt wel zorg voor de toepassing van de
platen in rondingen. Daarnaast geeft de commissie de suggestie om de waterpartij aan de
binnenzijde te vergroten.
Het bouwplan voor het gemeenthuis is aangepast aan deze opmerkingen van de
welstandscommissie. De waterpartij wordt vergroot en de weg wordt verlegd. De eerste fase
van de bouwvergunning is inmiddels verleend.
14
Burghtlanden
Usp Vastgoed en Zeeman Vastgoed hebben in 2006 gezamenlijk een plan ingediend voor
de bouw van 69 woningen in de Burghtlanden. In het plan zijn rijen en twee-onder-een-
kapwoningen opgenomen. In afwijking van het stedenbouwkundig plan is een blokje haaks
geplaatst bij het plantsoen. Op zich is deze verbijzondering een goede aanvulling op het
plan. Wel stelt de commissie bij de principebehandeling vast dat nog eens goed naar de
symmetrie zou moeten worden gekeken. In eerste instantie lijkt het blokje symmetrisch
van opzet, maar dit wordt niet consequent doorgezet. De twee-onder-een-kapwoningen
hebben ook een asymmetrische opzet waarmee de afwisseling wordt vergroot. Ook de
torentjes dragen bij aan een afwisselend beeld. Positief aan het plan is dat op kwetsbare
plekken bij de rijhuizen hagen in een stenen kader zijn opgenomen. De commissie merkt
op, zoals vrijwel altijd in de fase van principeverzoek, dat het plan valt of staat met een
zorgvuldige detaillering en materialisering. Ook wordt aan de architect gevraagd de opties
voor woninguitbreidingen, met name op het dak, alvast te tekenen.
Bij de tweede behandeling heeft de architect alle opmerkingen op een goede manier in het
plan verwerkt. De commissie spreekt haar complimenten uit over de uitwerking van het plan.
15
Geesterland / Noordgouw
Een bijzonder plan in de sociale woningbouwsector betreft de bouw van dertig woningen
aan het Geesterland / Noordgouw te Ursem. De woningen worden gegroepeerd in blokken
van zes. De ontwerper is erin geslaagd een aansprekend straatbeeld te creëren. Zeker bij
de wat grotere woningen is er sprake van een rijke uitstraling door de muurdammen en de
dakoverstekken.
In de eerste principebehandeling geeft de commissie aan dat het plan op hoofdlijnen zeker
voldoet. Ten overvloede maakt de commissie enkele opmerkingen en suggesties. Het
betreft de voorkeur voor het weglaten van een gevelbalk en de aandacht voor een strakke
en vlakke detaillering van de overgang van de zijgevel in het dakvlak. Verder spreekt de
commissie een voorkeur uit voor de ruwbewerkte baksteen en vraagt om het meeontwerpen
van de uitbreidingsopties. Aan alle opmerkingen wordt door de ontwerper in tweede
behandeling tegemoet gekomen, waarna de commissie positief adviseert.
16
Polderweijde
Voor het gebied Polderweijde in Obdam is een beeldkwaliteitplan opgesteld dat vastgesteld
is als het te hanteren welstandsbeleid. De ervaring leert dat de geboden principes te weinig
houvast bieden voor samenhang in de straten en tussen de verschillende planonderdelen.
Het stedenbouwkundig plan voor Polderweijde is gelukkig tamelijk krachtig door de
toepassing van een wateras, een ring en radiaalstraten. Op een goede manier zijn accenten
gelegd en zijn verbindingen en zichtlijnen op het open land gewaarborgd. Deze krachtige
eigenschappen worden nu al goed in de eerste realisaties zichtbaar.
In de praktijk stuurt de commissie nu, aan de hand van het beeldkwaliteitplan, zoveel
mogelijk op samenhangende straatbeelden. Desalniettemin kan het voorkomen dat op
zichzelf heel acceptabele woonhuizen wat wezenvreemd naast elkaar staan (zie foto
stolpwoning), omdat dit in de criteria passend is.
In het gebied maakt de commissie zich zorgen over de aanpak van de erfscheidingen. Juist
in dit plan, met zijn vele zijerven aan de straat, is de hoogwaardige afscherming hiervan
uitermate belangrijk voor het totaalbeeld.
17
Vijverhof
Aan de Vijverhof, het centrale deel van het winkelcentrum de Goorn is een al eerder
voorziene uitbreiding van het winkelcentrum aangevraagd door WPM Bouwgroep. Het
plan past naadloos in het nieuwe bestemmingsplan. De bestaande Lidl wordt verplaatst
waardoor ruimte vrij komt voor de uitbreiding. In het nieuwe gedeelte worden winkels en
appartementen gerealiseerd, het plan leunt duidelijk op de eerdere fase. Dezelfde architect
is betrokken en het plan wordt eerst als principeverzoek aangevraagd. De commissie
concludeert dat op een goede manier is aangesloten op de bestaande bebouwing.
De inrichting van het terrein vraagt nog wel extra aandacht. Bij de opwaardering van de
gevels van de bestaande Lidl wordt aandacht gevraagd voor de verfi jning van de details
(bijvoorbeeld ten aanzien van de hemelwaterafvoer). Begin 2007 is de planuitwerking,
met een goede reactie op de gemaakte opmerkingen, opnieuw positief in de commissie
beoordeeld.
