j
a
a
r
v
e
r
s
l
a
g 2
0
06 w
e
l
s
t
a
n
d
s
- e
n m
o
n
u
m
e
n
t
e
n
co
m
m
i
s
s
ie H
o
o
r
n
Jaarverslag 2006 voor de gemeente Hoorn
Welstandscommissie West-Friesland Kring Hoorn
Stichting Welstandszorg Noord-Holland
3
4
Voorwoord
Aan de gemeenteraad van Hoorn,
Hierbij bieden wij u het jaarverslag over 2006 van de welstandscommissie in uw gemeente
aan. U vindt hierin informatie over samenstelling en werkwijze van de commissie en over
de uitgebrachte welstandsadviezen. Sinds de invoering van nieuwe wettelijke regels over
het functioneren van welstandscommissies adviseert de commissie op basis van het
gemeentelijke welstandsbeleid, zoals dat is vastgelegd in de gemeentelijke welstandsnota.
De stichting Welstandszorg Noord-Holland (WZNH) heeft de laatste jaren veel aandacht
besteed aan deze nieuwe manier van werken en in dit jaarverslag zullen wij u informeren
over onze ervaringen met `advisering op basis van beleid'.
Met de nieuwe wettelijke regels rond het welstandstoezicht werd vooral beoogd de rol
van gemeentebesturen als opdrachtgever van de welstandscommissie te benadrukken
en de voorwaarden voor welstandstoezicht daarop af te stemmen. Voor het functioneren
van de welstandscommissies zijn twee voorwaarden vooral van belang: een adequaat
en actueel welstandsbeleid in de vorm van een welstandsnota, en een jaarverslag van
de welstandscommissie aangevuld met bevindingen van het college van B&W over de
uitvoering van het welstandsbeleid. Beide documenten zouden in samenhang met elkaar
jaarlijks in de gemeenteraad besproken moeten worden. In veel gemeenten zijn daar de
afgelopen jaren de eerste ervaringen mee opgedaan.
In overeenstemming met de bedoeling van de wetgever bieden wij ons jaarverslag dit jaar
rechtstreeks aan de gemeenteraad aan. Wij hopen daarmee bij te dragen aan een solide
politiek en maatschappelijk draagvlak voor een kritisch en stimulerend welstandsbeleid
in uw gemeente. Het afgelopen jaar is ons steeds weer gebleken dat de meeste
gemeentebesturen zich echt verantwoordelijk voelen voor de ruimtelijke kwaliteit van hun
gemeente. Een welstandsbeoordeling bij het verlenen van bouwvergunningen kan daar
een positieve bijdrage aan leveren. De welstandscommissie wil zich graag daarvoor blijven
inspannen.
Wij zijn graag bereid de bevindingen in dit jaarverslag met u te bespreken zodat het
welstandstoezicht in de toekomst steeds nauwkeuriger kan worden afgestemd op de
uitgangspunten die u als gemeentebestuur van belang vindt.
Hoogachtend,
dr. ir. N. de Vreeze
directeur stichting Welstandszorg Noord-Holland
drs. Ing. J.E.F. Muhren
voorzitter Welstandscommissie West-Friesland Kring Hoorn
5
6
Inhoudsopgave
1. Ontwikkelingen in ruimtelijke kwaliteit
2. Bijzondere welstandsbeoordelingen
3. Welstandsnota
4. Welstandscommissie
Bijlage 1:
Verslag evaluatiegesprek
Bijlage 2:
Cijfers 2006
Bijlage 3:
Curricula
Bijlage 4:
Adressen
7
8
1. Ontwikkelingen in ruimtelijke kwaliteit
In Hoorn ligt de nadruk van het ruimtelijk beleid voor wat betreft de rol van de
welstandscommissie, binnen de grenzen van het bestaand stedelijk gebied. Hoorn is
tot aan zijn grenzen gegroeid en op vele plaatsen in bestaand stedelijk gebied worden
inbreidingslocaties of herontwikkelingen uitgevoerd. De plannen voor deze stedelijke locaties
zijn complex en stedenbouw en architectuur lopen hier vaak naadloos in elkaar over.
In het verleden heeft de welstandscommissie veelvuldig gepleit voor meer betrokkenheid,
vroeg in het planproces. Dit niet alleen omdat de commissie in deze fase graag een
inhoudelijke bijdrage wil leveren, maar vooral ook omdat er dan later bij de uitwerking van
plannen minder problemen ontstaan.
De welstandscommissie mag zich inmiddels verheugen in een toenemende aandacht voor
deze rol vroeg in het planproces. De stedenbouwkundige van de gemeente, de heer Klaas
Pit, verschijnt eens per maand in de commissie om bij te praten over de op stapel staande
ontwikkelingen. Indien aan de orde zullen stedenbouwkundige programma's van eisen
worden voorgelegd voor een informeel advies.
Bij grote stedenbouwkundige plannen; zoals de Streektuinen, IJsselweg, de ontwikkeling
van appartementen aan het Keern, maar ook bij grotere bouwprojecten als het plan van
Dekamarkt aan de Korenbloem, het Horizoncollege, de ijsbaan en de Blauwe berg, wordt
de commissie meestal in een vroeg schetsstadium om een oordeel gevraagd. Ook de
betrokken architecten lijken dit op prijs te stellen.
De gemeente hecht sterk aan kwalitatief goede architectuur, zonder dit van de daken te
schreeuwen. Niet alleen is het zorgvuldig beheer van de historische binnenstad en de linten
een breed gedragen doelstelling maar ook hecht de gemeente aan moderne eigentijdse
architectuur en stedenbouw. Het Atlascollege, het Streekarchief, en de ontwikkeling aan de
IJsselweg bieden mooie voorbeelden.
De welstandscommissie krijgt als vanouds veel krediet bij het gemeentebestuur wat betreft
advisering in de binnenstad. De afgelopen jaren zijn tal van bouwplannen met name in de
winkelstraten, door de uitgebreide binnenstadscommissie tamelijk gedetailleerd beoordeeld.
Het resultaat is zichtbaar in een toenemende aandacht bijvoorbeeld voor pui-invullingen
en beperking van reclame. In de oude stad passende karakteristieke materialen en kleuren
worden steeds vaker toegepast.
Dezelfde mate van aandacht wordt inmiddels ook gevraagd voor de oude lintstructuren
van Hoorn. De herkenbaarheid van deze linten als dragers van de structuur van het
stedelijk gebied, wordt vrijwel hoofdzakelijk bepaald door het specifi eke onderscheid dat in
architectuur kan worden gemaakt. Niet zelden beklaagt men zich, wanneer een zelf gekozen
lichte baksteen, een volumevergrotende dakopbouw, erker of garage, een hekwerk of dam
toch niet passend in de lintkarakteristiek wordt bevonden. Veel bezoeken van planindieners
in de commissie hebben betrekking op dergelijke aanvragen. In de meeste gevallen
weet de commissie de planindieners te overtuigen dat de linten terecht een bijzondere
welstandsstatus bezitten.
9
Voorbeelden van nieuwe `traditionele' woonhuizen aan het lint.
Op de bestaande bedrijventerreinen wordt de aandacht voor de kwaliteit van de architectuur
door het gemeentebestuur minder van belang geacht, met uitzondering van de randen
en de entrees van deze gebieden. Verreweg de meeste aanvragen voor bedrijven worden
direct in eerste instantie goedgekeurd. Ook de systeembouw heeft een kwaliteitsslag achter
de rug. Men weet waarop bij de afwerking van gebouwen wordt gelet en houdt daar nu
als vanzelf rekening me, zo lijkt het. De ontwikkelingen rond het nieuwe expeditiecentrum
van Lidl laten zien dat ook zonder de ondernemers `dwars te zitten', een kwaliteitsslag kan
worden gemaakt. De commissie probeert hier vooral ook te letten op wat de verschillende
bedrijven bindt, de oriëntatie op de weg, de reclames, de erfscheidingen en hekwerken, de
zonering van opslag.
Opvallend genoeg worden de adviezen voor bedrijfsgebouwen in die gevallen waarin de
aanvrager in de commissie komt toelichten, vaak welwillend opgepakt. In het bedrijfsleven
is een duidelijke differentiatie gaande van bedrijven die goedkope huisvesting vragen en
bedrijven die meer hechten aan kwaliteit van locatie en vestiging. In de Regionale Visie
bedrijventerreinen wordt deze differentiatie onderschreven. In deze nota wordt ook duidelijk
dat de leegstand op de bedrijventerreinen razendsnel wordt ingelopen. Niet alleen betekent
dit nieuwe kansen voor een opwaardering van een terrein als Hoorn 80, maar ook staan
nieuwe terreinen op het programma, zoals West-Frisia Noord. Op dit nieuwe terrein wil
de gemeente grotere ambities ten toon spreiden, met name op het gebied van verweving
van wonen en bedrijvigheid. De commissie maakt zich voor deze en andere locaties op
langere termijn, zoals de Jaagweg aan de A7 wel grote zorgen over de aantasting van het
Westfriese landschap.
Ook de ambities in de in de grote woningbouwlocatie Bangerd Oosterpolder beginnen
geleidelijk gestalte te krijgen. Hier is de gemeente in nauwe samenwerking met de
afgevaardigde van de welstandscommissie er in geslaagd een gestroomlijnd model van
advisering in werking te brengen. In april 2004 heeft de gemeenteraad besloten ir. H.J.
Pouw aan te wijzen als gemandateerd lid van de welstandscommissie West-Friesland
Kring Hoorn om de woningbouwontwikkeling als previsor te begeleiden. Het doel van deze
constructie was invulling te geven aan een actieve rol van de welstandscommissie tijdens
het ontwikkelingsproces, waarbij kwaliteitsbewaking en tijdige bijsturing mogelijk wordt
gemaakt.
De previsor heeft in een vroeg stadium een kwaliteitsdocument opgesteld. Hierin is
verwoord hoe hoog de `lat' ligt en op welke wijze invulling gegeven zou moeten worden
aan het bereiken van het `Hoornse karakter' van de gehele wijk. De inzet van steile kappen,
traditionele materialen en kleurgebruik, eenvoudige hoofdmassa's, wisselende rooilijnen en
korte bouwblokken hebben zich bewezen als uitstekende middelen om een `argeloos' beeld
te bereiken in de eerste delen van de wijk die nu zijn gerealiseerd.
10
Inzet van steile kappen, traditionele materialen en kleurgebruik, eenvoudige hoofdmassa's, wisselende rooilijnen en
korte bouwblokken, recept voor een sterke Hoorn eigen landelijke identiteit.
De advisering voor kleinere bouwplannen is ook in 2006 hoofdzakelijk gemandateerd
afgedaan door de secretaris in de zogenaamde kleine commissie. Veel van deze
kleine plannen voldoen `net niet' aan de sneltoetscriteria, of betreffen variaties waarin
de sneltoetscriteria voor kleine bouwwerken niet voorzien. Opvallend is dat het aantal
toepassingen van trendsetters (ruim 30 keer) maar ook de aanwijzing van nieuwe
trendsetters (elf keer) toeneemt. Het aantal keren dat ingediende tekeningen als
onvoldoende werden bestempeld bleef dit jaar beperkt tot twee keer evenals het aanhouden
vanwege onvoldoende gegevens.
In 2006 is door het gemeentebestuur van Hoorn het initiatief gekomen om te onderzoeken
of een geïntegreerde advisering voor welstand en monumenten kon worden ingezet.
De monumentencommissie moet opnieuw samengesteld worden omdat een landelijk
besluit voorschrijft dat de wethouder van de gemeente geen voorzitter van de commissie
meer mag zijn. De huidige monumentencommissie vergadert eenmaal per maand. In
de nieuwe gecombineerde constructie zou dat eenmaal per twee weken worden. De
monumentencommissie behandelt gemiddeld per maand tien tot vijftien plannen.
In de huidige monumentencommissie kunnen verschillende adviezen gegeven worden. Bij
de welstandscommissie daarentegen wordt één advies uitgebracht. In de gecombineerde
commissie kunnen er dus ook verschillende adviezen gegeven worden. De plannen zullen
volgens een van tevoren vastgestelde agenda behandeld worden.
De verdere invulling van de advisering en de bemensing zullen begin 2007 worden
uitgewerkt en aan het college van B&W ter besluitvorming worden aangeboden.