18
Nieuwe lintbebouwing
Walingdijk
Een bijzonder plan betrof de herbouw van een woning aan de Walingdijk, in opdracht van de
familie Schaap. Het eerste schetsplan ging uit van twee hoofdvolumes, waarbij de bedoeling
was een referentie te maken naar een boerderij met kapberg. Het principe en de eigentijdse
bedoelingen spraken de commissie aan, maar vergde wel een gedegen uitwerking.
De commissie gaf mee dat de gekozen architectuur impliceert dat de gebouwonderdelen op
een consequente eigentijdse manier gedetailleerd en gematerialiseerd moesten worden. In
dergelijke gevallen wordt meestal dan ook door de commissie aangegeven dat de hoofdlijn
akkoord is maar dat het plan valt of staat met de verdere uitwerking. De commissie heeft
ervaringen met bijzondere conceptuele plannen die in een latere uitwerkingsfase (vaak door
bouwkundig tekenbureaus) niet meer uit de verf komen.
In dit geval bleek dit goed uit te werken en kwam de ontwerper terug met een aanzienlijk
aangescherpte uitwerking. Op kleurstelling en detaillering na ging de commissie akkoord. De
commissie vroeg hierbij nadrukkelijk ook om de principedetails.
Schetsplan.
Uitwerking.
19
Dorpsweg
Op grond van het in de gemeentelijke welstandsnota van Obdam opgenomen criterium dat
de bouwmassa zich in schaal en ritme dient te voegen naar de omliggende bebouwing,
werd het plan voor het vergroten van de woning Dorpsweg 108 te Hensbroek, niet akkoord
bevonden. Het plan is gesitueerd in het gebied lintbebouwing binnen de kern, een bijzonder
welstandsgebied. De commissie had bezwaar tegen het toegevoegde bouwvolume
vanwege de massaliteit en samengestelde vormgeving.
Al in het eerste advies gaf de commissie in overweging om het toegevoegde volume als een
zelfstandige eenheid toe te voegen aan de bestaande hoofdmassa. In tweede instantie werd
in overleg met de ontwerper duidelijk dat er een mogelijkheid was om de twee volumes
meer los van elkaar te ontwikkelen en het achtergelegen volume de kenmerken van een
kapberg te geven. De commissie adviseerde om het geheel eenvoudiger en meer ingetogen
te detailleren en wellicht te voorzien van een vlak schilddak.
Bij de derde behandeling bleek het kapbergvolume over de volle acht meter breedte te zijn
opgezet waardoor het achterlegen volume buiten verhouding raakte met de voorgelegen
woning.
Na constructief overleg paste de ontwerper het plan wederom aan en versmalde het
kapbergvolume. Na bemonstering van de materialen kon de commissie enigszins opgelucht
met het uiteindelijke resultaat instemmen.
Het eerste plan.
Aangepast plan.
20
Ondergeschikte woninguitbreidingen
N. Koppestraat
De bouw van een erker aan de N. Koppestraat is illustratief voor de behandeling van de
vaak voorkomende ondergeschikte volumevergrotingen van woonhuizen. Met name aan de
voorzijde kunnen dergelijke toevoegingen als erkers, dakkapellen, garages en carports grote
invloed hebben op het straatbeeld. De commissie poogt om een consequente, maar ook
proportionele advieslijn aan te houden. Doorslaggevend is meestal of er in wordt geslaagd
de uitbreiding ondergeschikt te houden aan het hoofdvolume en hierop ten aanzien van de
uitvoering en detaillering afgestemd.
Veel komt het voor dat relatief sober gedetailleerde woonhuizen, met name uit de tweede
helft van de vorige eeuw, worden uitgebreid met nogal klassiek gedetailleerde toevoegingen.
Als niet gelijk ook de gevels worden aangepakt levert dit meestal een onsamenhangend
geheel op. Bij het plan aan de N. Koppestraat, gelegen in het deelgebied woongebieden
(regulier) oordeelde de commissie in eerste instantie dat de uitbreiding door de massa, de
verhoudingen en de geringe transparantie niet meer kon worden opgevat als een erker. De
uitbreiding aan de voor- en zijkant tastte de architectuur van het woonblok teveel aan. Daar-
naast was de detaillering te afwijkend van de oorspronkelijke architectuur.
Naar oordeel van de commissie zou de oplossing kunnen worden gevonden in de toepas-
sing van twee losse erkers zijn aan de voor- en zijkant. De opmerkingen werden in het
verslag van de vergadering opgenomen. Het advies luidde `niet akkoord nader overleg',
hetgeen betekent dat nog geen formeel negatief advies aan burgemeester en wethouders
wordt geformuleerd maar dat nader overleg wordt gevoerd om tot verbetering te komen.
Ook in tweede instantie wordt het plan om dezelfde redenen niet overeenstemming geacht
met redelijke eisen van welstand. In derde instantie is de aanbouw opgedeeld in twee er-
kers, waardoor de hoek van de woning weer zichtbaar wordt. De transparantie is veel groter
gemaakt en de detaillering is zorgvuldig afgestemd op de architectuur van de woning.
Bestaande situatie.
Het eerste plan.
Het aangepaste plan.