Graag maakt de welstandscommissie van Hoorn van de gelegenheid gebruik om te wijzen
op de werkzaamheden van de Themacommissie van WZNH. Deze Themacommissie is
een regio-overstijgend platform van specialisten, samengesteld uit leden van de negen
regiocommissies van WZNH, die snel en ad-hoc kan reageren op specifi eke (specialistische)
vragen met een meer algemene strekking. Deze commissie vormt de schakel tussen de min
of meer zelfstandig opererende regiocommissies en de centrale bureaubezetting in Alkmaar.
De specialisten kunnen een klankbord zijn voor de regiocommissies. Ook het rechtstreeks
uitbrengen van adviezen op verzoek van bij de stichting aangesloten gemeenten behoort
tot de mogelijkheden. De Themacommissie kan bijvoorbeeld advies uitbrengen over de
welstandsaspecten van meer complexe aanvragen met bijzondere stedenbouwkundige,
landschappelijke en/of cultuurhistorische aspecten.
11
De Themacommissie brengt ook adviezen uit over beleidsplannen, bijvoorbeeld
structuurvisies of bestemmingsplannen in het kader van het artikel 10 overleg.
De Themacommissie centraliseert ook specifi ek, thema of objectgericht beleid. Zo is voor de
gemeente Hoorn nu gepland om specifi eke criteria voor woonschepen op te stellen. Dit op
basis van bestaande kennis in andere gemeenten.
12
2. Bijzondere welstandsbeoordelingen
Grote plannen
Dekamarkt aan de Korenbloem
Een van de opvallende grotere plannen die meerdere keren in de commissie is behandeld
betreft het plan voor de Dekamarkt aan de Korenbloem, een project van een supermarkt
met winkels met daarboven appartementen. Architect Rietvink heeft het plan meerdere
keren in de commissie gepresenteerd en steeds was de commissie op hoofdlijnen zeer
te spreken over het plan. De reden dat het plan meerdere keren in de commissie is
teruggeweest werd in dit geval dan ook vooral veroorzaakt door wijzigingen zowel in gevels
als in materiaalkeuze in dit tamelijk complexe plan. De discussie in de commissie werd van
beide kanten positief ervaren. De architect ondervond in bepaalde gevallen ook steun van
de commissie om de essentie van het plan overeind te houden.
Aanvankelijk zou de grote rond het gehele gebouw lopende gevel worden uitgevoerd in
natuursteen, gecombineerd met hout en glas. Als bezuiniging werd de gevel voorgesteld in
gepatineerd koper. De commissie was enthousiast over deze wijziging.
13
IJsselweg
Het plan voor de bouw 143 appartementen ontworpen door het Belgische
architectenbureau Jo Crepain in opdracht van Almere BV kwam na een eerste zeer
positieve akkoord op hoofdlijnen (2005) in de uitwerkingsfase vrijwel ongeschonden voor
de dag. De commissie beoordeelde de bouwblokken afzonderlijk op de eerder getoonde
schetsontwerpen. Bij een van de appartementenblokken was naar het oordeel van de
commissie teveel bezuinigd. De omkadering van de terrassen was voor een deel uit het plan
verdwenen. In de discussie in de vergadering gaf de architect te kennen de opmerkingen
in het plan te kunnen en willen verwerken en het sterke concept in feite weer te herstellen.
Het voorbeeld kenmerkt vooral de situaties waarbij de behandeling in de commissie soms
meer inhoudt dan alleen de toetsing aan redelijke eisen van welstand. In een dergelijk
groot plan, is het consequent doorzetten van een ingezet ambitieniveau in veel gevallen
voor de ontwerper een complex proces. In de vorm van collegiaal overleg wordt dan de
discussie gevoerd over de cruciale elementen die de kwaliteit van een plan bepalen. In
de verschillende planstadia van schets tot uitwerking, hebben aanvrager en ontwerper
recht op een consequente en proportionele advieslijn, die goed aansluit bij dit ingezette
ambitieniveau. De commissie maakt in dergelijke gevallen altijd duidelijk dat een plan op zich
aan redelijke eisen voldoet, maar dat elementen van het plan wellicht nog nadere aandacht
verdienen.
Aangepast plan; omkadering middendeel hersteld.
Bezuinigd plan; omkadering vervangen door vloeren.
14
Astronautenweg
Een bijzonder plan betrof het initiatief voor de bouw van starterswoningen aan de
Astronautenweg, een inbreidingslocatie. Kenmerkend aan het plan is dat de afwerking
in materiaal, detail en kleur goed oogt. Parkeren gebeurt in de buitenlucht, maar wel
gedeeltelijk onder het gebouw. De stedenbouwkundige opgegeven bouwmassa gaat uit
van een bouwvlak van 18 bij 20 meter met een maximale bouwhoogte van 17 meter. De
commissie was heel enthousiast over het volume op de plek en over de mate van afwerking.
Er werd een akkoord op hoofdlijnen gegeven, met de uitdrukkelijke boodschap dat het plan
ook in de detailfase niet aan kwaliteit mag inboeten, omdat de kwaliteit van het plan staat of
valt met de afwerking.
15
Stedenbouw en architectuur
Dr. C.J.K. van Aalstweg
De meest invloedrijke planbeoordeling in Hoorn in 2006 was die van de herhuisvesting
van Mediamarkt en Leen Bakker aan de van Dr. C.J.K. van Aalstweg. Direct in de eerste
bespreking werd door de commissie de behoefte uitgesproken om een toelichting te krijgen
op de stedenbouwkundige uitgangspunten. De afdeling stedenbouw was al akkoord gegaan
met het ontwerp, dat in nauw overleg met de buurt tot stand was gekomen.
De commissie was van oordeel dat het op allerlei punten in het plan misging: de aansluiting
op het omliggend gebied, de entrees, de reclame, de geslotenheid van de gevels, de
expeditie pal aan de openbare hoofdroute, de onbrekende zonering van het voorterrein.
Daarom werd een negatief advies geschreven. Dit advies ging niet alleen in op de wijze
waarop de gebouwen waren georganiseerd en hoe dit in het ontwerp was vertaald, maar
riep de gemeente ook op de gewenste (en plaatselijk reeds ingezette) kwaliteitsslag in
het totale gebied (Van Aalstweg) krachtiger gestalte te geven. Dit plan zou daaraan een
belangrijke eerste bijdrage kunnen leveren.
Twee sessies met de architect leverden vervolgens geen beter begrip op van de
problematiek van deze opgave. De gemeente besloot op advies van de commissie om een
beleidsnotitie op te stellen met stedenbouwkundige en architectonische uitgangspunten
voor het gehele gebied. Deze notitie werd als aanvullend welstandsbeleid vastgesteld.
In dezelfde periode werd door de opdrachtgever een nieuwe architect op het plan gezet.
De commissie oordeelde dat het plan met de komst van de nieuwe architect aanzienlijk
was verbeterd. De architect had gekozen voor het principe van grote boxen op kolommen
die het gebouw niet alleen vergroten, maar ook voorzien van extra licht en zones voor
reclame. Het gebouw kreeg daarmee aan de meeste zijden representatieve elementen.
Het gehele complex werd meer samenhangend en eigentijds en zou de gewenste bijdrage
kunnen leveren aan de noodzakelijke opwaardering van het gehele gebied in zowel
stedenbouwkundige als architectonische zin. Dat laatste (inclusief de vaststelling van de
gemeentelijke notitie) was de belangrijkste winst bij deze advisering.
16
Het tweede plan.
Het derde, aangepaste plan.
17
De linten
Woonhuis aan de Dorpsstraat 263 te Zwaag
In 2006 is door de commissie geen beroep gedaan op de algemene criteria. In 2005 is
echter een bouwplan op grond van de algemene criteria voorzien van een positief advies.
In 2006 is dit plan gerealiseerd en de commissie maakt van de gelegenheid gebruik om het
resultaat in het jaarverslag te tonen.
Het plan betrof een nieuwbouwwoning in de Dorpsstraat te Zwaag (onderdeel van de
Linten, hiervoor geldt een bijzonder welstandsregime). De architectuur van de voorgevel
van de woning was enigszins afgestemd op het karakter van de lintbebouwing, afgeleid
van de stolp, in een hoeve-vorm. Aan de zijkant werd een scherpe snede in de plattegrond
doorgevoerd. De commissie stelde destijds dat alleen als het concept consequent zou
worden doorgevoerd dit plan een positieve bijdrage aan het beeld van de Dorpsstraat zou
kunnen leveren. En alleen dan kon een beroep worden gedaan op de algemene criteria.
De commissie stond positief tegenover dit plan omdat het conceptueel sterk was. Het
was fi jnzinnig afgestemd op bepaalde lintkenmerken en toch eigenwijs genoeg om van
de traditie af te wijken. De commissie moedigde de ontwerper aan de snede in de zijgevel
ook werkelijk radicaal (in wit) uit te voeren. De commissie is van mening dat de ontwerper
erin geslaagd is de kwaliteit van het plan overeind te houden en dat dit ontwerp voldoende
kwaliteit bezit om als en nieuwe waarde aan het lint een bijdrage te leveren.
18
Dorpsstraat 62
Aan de Dorpsstraat en de overige linten van Hoorn is een proces gaande van het vervangen
van relatief kleine woningen op grote kavels, door grote woonhuizen. In sommige gevallen
wordt ook nog eens het kavel gesplitst om twee woningen toe te voegen, zoals in dit geval.
In het plan wordt de hoekwoning op verzoek van de opdrachtgever een zogenaamde
notariswoning. Dit tamelijk traditioneel ogende woningtype wordt veel gevraagd. In het
deelgebied de Linten acht de commissie het van belang dat het traditionele beeld dan ook
op zorgvuldige manier wordt uitgewerkt, ook in detail. De gemeentelijke welstandsnota
vraagt dit expliciet. Dit uit zich voornamelijk in kozijn, goot en entreedetailleringen,
traditionele volumeopbouw, gevelcomposities en kleurstellingen.
Het plan voor de Dorpsstraat had aanvankelijk een meer symmetrisch opgezet en
traditioneel gedetailleerd hoofdvolume dat onderbroken werd door een moderner ogend
asymmetrisch torentje. Hierdoor ontstond en onsamenhangend geheel. De commissie vroeg
ook aandacht voor het consequent uitdetailleren van de gekozen traditionele architectuur.
Het tweede plan was sterk verbeterd, de entree was naar de hoek gedraaid. De
materialisering en detaillering waren akkoord. In laatste instantie werd door de commissie
ook nog aandacht gevraagd voor de hoogte van de gemetselde erfscheiding en de kleur
van de baksteen.
In laatste instantie werd ook de gemetselde erfscheiding akkoord bevonden na aanpassing
van de hoogte. Alhoewel de hoekoplossing na realisatie nog steeds atypisch aandoet,
voldoet het eindresultaat aan redelijke eisen van welstand.
19
Westerblokker 16
Aan het lint zijn er ook de nodige detaihandels- en bedrijfsfuncties te vinden. Bij de aanvraag
voor het vergoten van het bedrijf van Wit aan de Westerblokker werd een nieuwe loods met
een enkelvoudig zadeldak ingediend. De commissie vond dat van een te grote schaalsprong
sprake was ten opzichte van het bestaande bebouwingsbeeld. De welstandsnota geeft voor
de linten aan dat bouw van grootschalige panden moet worden voorkomen.
De commissie suggereerde een verschaling door de introductie van twee kappen. Deze
opmerking en de verdere aanmerkingen ten aanzien van de kleurstelling en de erfi nrichting
werden in tweede instantie op een goede manier in het plan verwerkt.
Het eerste plan.
Aangepast plan.
20
20
Winkelpanden en puien
Ieder jaar worden in de binnenstad weer puien van winkels verbouwd. De aanvragen
hiervoor wisselen aanzienlijk van kwaliteit. Maar in zijn algemeenheid kan gesteld worden dat
er steeds meer aandacht is voor de kwaliteit van de pui, maar ook voor de kwaliteit van de
gehele gevel.
Nieuwe Noord 16
Bij een verbouwing aan de Nieuwe Noord 16 was het plan om de bakstenen gevel te laten
pleisteren. De welstandsnota verbiedt dit niet expliciet. Op grond van het welstandscriterium
dat de stijl van de detaillering behouden dient te blijven en dat hoofdzakelijk gebruik
gemaakt wordt van baksteen is het plan niet akkoord bevonden. De commissie wees op
het beeldbepalende karakter van dit pand en de complexe technische problemen bij het
stucwerk. De commissie wilde alleen met pleisteren instemmen als er geen alternatief
voorhanden zou zijn. De architect kon zich in het advies vinden en heeft de opdrachtgever
ervan weten te overtuigen om het beeldbepalende karakter zoveel mogelijk te sparen. Over
het aangepaste plan werd positief geadviseerd.