21
Diversen
Dakopbouw Dorpsweg
Op het zalencomplex La Mere Anne aan de Dorpsweg 110 te Oudendijk werd begin 2006
een dakopbouw aangevraagd. Het plan is gesitueerd in het gebied lintbebouwing binnen de
kernen, een regulier welstandsgebied. Het complex is door de vele onzorgvuldige uitbrei-
dingen en wijzigingen in de voorgaande jaren verworden tot een totaal onsamenhangend
volume. Er werd een nieuwe dakopbouw voorgesteld die met zijn langgerekte vorm het on-
samenhangende nog verder zou versterken. In de dialoog met de ontwerper wordt gesug-
gereerd om het thema van topgevels te gebruiken. Hiermee kan een bepaalde samenhang
ontstaan, omdat de topgevels ook al bij de entree voorkomen.
Met toepassing van dit ontwerpprincipe ontstaan er in de verdere uitwerking drie zelfstan-
dige eenheden waardoor het langgerekte van de dakopbouw tot de juiste proporties wordt
terug. De commissie adviseert daarna positief over de aangepaste tekening.
22
Het aangepaste plan.
Nijenburglaan, Focuspunt
In 2004 werd het plan Focuspunt aan de Nijenburglaan te Obdam gepresenteerd. Het plan
betrof de nieuwbouw van een woongebouw met 21 appartementen door Trigallez archi-
tecten in opdracht van Mulder Obdam. Het plan werd destijds direct enthousiast ontvangen
door de commissie. Op hoofdlijnen en later bij de uitwerking voldeed het plan ruim aan
redelijke eisen van welstand. De commissie had echter grote moeite met de wijze waarop
de terreininrichting en de bergingen op het plan aansloten. Het complex is ontworpen als
een object in de ruimte, maar er ontstond een geprivatiseerde en rommelige achterkantsitu-
atie. In verschillende sessies is hiervoor in zeer constructief overleg met de architect een
betere oplossing uit de bus gekomen door bergingen en maaiveldontwerp echt voort te
laten komen uit de architectuur van het gebouw. Ook opmerkingen op de latere bezuinigin-
gen in 2005 aan met name de voorgevel zijn op een constructieve wijze door de architect in
samenspraak met de commissie verwerkt. De foto's tonen de gerealiseerde kwaliteit.
23
24
3. Welstandsnota
Algemeen
De gemeentelijke welstandsnota is voor de welstandscommissie het bindende beoordelings-
kader. De commissie verwijst in haar adviezen steeds naar de van toepassing zijnde wel-
standscriteria. In de welstandnota zijn naast alle procedures, de welstandscriteria opgeno-
men, op basis waarvan de welstandscommissie bouwplannen dient te toetsen.
Onderscheid wordt gemaakt in de volgende categorieën criteria:
Gebiedsgerichte criteria
In de nota zijn verschillende gebieden onderscheiden met elk hun eigen kenmerken en bij-
behorende welstandscriteria. Er zijn gebiedsgerichte welstandscriteria opgenomen voor de
volgende gebieden:
- Lintbebouwing binnen de kern
- Lintbebouwing in het landelijk gebied
- Woongebieden
- Centrumgebied
- Bedrijventerreinen
- Buitengebied, incidentele bebouwing landelijk gebied.
- Overige gebieden recreatiegebieden en sportterreinen.
In de welstandsnota van Westerkoggenland hebben alleen de centrumgebieden een bijzon-
der welstandsregime gekregen, de overige gebieden, dus ook de linten, zijn regulier.
In de welstandsnota van Obdam was deze categorie gebieden wel tot bijzonder welstands-
gebied bestempeld, wat meer recht doet aan de aard van de plannen. De meeste plannen
in de oude lintstructuren zijn door de diversiteit, de tradities en de schaalverschillen veel ge-
compliceerder dan de standaardplannen in de woongebieden en op de bedrijventerreinen.
De bestaande kwaliteit van de lintstructuren rechtvaardigt feitelijk een meer gedetailleerde
benadering.
Sneltoetscriteria
Plannen voor met name dakkapellen, aan- en uitbouwen, bijgebouwen en gevelwijzigingen
die aan de vastgestelde sneltoetscriteria voldoen worden in de meeste gevallen ambtelijk
afgehandeld. Alleen bij twijfel komen ze in de commissie.
De ondergeschikte plannen die (net) niet aan de sneltoetscriteria voldoen komen ter beoor-
deling bij de welstandscommissie. De ervaring leert dat deze plannen over het algemeen,
naar het oordeel van de commissie, toch dienen te voldoen aan de sneltoetscriteria. De
gevallen waarin hiervan beargumenteerd wordt afgeweken betreffen meestal dakkapellen
met geringe overschrijdingen in de plaatsing en/of lengte/hoogte, meestal op plaatsen waar
ze slecht zichtbaar zijn of waar sprake is van een bijzondere dakvorm.
Algemene welstandscriteria
Als de gebiedsgerichte en objectgerichte welstandscriteria voor een concreet plan niet toe-
reikend zijn, kan de welstandscommissie het plan `op zichzelf' beoordelen op grond van de
algemene welstandscriteria. Bij de toepassing van de algemene criteria dient altijd uitvoerig
te worden gemotiveerd waarom de gebiedscriteria niet konden worden toegepast.
Van de algemene criteria is in 2006 geen gebruik gemaakt.
25
Werkwijze
De welstandscommissie heeft bij alle planbehandelingen de welstandsnota gebruikt.
Bij elke behandeling wordt door de voorzitter vastgesteld welke welstandscriteria voor het
betreffende plan gebruikt moeten worden. Vervolgens vindt de beoordeling plaats, waarbij
de commissie in navolging van de welstandsnota zoveel mogelijk van groot naar klein werkt.
De commissie begint bij de plaatsing van het bouwwerk. Binnen de mogelijkheden van het
bestemmingsplan zijn vaak verschillende alternatieven mogelijk, die voor het aanzien van
het bouwwerk in zijn omgeving een groot verschil kunnen maken. Vervolgens beoordeelt
de commissie de massa's en het volume, ook weer in relatie tot de mogelijkheden die het
bestemmingsplan biedt. Daarna pas wordt ingegaan op de maten en verhoudingen in het
bouwwerk zelf, de gevelindeling is hierbij een belangrijk punt. Tot slot worden materialen,
kleuren en details beoordeeld. Het spreekt voor zich dat als een plan op een hoger schaalni-
veau niet akkoord is, de beoordeling van de meer gedetailleerde schaalniveaus meestal nog
niet kan worden uitgevoerd.
Herziening van de welstandsnota
Inmiddels is er na drie jaar bij de commissieleden voldoende ervaring en kennis over de cri-
teria opgebouwd om deze criteria vaak impliciet in de planbehandeling mee te nemen. In de
schriftelijke adviezen en in de afhandeling van plannen in het commissieverslag wordt er nu
altijd naar de welstandsnota verwezen. De commissie merkt dat na een eerste gewennings-
periode de welstandsnota de bedoelde functie heeft gekregen. Als aan vastgestelde beleids-
aspecten kan worden gerefereerd wordt de acceptatie onder degenen die met het advies
worden geconfronteerd groter. Er blijkt meer begrip te zijn, met name bij bezoekers, als de
beleidsnota als door de raad vastgesteld kader wordt gepresenteerd. Andersom bestaat de
indruk dat de nota zelden door aanvragers en architecten wordt gehanteerd.
Tegelijkertijd is in de afgelopen periode duidelijk geworden dat bij beoordeling aan de hand
van tamelijk algemene criteria, steeds weer interpretatie door de commissie nodig is. Niet
verhuld mag blijven dat in veel gevallen de voor grotere gebieden omschreven criteria met
enig kunst en vliegwerk op het specifi eke bouwplannen van toepassing moet worden ge-
maakt.
De welstandsnota van de voormalige gemeente Wester-Koggenland en van de voormalige
gemeente Obdam zullen op korte termijn worden samengevoegd tot de welstandsnota Kog-
genland. Bij deze herziening wordt in elk geval aanbevolen het onderscheid tussen regulier
en bijzonder welstandsregime zoals dat in de nota van Obdam geldt aan te houden, waarbij
de linten een bijzonder regime krijgen.
In begin 2005 is er al een bescheiden revisie van de welstandsnota doorgevoerd. Hierbij zijn
met name de sneltoetscriteria op onderdelen aangepast. Onder andere de dakhelling bij
stolpen en de hoogtemaat van dakkapellen aan de voorzijde werden verruimd.
Bij de samenvoeging van de twee nota's zou een meer grondige revisie kunnen worden
overwogen, waarbij door de gehele nota aanpassingen kunnen worden doorgevoerd op
basis van ervaringen van de commissie in de afgelopen jaren.
In het gesprek met de wethouder (zie bijlage) is ook het overwegen van een welstandsvrije
situatie in sommige gebieden aan de orde gekomen.
26
Ingrepen die buiten alle kaders vallen zullen blijven bestaan... is dit reclame, een bouwwerk, een voertuig of
misschien kunst in de openbare ruimte?
27
28
4. Werkwijze welstandscommissie
De commissie
De welstandscommissie West-Friesland Kring Hoorn is een van de 12 commissies die in
Noord-Holland werkzaam zijn onder supervisie van de stichting Welstandszorg Noord-Hol-
land. De commissie adviseerde in 2006 de gemeenten Hoorn, Opmeer, Wester-Koggenland
en Wognum. De leden van de welstandscommissie zijn benoemd door de gemeenteraad.
De commissie was in 2006 als volgt samengesteld:
- voorzitter: drs. ing. J.E.F. Mühren
- secretaris: ing. C.M. Hooyschuur
- architectlid: ing. R. de Vries
De commissie werd ondersteund door:
- M. Bruin, commissiecoördinator stichting WZNH
- C.G.J. Hoek, plantoelichter gemeente Wester-Koggenland
- E. Krap, plantoelichter gemeente Obdam
De commissievergadering
De commissie vergaderde dit jaar op de tweede en vierde woensdag in het gemeentehuis
van Hoorn. De vergaderingen worden, in samenspraak met de commissiecoördinator me-
vrouw Mariette Bruin, voorbereid door de gemeentelijke plantoelichter, de heer Cor Hoek.
Hij stelt van te voren de agenda op, zorgt dat de planindieners geïnformeerd worden en is
verantwoordelijk voor de plandossiers. De samenwerking met de gemeentelijke plantoelich-
ter Cor Hoek loopt uitstekend. Hetzelfde gold overigens ook voor de gemeentelijke toelichter
van Obdam, de heer Ed Krap.
Het ingediende tekenwerk van aanvragers laat nog een enkele keer te wensen over maar
de bijgeleverde stukken in het dossier als situatie, foto's en welstandscriteria zijn altijd goed
verzorgd.