Grote Noord 126
Een bijzondere puiwijziging vond plaats op Grote Noord 126. De commissie wilde het plan
terugzien in verband met de kenmerkende details van de roestvast stalen pui-invulling, maar
was voor het overige enthousiast over het ontwerp voor deze niet traditionele oplossing.
Gevelaanzicht pui-invulling.
Detail aansluiting plafond en rolluik.
21
Reclame
Over het algemeen worden de criteria voor reclamevoeringen in Hoorn, in het bijzonder in
de binnenstad, strikt gehanteerd. De aanvraag betrof het plaatsen van reclame haaks op de
gevel van het pand van Vanilia The Shops in de Nieuwsteeg 20, hetgeen in de binnenstad
niet is toegestaan. Gelet op de fi jnzinnige uitvoering de beperkte maat en de toepassing van
losse belettering achtte de commissie de reclamevoering in dit geval toelaatbaar. Het is in
dergelijke gevallen gebruik dat de commissie het argument om af te wijken van de beleidslijn
in het advies wordt opgenomen, zodat in de toekomst naar deze argumentatie kan worden
verwezen.
Garagedeuren in de binnenstad
Het komt in de binnenstad van Hoorn geregeld voor dat aanvragen worden ingediend
om grote houten deuren te vervangen door rol- of sectionaaldeuren. Op basis van de
welstandsnota adviseert de commissie om indien mogelijk opnieuw houten deuren met een
traditionele indeling te plaatsen.
Zo werd op de Appelhaven 5 bij de aanvraag voor het wijzigen van de gevel een
sectionaaldeur voorgesteld. De commissie motiveerde dat, gelet op de kwaliteit van het
pand en de omgeving, een meer karakteristieke oplossing mocht worden gevraagd. Voor
de gehele gevel werd vervolgens aanbevolen om een meer karakteristieke indeling te kiezen
voorkomend uit de bestaande structuur. Aan beide opmerkingen werd in een tweede plan
gehoor gegeven.
22
Openbare ruimte
Ieder jaar ontvangt de commissie ook een aantal plannen die betrekking hebben op
objecten in de openbare ruimte. In veel gevallen is de gemeente zelf opdrachtgever. Bij
dergelijke plannen die over het algemeen van alle kanten zichtbaar zijn is de commissie
in de loop van de afgelopen jaren kritischer geworden. Juist in verband met de grote
zichtbaarheid acht de commissie de aandacht voor deze vaak ondergeschikte bouwwerken
voldoende proportioneel.
Zowel bij de plaatsing van een jongeren ontmoetingsplaats (plaatsing niet akkoord) nabij
het stadskantoor, als bij de brug bij de Holenweg (te utilitair karakter) en het plaatsen
van bloembakken rond terrassen heeft de commissie opmerkingen gemaakt. Bij de
bloembakken ter afscherming van de terrassen aan de Roode Steen heeft de commissie
de arbitraire regel bedacht dat tussenruimtes tussen de bloembakken minimaal even groot
dienen te zijn als het object zelf, bij voorkeur groter. Overigens is bij boordeling van deze
specifi eke objecten een ruime interpretatie van de welstandscriteria wel noodzakelijk.
De commissie heeft ook tweemaal een advies verstrekt in het kader van de handhaving bij
seizoensversiering van panden. Het betrof in dit geval een tweetal cafe's die waren voorzien
van houten betimmering om het effect van een blokhut te krijgen. In een geval was sprake
van een rijksmonument (Cafe the Gate). De commissie heeft niet alleen geoordeeld dat
deze oplossing niet voldoet aan redelijke eisen van welstand, maar tevens geadviseerd ten
behoeve van alle (tijdelijke) seizoensversiering een specifi ek beleid op te stellen. In de meeste
gevallen gaat het namelijk niet om een bouwinitiatief.
Oorspronkelijke gevel.
Betimmerde gevel.
23
Woonark Grashaven
In de binnenstad van Hoorn is er een beperkt aantal woonarken. In het verleden heeft de
commissie bij de behandeling hiervan steeds gerefereerd aan de criteria zoals die voor de
binnenstad gelden. Het laat zich raden dat dit voor deze categorie aanvragen moeizame
advisering oplevert. In dit geval betrof het een vervanging van een ark voor de beheerder
van de haven, in opdracht van Intermaris. De ark zou vrij in het water komen te liggen. De
commissie was van mening dat door de prominente plek in de openbare ruimte en de
alzijdige waarneembaarheid van de ark vanuit de stad en haven, er een bijzondere
ontwerpinspanning verwacht mocht worden.
Het ontwerp was gebaseerd op de systeemvisie van een arkenbouwer zonder rekening
te houden met de bijzonderheid van de locatie. De commissie schreef een schriftelijk
negatief advies waarin opmerkingen werden gemaakt over de volumeopbouw, de entree
en gevelindelingen en de bruine kleurstelling. Na een tweede negatieve beoordeling waarin
onder andere werd opgeroepen een grotere ontwerpinspanning te leveren, werd in derde
instantie een sterk verbeterd ontwerp gepresenteerd waarbij met name de detaillering,
de materialisering en de kleurstelling veel beter aansloten bij het traditionele beeld van de
binnenstad.
De commissie adviseerde de gemeente, net als bij eerdere arkvervangingen om specifi eke
welstandscriteria op te stellen, dit in verband met de toenemende vraag naar vervangingen
en de daarbij steeds voorkomende volumevergroting. De gemeentelijke stedenbouwkundige
heeft aangegeven dat de gemeente dergelijke richtlijnen nu wil gaan opstellen en is van zins
hiervoor de Themacommissie van WZNH om advies te vragen.
Het eerste plan.
Aangepast plan.
24
Ondergeschikte woninguitbreidingen
De bouw van een erker aan de Weegbree geeft inzicht in de behandeling van vele
ondergeschikte volumevergrotingen van woonhuizen. Met name aan de voorzijde kunnen
dergelijke toevoegingen als erkers, dakkapellen, garages en carports grote invloed hebben
op het straatbeeld. Er is de commissie veel aan gelegen een consequente, maar ook
proportionele advieslijn aan te houden. In een enkel geval kan een dergelijk sturingsproces
tot verkeerde resultaten leiden, maar meestal worden adviezen op een goede manier
verwerkt. Zoals bij deze erker.