De vergadering van de welstandscommissie is in principe openbaar. Hoewel de vergadering
plaats vindt in het gemeentehuis van Hoorn merkt de commissie dat het aantal bezoekers
toeneemt. Professionele opdrachtgevers en architecten komen vaak in een vroeg stadium
naar de commissie, steeds vaker op eigen initiatief. Als er een toelichting op een plan wordt
gevraagd heeft men vaak ook al weer aan het plan gesleuteld. Particuliere opdrachtgevers
komen vaker zelf en meestal naar aanleiding van een negatief advies. Meestal wordt er dan
om uitleg gevraagd, hetgeen nog wel eens tijdrovend uitpakt, omdat men de context, de be-
tekenis en de beperkingen van het welstandstoezicht nog niet kent. Vaak wordt bijvoorbeeld
aan de commissie gevraagd om te vertellen hoe men het dan wel moet doen.
Kleinere plannen
De kleinere bouwplannen zijn ook in 2006 door de gehele commissie behandeld. Over het
algemeen is de tijdsbesteding per plan relatief kort en worden de meeste plannen in eerste
behandeling positief beoordeeld.
Gelet op de samenvoeging van de gemeenten en daarmee samenhangende toename van
het aantal plannen kan echter overwogen worden de ondergeschikte plannen gemanda-
teerd te laten beoordelen door de secretaris in een zogenaamde `kleine commissie'. Veel
van deze kleine plannen voldoen vaak net niet aan de sneltoetscriteria, of betreffen variaties
waarin de sneltoetscriteria voor kleine bouwwerken niet voorzien. Indien de secretaris twijfelt
of negatief wil adviseren worden de plannen alsnog in de grote commissie behandeld.
29
Wellicht kunnen de kleine plannen dan ook in het gemeentehuis van Koggenland worden
behandeld.
Planbehandeling
In totaal zijn in 2006 voor de gemeente Wester-Koggenland 248 planbehandelingen uitge-
voerd voor 217 vergunningaanvragen, waarvan 12 betrekking hadden op aanvragen van
voorgaande jaren. Het aantal nieuwe aanvragen was 205. Er zijn 21 negatieve adviezen
geschreven.
Voor Obdam zijn in 2006 203 planbehandelingen uitgevoerd voor 167 vergunningaanvra-
gen, waarvan 20 betrekking hadden op aanvragen van voorgaande jaren. Het aantal nieuwe
aanvragen was 147. Er zijn 15 negatieve adviezen geschreven.
Meer cijfers zijn opgenomen in bijlage 2.
Jaarverslag en evaluatiegesprek met de portefeuillehouder
Ons jaarverslag over 2005 is in juni 2006 verzonden aan de gemeente. Op 28 februari 2007
heeft het evaluatiegesprek met wethouder P.G. Moeijes plaatsgevonden (zie bijlage 1 voor
het verslag van dit gesprek).
De jaarlijkse excursie
Tengevolge van gemeenteraadsverkiezingen en het samenvoegen van de diverse gemeen-
ten in West-Friesland in het najaar van 2006, heeft er geen excursie plaatsgevonden.
30
5. Aanbevelingen
De welstandscommissie ervaart de samenwerking met de gemeente Koggenland als zeer
prettig en professioneel.
De commissie doet de volgende aanbevelingen:
De welstandsnota van de voormalige gemeente Wester-Koggenland en van de voormalige
gemeente Obdam zullen op korte termijn worden samengevoegd tot de welstandsnota Kog-
genland. Bij de samenvoeging van de twee nota's zou een grondige revisie kunnen worden
overwogen, waarbij door de gehele nota aanpassingen kunnen worden doorgevoerd op
basis van ervaringen van de commissie in de afgelopen jaren.
Bij deze herziening wordt in elk geval aanbevolen het onderscheid tussen regulier en bijzon-
der welstandsregime zoals dat in de nota van Obdam geldt aan te houden, waarbij de linten
een bijzonder regime krijgen.
In het gesprek met de wethouder (zie bijlage) is ook het overwegen van een welstandsvrije
situatie in sommige gebieden aan de orde gekomen.
Bij de voorbereiding van plannen met een ruimtelijke impact (zoals nieuwe bestemmings-
plannen, structuurplannen) is het van belang om, ook in de conceptuele fase, met de
welstand te overleggen. Op deze manier groeit welstand mee met de planvorming van de
gemeente, anderzijds levert het bij de gemeente weer mogelijk nieuwe gezichtspunten op.
De commissie kan niet genoeg benadrukken, bij grote plannen, behoefte te hebben aan een
vooraf opgesteld kader waaraan bij de uitwerking van de plannen kan worden getoetst.
Wellicht is het goed om ook regulier (bijvoorbeeld eens per kwartaal) met de afdeling RO de
ontwikkelingen af te stemmen.
Gelet op de samenvoeging van de gemeenten en daarmee samenhangende toename van
het aantal plannen kan echter overwogen worden de ondergeschikte plannen gemanda-
teerd te laten beoordelen door de secretaris in een zogenaamde `kleine commissie'.
31
32
Bijlage 1: Verslag evaluatiegesprek
Verslag van het jaarlijks evaluatiegesprek met de wethouder van de gemeente
(Wester)Koggenland, de heer P. Moeijes, op woensdag 28 februari 2007 in het
gemeentehuis te Avenhorn.