De commissie oordeelde in eerdere instantie dat een schuin geplaatste erker in te grote
mate de structuur van de gevel zou aantasten. Dit omdat de gehele hoek uit de woning zou
verdwijnen. De erker paste wat detaillering betreft ook in te geringe mate bij de stijl van het
betreffende pand. Dit wordt in de welstandsnota nadrukkelijk als criterium gesteld.
De commissie suggereerde de hoek van de woning intact te laten en in feite twee erkers
(aan voor- en zijkant) te realiseren. In het tweede plan werd dit advies opgevolgde en werden
dakranddetailleringen aangepast. Op deze wijze ontstonden twee schuine en eigenzinnige
maar vooral ook aan de architectuur van de woning ondergeschikte erkers.
25
26
3. Welstandsnota
In de welstandnota zijn naast alle procedures de welstandscriteria opgenomen op basis
waarvan de welstandscommissie bouwplannen dient te toetsen. Met de welstandsnota stelt
de gemeenteraad de voor de welstandscommissie bindende beleidsuitgangspunten
voor de welstandsbeoordeling vast.
In de nota zijn zowel het centrumgebied als de historische linten onderscheiden als bijzonder
welstandsgebied. Het centrumgebied is bovendien een beschermd stadsgezicht. In deze
gebieden is extra aandacht voor de ruimtelijke kwaliteit gevraagd en dienen bouwinitiatieven
de bestaande en/of gewenste kwaliteit versterkt. Veel plannen in binnenstad en historische
lintstructuren zijn naar hun aard vaak gecompliceerder dan de standaardplannen in de
woongebieden en op de bedrijventerreinen. De bestaande kwaliteit rechtvaardigt een meer
gedetailleerde benadering.
De overige welstandsgebieden, onderverdeeld in beheersgebieden en dynamische
gebieden, vallen onder het reguliere welstandsniveau. In deze gebieden is behoud van de
basiskwaliteit het uitgangspunt en is er meer ruimte voor afwijkingen van de bestaande
ruimtelijke eigenschappen.
Herziening van de welstandsnota
De welstandsnota van de gemeente Hoorn werd door de gemeenteraad vastgesteld
op 6 april 2004. Sindsdien is de nota voor de welstandscommissie het bindende
beoordelingskader en verwijst de commissie in de schriftelijke adviezen naar de van
toepassing zijnde welstandscriteria.
Inmiddels is er na drie jaar bij de commissieleden voldoende ervaring en kennis over de
criteria opgebouwd om deze criteria vaak impliciet in de planbehandeling mee te nemen. In
de schriftelijke adviezen en in de afhandeling van plannen in het commissieverslag wordt er
nu altijd naar de welstandsnota verwezen.
De commissie merkt dat na een eerste gewenningsperiode de welstandsnota de bedoelde
functie heeft gekregen. Als aan vastgestelde beleidsaspecten kan worden gerefereerd
wordt de acceptatie onder degenen die met het advies worden geconfronteerd groter.
Er blijkt meer begrip te zijn, met name bij bezoekers, als de beleidsnota als door de raad
vastgesteld kader wordt gepresenteerd. Andersom bestaat de indruk dat de nota zelden
door aanvragers en architecten wordt gehanteerd.
Tegelijkertijd is in de afgelopen periode duidelijk geworden dat bij beoordeling aan de hand
van tamelijk algemene criteria, steeds weer interpretatie door de commissie nodig is. Niet
verhuld mag blijven dat in veel gevallen de voor grotere gebieden omschreven criteria met
enig kunst en vliegwerk op het specifi eke bouwplannen van toepassing moet worden
gemaakt.
In 2006 is door een ervaren extern adviseur, in samenspraak met commissie en de
plantoelichter een aanpassing van de welstandsnota voorbereid. Naar het oordeel van de
commissie is het onderscheid in bijzondere en reguliere welstandsgebieden, zoals die in de
welstandsnota is opgenomen een goed werkbare onderverdeling. Wel is er bij de herziening
van de welstandsnota voorzien dat de onderverdeling van gebieden op onderdelen wordt
verfi jnd. Zo krijgt de Koepoortsweg, als oude verbinding naar de binnenstad, de status van
bijzonder welstandsgebied.
Verder zijn de sneltoetscriteria op onderdelen aangepast aan de huidige adviespraktijk en
het vergunningsvrije bouwen en zijn door de gehele nota aanpassingen doorgevoerd bij
afzonderlijke criteria waar deze versoepeld, verfi jnd of juist aangescherpt konden worden.
27
Deze operatie is uitgevoerd op basis van de aantekeningen die de diverse commissieleden
en de plantoelichter in de loop van de afgelopen drie jaar in de nota hebben gemaakt.
Een kenmerkend detailvoorbeeld daarvan is de omschrijving van de baksteenkleur
`donkere aardtinten' in het deelgebied de linten. Hieronder, zo blijkt, kan bijna alles worden
ondergebracht. De praktijk is dat de commissie stuurt op overwegend donkerrode
kleurstellingen en een beperkte nuancering. Het laatste is in sommige opzichten nog
bepalender dan de kleurstelling. In de aanpassing van de nota wordt dit criterium verfi jnd.
De aanpassingen aan de welstandsnota worden naar verwachting begin 2007 door de
gemeenteraad vastgesteld.
Verschillende welstandscriteria
In de aangepaste welstandsnota wordt het onderscheid in gebieden en verschillende
soorten criteria gehandhaafd.
Gebiedsgerichte criteria
In de welstandsnota zijn gebiedsgerichte welstandscriteria opgenomen voor de volgende
gebieden: binnenstad, de linten, beheersgebieden (woongebieden, bedrijventerreinen en
recreatiegebieden) en dynamische gebieden (Bangerd Oosterpolder en Buitenstad).
Objectgerichte criteria
In de welstandsnota van Hoorn zijn twee categorieën van specifi eke bouwwerken benoemd,
de stolpen met een bijzonder welstandsniveau en de dakopbouwen die onder het
welstandsniveau van het betreffende gebied vallen.
Sneltoetscriteria
Plannen voor met name dakkapellen, aan- en uitbouwen, bijgebouwen en gevelwijzigingen
die aan de vastgestelde sneltoetscriteria voldoen, worden in de meeste gevallen ambtelijk
afgehandeld. Alleen bij twijfel komen ze in de commissie.