Aanwezig namens de gemeente Koggenland: dhr. P. Moeijes (wethouder) en dhr. C.G.J.
Hoek (plantoelichter); namens de commissie: dhr. J.E.F. Mühren (voorzitter); dhr. R. de Vries
(architectlid), mevr. M. Bruin (commissiecoördinator).
Afwezig: dhr. C.M. Hooyschuur (secretaris).
De heer Moeijes heet de commissie hartelijk welkom. De heer Moeijes kondigt aan dat hij de
gemeente Koggenland gaat verlaten. Hij vertrekt naar de gemeente Schermer, het is geen
afscheid van de stichting WZNH omdat deze gemeente ook aangesloten is bij de stichting
WZNH.
Aan de hand van de aandachtspunten die zijn opgesteld voor dit evaluatiegesprek worden
de volgende onderwerpen besproken.
Jaarverslag 2005
Het jaarverslag 2005 is aan het college van B&W aangeboden. De heer Moeijes geeft als
reactie hierop dat volgens artikel 10 van het gemeentelijk Reglement van Orde, het jaarver-
slag in april aangeboden dient te worden aan de gemeenteraad. Afgelopen jaar is dit pas
vlak voor de zomer gebeurd en is de behandeling in de raad in september gebeurd. Op het
verzoek of het jaarverslag 2006 nog in april aan de gemeenteraad kan worden aangeboden,
wordt aangegeven dat dit wel de planning is.
Advisering op basis van de welstandsnota
- Nieuwe welstandsnota per 1 januari 2007 voor de nieuwe gemeente Koggenland is uit-
gesteld. De welstandsnota dient op vele punten aangepast te worden, daar er duidelijke
verschillen zijn tussen de voormalige gemeenten Obdam en Wester-Koggenland. De Lin-
ten worden bijvoorbeeld in voormalig Obdam als bijzonder welstandsgebied beoordeeld.
Het college wil onderzoeken of het mogelijk is de welstandsnota binnen de eigen orga-
nisatie samen te voegen en aan te passen, in plaats dit uit te besteden aan een extern
bureau.
De heer Mühren stelt voor dat de commissieleden samen met de plantoelichter de heer
Hoek de welstandsnota doornemen en dat dit door een van de eerder bij de vervaar-
diging van de nota's betrokken bureau's wordt uitgewerkt. Het bureau Stadswerk van
Twan Jutte zou dit ter hand kunnen nemen. Hierdoor wordt de ervaring van de afgelopen
jaren op een intensieve manier verwerkt.
Ook wordt aan de orde gesteld het eventueel welstandsvrij maken van bepaalde gebie-
den. De heer Moeijes geeft aan dat dit op beperkte schaal wellicht best mogelijk is. Ge-
dacht wordt aan campings, binnenterreinen van bedrijventerreinen. Als voorbeeld wordt
het middengebied van een bedrijventerrein in Obdam genoemd.
- Het college van B&W is in 2005 zes keer afgeweken van het advies van de welstands-
commissie: Dorpsweg 53 te Oudendijk, Westeinde 284 te Berkhout, Noord-Spierdijker-
weg 149 te Spierdijk, Noorddijkerweg 118 te Ursem, Zomerdijk 5a Te Oudendijk, Oost-
einde 31 te Berkhout.
- Er zijn geen opmerkingen over de verslagen, advisering en planbehandelingen. De advie-
zen zijn goed leesbaar en zakelijk aldus de heer Moeijes.
33
Recente (belangrijke) bouwplannen waarover de commissie is geadviseerd.
- Advisering over het gebruik van dakpanplaten
- Tien appartementen aan het Veer 70 te Avenhorn
- Golfclub de Wogmeersche
- 30 woningen te Ursem
- 69 woningen in Burghtlanden
- Herbouw stolp met kapberg aan de Walingsdijk 101 te Ursem
- Camping Topparken Kerkebuurt te Berkhout
- Gemeentehuis Avenhorn De Goorn.
Openbaarheid vergadering van de welstandscommissie
In 2006 zijn er 30 bouwplannen toegelicht door eigenaren en/of architecten. Er wordt steeds
meer gebruik van gemaakt, vooral door burgers die op een kavel een woning willen laten
bouwen.
De heer Mühren geeft aan dat er een mogelijkheid bestaat om kleinere plannen op het
gemeentehuis te Avenhorn af te handelen, dit zou voor bezoekers ook zeer klantvriendelijk
overkomen.
Na de samenvoeging tussen de gemeenten Obdam en Wester-Koggenland neemt het aan-
tal plannen alleen maar toe en zou het bovenstaande een optie kunnen zijn.
Aanbevelingen van de portefeuillehouder aan de welstandscommissie voor de toekomst
Het jaarverslag 2006 in april 2007 aanbieden aan de gemeenteraad. Het verslagjaar loopt
van januari tot december. Bespreking van het jaarverslag in de gemeenteraad wordt gecom-
bineerd met de jaarlijks op te stellen rapportage over de uitvoering van het welstandstoe-
zicht door het college van B&W.
Wat verder ter tafel komt
Samenvoegen van bestanden (gebieden, adressen, bouwkosten etc.) met de welstands-
commissie en het programma Provas (ECS). Er is overleg geweest met de stichting WZNH
en ECS. De gemeente wacht op antwoord van ECS om het een en ander in het programma
op te nemen.