De ondergeschikte plannen die (net) niet aan de sneltoetscriteria voldoen komen
ter beoordeling bij de welstandscommissie. De ervaring leert dat deze plannen over
het algemeen, naar het oordeel van de commissie toch dienen te voldoen aan de
sneltoetscriteria. De gevallen waarin hiervan beargumenteerd wordt afgeweken betreffen
meestal dakkapellen met geringe overschrijdingen in de plaatsing en/of lengte/hoogte,
meestal op plaatsen waar ze slecht zichtbaar zijn of waar sprake is van een bijzondere
dakvorm.
Algemene welstandscriteria
Als de gebiedsgerichte en objectgerichte welstandscriteria voor een concreet plan niet
toereikend zijn, kan de welstandscommissie het plan `op zichzelf' beoordelen op grond
van de algemene welstandscriteria. Bij de toepassing van de algemene criteria dient altijd
uitvoerig te worden gemotiveerd waarom de gebiedscriteria niet konden worden toegepast.
Van de algemene criteria is in 2006 geen gebruik gemaakt.
28
Werkwijze
De welstandscommissie heeft bij alle planbehandelingen de welstandsnota gebruikt.
Bij elke behandeling wordt door de voorzitter vastgesteld welke welstandscriteria voor het
betreffende plan gebruikt moeten worden. Vervolgens vindt de beoordeling plaats, waarbij
de commissie in navolging van de welstandsnota zoveel mogelijk van groot naar klein werkt.
De commissie begint bij de plaatsing van het bouwwerk. Binnen de mogelijkheden van het
bestemmingsplan zijn vaak verschillende alternatieven mogelijk, die voor het aanzien van
het bouwwerk in zijn omgeving een groot verschil kunnen maken. Vervolgens beoordeelt
de commissie de massa's en het volume, ook weer in relatie tot de mogelijkheden die het
bestemmingsplan biedt. Daarna pas wordt ingegaan op de maten en verhoudingen in het
bouwwerk zelf, de gevelindeling is hierbij een belangrijk punt. Tot slot worden materialen,
kleuren en details beoordeeld. Het spreekt voor zich dat als een plan op een hoger
schaalniveau niet akkoord is, de beoordeling van de meer gedetailleerde schaalniveaus
meestal nog niet kan worden uitgevoerd.
In Hoorn is het aantal kleine plannen gemiddeld hoger dan in de omringende gemeenten.
De behandeling van de kleinere plannen wordt over het algemeen door de secretaris samen
met de plantoelichter voorbereid en snel afgehandeld.
29
30
4. Welstandscommissie
De welstandscommissie West-Friesland Hoorn is een van de 12 commissies die in Noord-
Holland werkzaam zijn onder supervisie van de stichting Welstandszorg Noord-Holland. De
commissie adviseert de gemeenten Hoorn, Obdam, Opmeer, Wester-Koggenland en
Wognum. De commissie vergaderde dit jaar op de tweede en vierde woensdag in het
gemeentehuis van Hoorn.
Jef Muhren
De leden van de welstandscommissie zijn benoemd door de
gemeenteraad.
De commissie was in 2006 als volgt samengesteld:
voorzitter: drs. ing. J.E.F. Mühren
secretaris: ing. C.M. Hooyschuur
Cees Hooijschuur
architectlid: ing. R. de Vries
Voor bouwplannen in het Centrum en de Hoornse Linten wordt de
commissie uitgebreid met:
ir. H.J. Zantkuijl, adviseur binnenstad
J. Bronckhorst, adviseur binnenstad
Rob de V
De commissie werd ondersteund door:
ries
M. Bruin, commissiecoördinator stichting WZNH
R. Stöcker, plantoelichter gemeente Hoorn
Mariette Bruin
In totaal zijn er in 2006 voor de gemeente Hoorn 643
planbehandelingen uitgevoerd voor 511 vergunningaanvragen,
waarvan 37 betrekking hadden op aanvragen van voorgaande
jaren. Het aantal nieuwe aanvragen was 474. Er zijn 15 negatieve
adviezen geschreven. Meer cijfers zijn opgenomen in bijlage 2.
Ronald Stöker
Ons jaarverslag over 2005 is in juni 2006 verzonden aan de
gemeente. Op 24 januari 2007 heeft het evaluatiegesprek met
wethouder J.H. van Es plaatsgevonden (zie bijlage 1 voor het
verslag van dit gesprek).
Tengevolge van gemeenteraadsverkiezingen en het samenvoegen van de diverse
gemeenten in West-Friesland in het najaar van 2006, heeft er in 2006 geen excursie
plaatsgevonden. De commissie probeert voor 2007 twee excursies op de agenda te zetten.
Allereerst is de commissie voornemens de raad van de gemeente Hoorn uit te nodigen voor
een kennismakingsgesprek gevolgd door een rondrit door de gemeente om het werk van de
commissie zichtbaar te maken. In het najaar hoopt de commissie haar `reguliere' excursie te
organiseren in één van de andere gemeenten van de welstandscommissie.
31
32
Bijlage 1: Verslag evaluatiegesprek
Verslag van het jaarlijks evaluatiegesprek met de wethouder van de gemeente Hoorn,
de heer J.H. van Es op 24 januari 2007 in het gemeentehuis te Hoorn.
Aanwezig namens de gemeente Hoorn: dhr. J.H. van Es (wethouder) en dhr. R. Stöcker
(plantoelichter); namens de commissie: dhr. J.E.F. Mühren (voorzitter); dhr. C. Hooyschuur
(secretaris); dhr. R. de Vries (architectlid), mevr. M. Bruin (commissiecoördinator); alsmede
dhr. N. de Vreeze, directeur WZNH.
De heer Mühren heet de heer van Es hartelijk welkom. Aan de hand van de
aandachtspunten die zijn opgesteld voor dit evaluatiegesprek worden de volgende
onderwerpen besproken.
Jaarverslag 2005
De wethouder spreekt zijn waardering uit voor het verslag.
Wat opvalt is dat sommige aanvragen wel twee tot drie keer ter beoordeling aan de
commissie moeten worden voorgelegd, aldus de wethouder. Meer dan de helft van de
plannen wordt daarentegen in één keer afgehandeld.
Het jaarverslag is nog niet aangeboden aan de raad maar dit kan na dit evaluatiegesprek
gebeuren. De commissie verneemt graag wat de reacties op het verslag vanuit de raad zijn.