Niets meer aan de orde zijnde dankt de heer Mühren de heer Moeijes voor het prettige ge-
sprek en voor de goede samenwerking van de afgelopen jaren.
34
Bijlage 2: Cijfers
Westerkoggenland
Aantal planbehandelingen
In 2006 heeft de welstandscommissie voor de gemeente Wester-Koggenland 248 planbe-
handelingen uitgevoerd voor 217 vergunningaanvragen, waarvan 12 betrekking hadden op
aanvragen van voorgaande jaren.
Deze zijn als volgt verdeeld:
percentage herhalingen
soort aanvraag
aantal aanvragen
aantal behandelingen
t.o.v. de aanvragen
bouwvergunning
209
240
15%
waarvan nieuwbouw
66
83
26%
waarvan uitbreiding
124
137
10%
waarvan gevelwijziging
19
20
5%
preadvies
2
2
0%
reclameaanvraag
2
2
0%
adviesaanvraag
4
4
0%
handhaving
totaal
217
248
14%
In vergelijking met de voorgaande jaren ontstaat het volgende beeld:
soort aanvraag
2006
2005
2004
nieuwe aanvragen
205
83%
205
88%
213
84%
aanvragen van
12
5%
12
5%
voorgaande jaren
herhalingen
31
13%
17
7%
40
16%
totaal behandelingen
248
100%
234
100%
253
100%
preadviezen
2
1%
5
2%
35
Adviezen
De adviezen over het totaal aantal planbehandelingen zijn als volgt verdeeld:
Adviezen aan B&W
2006
2005
akkoord
159
64%
173
74%
akkoord op hoofdlijnen
24
10%
8
3%
niet akkoord tenzij
25
10%
31
13%
niet akkoord nader overleg *
17
7%
0%
niet akkoord, schriftelijk advies
21
8%
18
8%
aanhouden
2
1%
4
2%
totaal behandelingen
248
100%
234
100%
* Niet akkoord, nader overleg is eind 2005 ingevoerd. Dit geeft de planindiener de gele-
genheid binnen de wettelijke termijn het bouwplan aan te passen volgens de vigerende
welstandscriteria.
Aantal behandelingen nieuwe aanvragen
In 2006 werden 205 nieuwe aanvragen beoordeeld. Het aantal keren dat deze aanvragen
behandeld werden is als volgt:
Aanvragen voor welstandsadvies
2006
2005
bij eerste behandeling akkoord (géén interventie van de
133
65%
147
72%
welstandscommissie)
bij eerste behandeling niet akkoord tenzij (kleine aan-
21
10%
24
12%
passing nodig)
bij tweede behandeling akkoord (of niet akkoord, tenzij )
14
7%
16
8%
bij derde behandeling akkoord (of niet akkoord, tenzij )
4
2%
0%
bij een vierde of verdere behandeling akkoord of niet
3
1%
0%
akkoord, tenzij
nog in behandeling of defi nitief niet akkoord
30
15%
18
9%
totaal nieuwe aanvragen
205
100%
205
100%
indicatie van het effect van het gemeentelijke welstandsbeleid op de bouwproductie. Het is
maar een indicatie, de preventieve werking (het anticiperen op het beleid vóór de aanvraag
wordt ingediend) wordt hiermee bijvoorbeeld niet zichtbaar gemaakt.
36
Obdam
Aantal planbehandelingen
In 2006 heeft de welstandscommissie voor de gemeente Obdam 203 planbehandelingen
uitgevoerd voor 167 vergunningaanvragen, waarvan 20 betrekking hadden op aanvragen
van voorgaande jaren.
Deze zijn als volgt verdeeld:
percentage herhalingen
soort aanvraag
aantal aanvragen
aantal behandelingen
t.o.v. de aanvragen
bouwvergunning
118
141
19%
waarvan nieuwbouw
33
43
30%
waarvan uitbreiding
52
61
17%
waarvan gevelwijziging
33
37
12%
preadvies
44
57
30%
reclameaanvraag
1
1
0%
adviesaanvraag
4
4
0%
handhaving
totaal
167
203
22%
In vergelijking met de voorgaande jaren ontstaat het volgende beeld:
soort aanvraag
2006
2005
2004
nieuwe aanvragen
147
72%
112
75%
108
72%
aanvragen van
12
10%
18
12%
voorgaande jaren
herhalingen
36
18%
19
13%
43
28%
totaal behandelingen
203
100%
149
100%
151
100%
preadviezen
57
28%
44
30%
37
Adviezen
De adviezen over het totaal aantal planbehandelingen zijn als volgt verdeeld:
Adviezen aan B&W
2006
2005
akkoord
114
56%
89
60%
akkoord op hoofdlijnen
19
9%
17
11%
niet akkoord tenzij
27
13%
18
12%
niet akkoord nader overleg *
19
9%
1
1%
niet akkoord, schriftelijk advies
15
7%
19
13%
aanhouden
9
4%
5
3%
totaal behandelingen
203
100%
149
100%
* Niet akkoord, nader overleg is eind 2005 ingevoerd. Dit geeft de planindiener de gele-
genheid binnen de wettelijke termijn het bouwplan aan te passen volgens de vigerende
welstandscriteria.
Aantal behandelingen nieuwe aanvragen
In 2006 werden 147 nieuwe aanvragen beoordeeld. Het aantal keren dat deze aanvragen
behandeld werden is als volgt:
Aanvragen voor welstandsadvies
2006
2005
bij eerste behandeling akkoord (géén interventie van de
88
60%
66
59%
welstandscommissie)
bij eerste behandeling niet akkoord tenzij
13
9%
9
8%
(kleine aanpassing nodig)
bij tweede behandeling akkoord (of niet akkoord, tenzij )
23
16%
11
10%
bij derde behandeling akkoord (of niet akkoord, tenzij )
2
1%
1
1%
bij een vierde of verdere behandeling akkoord of niet
2
1%
1
1%
akkoord, tenzij
nog in behandeling of defi nitief niet akkoord
19
13%
24
21%
totaal nieuwe aanvragen
205
100%
112
100%
Het aantal keren dat een nieuwe aanvraag ´terug´ komt bij de welstandscommissie geeft een
indicatie van het effect van het gemeentelijke welstandsbeleid op de bouwproductie. Het is
maar een indicatie, de preventieve werking (het anticiperen op het beleid vóór de aanvraag
wordt ingediend) wordt hiermee bijvoorbeeld niet zichtbaar gemaakt.
38
Bijlage 3: Curricula
Jef Mühren, voorzitter
Opleiding: Planologie NHTV Tilburg (diploma); Sociale Geografi e Universiteit Utrecht (diplo-
ma); Academie voor Bouwkunst Rotterdam.
Werkervaring: vanaf 1991 werkzaam als stedenbouwkundig adviseur; vanaf 1994 compag-
non in vof SAS architecten; vanaf 2001 adviesbureau MUD. Sinds 2003 lid van de wel-
standscommissie West-Friesland Kring Hoorn, tevens voorzitter van de Themacommissie
van WZNH.
Cees Hooyschuur, architect
opleiding: Hoger Technisch Instituut voor bouwkunde; Bouwkundige-bouwfysica-projectlei-
ding; HTS Den Bosch bouwfysica; Academie van bouwkunst.
werkervaring: Gemeentewerken Oostzaan; INBO architecten; Projectontwikkeling planteam
Hillen & Roosen; Architectenbureau Reinbergen A'dam. Huidige functie: directeur van
Hooyschuur Architecten Wormerveer Amsterdam. Sinds 2004 lid van de welstandscom-
missie West-Friesland Kring Hoorn.
Rob de Vries, architect
opleiding: In 1998 cum laude afgestudeerd aan de academie van bouwkunst te Amsterdam.
werkervaring: werkzaam geweest als projectleider bij verschillende ontwikkelaars in de
periode 1982-1992; projectleider bij de Architectengroep in Amsterdam in de periode 1992
1999. Sinds 1999 een eigen architectenbureau De Vries Uitterhoeve Architecten BNA.
Sinds 2003 lid van de welstandscommissie West-Friesland Kring Hoorn.
39
40
Bijlage 4: Adressen
welstandscommissie West-Friesland Kring Hoorn en adviseurs, 2006
Vergaderadres
Gemeentehuis Hoorn, Nieuwe Steen 1, Postbus 603,
1620 AR Hoorn. Tel. 0229 B 252200 (kamer C009: 0229-252161)
Voorzitter
drs. ing. J.E.F. Muhren
058-2165187
Postbus 2655, 8901 AD Leeuwarden
06-20597301
m.u.d@planet.nl
Secretaris
ing. C.M. Hooyschuur
075-6220441
Hooyschuur architecten BNA b.v.
fax 075-6219941
Noordeinde 16, 1521 PA Wormerveer
ceesh@hooyschuur.nl
Architect-lid
R. De Vries
072-5202315
Kanaalkade 16c, 1811 LP Alkmaar
fax 072-5202314
r.devries@dvua.nl
Commissie-coördinator M. Bruin de Groot
072-5204459
Stichting WZNH
fax 072-5204460
Emmastraat 111, 1814 DP Alkmaar
06-29106662
mbruin@welstandszorg.nl
Adviseurs
R. Stöcker, gemeente Hoorn
0229-252424
Postbus 603, 1620 AR Hoorn
fax 0229-252036
06-44576907
r.stöcker@hoorn.nl
M. Schuitemaker, gemeente Opmeer
0226-363315
Postbus 199, 1715 ZK Spanbroek
fax 0226-36333
mschuitemaker@opmeer.nl
E. Krap, gemeente Obdam
0226-456248
Postbus 1, 1713 ZG Obdam
fax 0226-451776
e.krap@obdam.nl
J. Hania, gemeente Wognum
0229-577821
Postbus 12, 1687 ZG Wognum
fax 0229-571469
j.hania@wognum.nl
vervanger: Chris Nijhuis
0229-577822
C.G.J. Hoek, gem. Wester-Koggenland 0229-547334
Postbus 21, 1633 ZG Avenhorn
fax 0229-542424
cor.hoek@westerkoggenland.nl
Adviseurs binnenstad
ir. H.J. Zantkuijl
0229-219716
gemeente Hoorn
Geldelozeweg 733, 1625 NS Hoorn
J. Bronkhorst
0229-216339
Draafsingel 10, 1623 LA Hoorn
06-53643084
jbronkhorst@hetnet.nl
41
42
Colofon
Auteur:
Jef Mühren
Uitgave:
stichting Welstandszorg Noord-Holland
Alkmaar, april 2007
43
44