De wethouder nodigt de commissie graag uit om een presentatie te geven aan de
raad met betrekking tot de werkwijze van de welstandscommissie. De commissie staat
positief tegenover dit voorstel. Voorgesteld wordt de presentatie af te stemmen op het
voorbespreken van de aankomende herziene welstandsnota. De verwachting is dat dit in de
eerste helft van 2007 zal plaatsvinden.
Uitbreiding commissiesamenstelling
Medio 2006 heeft de gemeente Hoorn samen met de welstandscommissie een onderzoek
gedaan naar een mogelijke samenvoeging van de gemeentelijke monumentencommissie
met de welstandscommissie. De bedoeling hiervan is dat de planbehandeling van de
binnenstad/linten/en monumenten één keer per maand (tweede woensdag van de maand)
samen met de planbehandeling van de welstandscommissie behandeld worden.
Deze eventuele integratie moet leiden tot een effi ciencyslag; de voorgelegde plannen
dienen namelijk tegelijk op zowel historische als architectonische onderdelen beoordeeld
te worden. Van oorsprong hebben de commissies een verschillende werkwijze. Waar het
bij de welstandscommissie gaat om een snelle voortgang bij de planbehandeling gaat de
monumentencommissie juist heel uitvoerig en gedetailleerd in op de te beoordelen plannen,
dit vergt veel tijd.
Bovengenoemd voorstel is voorgelegd aan het college van de gemeente Hoorn. Er is op
zich positief gereageerd maar tevens is aangegeven dat het college graag één commissie
ziet voor de gehele gemeente Hoorn.
De heer Büchner,van de gemeente Hoorn is bezig met de praktische invulling van een
eventuele samenvoeging van beide commissies en zal te zijner tijd een uitgewerkt plan aan
de commissie voorleggen. Naar de mening van de wethouder is er nog een lange weg te
gaan wil de samenvoeging van beide commissies de gewenste meerwaarde opleveren.
Alvorens het besluit door de raad wordt vastgesteld moet eerst het college een besluit
nemen.
33
Plannen waarover de commissie is geadviseerd
- Lidl; sturing bij de ruimte-indeling van het binnenterrein (parkeergelegenheid en plaatsen
containers) hebben effect gehad.
- Scheuten Glasgroep, idem.
- Media Markt. De commissie heeft destijds een toelichting gevraagd over de
stedenbouwkundige situatie van het gebied. Dit heeft geleid dat er voor dit gebied een
stedenbouwkundige visie is gemaakt met daarin opgenomen de welstandscriteria.
- kwaliteit van de bedrijventerreinen West Frisia. Naar de mening van de wethouder
kent het bedrijventerrein een uniforme indeling. Hij geeft aan voor deze terreinen geen
prioriteit te stellen aan een groenstructuur. Dit zou wel kunnen gelden voor een eventuele
uitbreiding van het industrieterrein, West Frisia Noord. Deze sluit aan op de stedelijke
woonomgeving, hier kunnen eventueel woon/werkunits gebouwd worden en kan er een
groenvoorziening aangelegd worden.
- Schoolgebouwen in de gemeente Hoorn. In de loop der jaren zijn er geen slechte
schoolgebouwen neergezet in de gemeente. Tevens hebben de semi-permanente
schoolgebouwen in de gemeente kwaliteit gekregen, mede door toedoen van de
welstandscommissie. Het ligt in de bedoeling om de komende twintig jaar de huidige
gebouwen van het voortgezet onderwijs te vervangen. Hier is een budget voor
beschikbaar gesteld, aldus de wethouder.
De commissie wil het gemeentebestuur adviseren om voor (her)ontwikkelingsprojecten in
een zo vroeg mogelijk stadium een stedenbouwkundig kader, voorzien van welstandscriteria
vast te leggen. De commissie levert aan de totstandkoming hiervan graag haar bijdrage,
omdat dit in een later stadium de planbeoordeling vergemakkelijkt. Hierover zijn in beginsel
ook afspraken gemaakt met de stedenbouwkundige.
De welstandsnota
Er wordt aan de herziening van de welstandsnota gewerkt. Op veel onderdelen zijn op-
en aanmerkingen gemaakt. Ook de commissieleden hebben een aandeel gehad in de
herziening van de nota. De nota wordt in eerste instantie met de wethouder doorgenomen
daarna wordt het aan het College aangeboden en vervolgens wordt de nota ter vaststelling
aan de Raad aangeboden.
Niets meer aan de orde zijnde dankt de voorzitter de heer van Es voor het prettige gesprek.
34
Bijlage 2: Cijfers
Aantal planbehandelingen
In 2006 heeft de welstandscommissie voor de gemeente Hoorn 643 planbehandelingen
uitgevoerd voor 511 vergunningaanvragen, waarvan 37 betrekking hadden op aanvragen
van voorgaande jaren.
Deze zijn als volgt verdeeld:
percentage herhalingen
soort aanvraag
aantal aanvragen
aantal behandelingen
t.o.v. de aanvragen
bouwvergunning
502
633
26%
waarvan nieuwbouw
121
173
43%
waarvan uitbreiding
293
365
25%
waarvan gevelwijziging
84
91
8%
waarvan een monument
1
1
0%
reclameaanvraag
8
9
13%
adviesaanvraag
1
1
0%
handhaving
totaal
511
643
26%
In vergelijking met de voorgaande jaren ontstaat het volgende beeld:
soort aanvraag
2006
2005
2004
nieuwe aanvragen
474
74%
463
71%
519
92%
aanvragen van
37
6%
40
6%
0%
voorgaande jaren
herhalingen
132
21%
146
22%
45
8%
totaal behandelingen
643
100%
649
100%
564
100%
Preadviezen *
0
0%
0
0%
2
0%
geadministreerd
35
Adviezen
De adviezen over het totaal aantal planbehandelingen zijn als volgt verdeeld:
Adviezen aan B&W
2006
2005
akkoord
371
58%
384
59%
akkoord op hoofdlijnen
34
5%
23
4%
niet akkoord tenzij
123
19%
143
22%
niet akkoord nader overleg *
40
6%
2
0%
niet akkoord, schriftelijk advies
37
6%
62
10%
aanhouden
38
6%
35
5%
totaal behandelingen
643
100%
649
100%
* Niet akkoord, nader overleg is eind 2005 ingevoerd. Dit geeft de planindiener de
gelegenheid binnen de wettelijke termijn het bouwplan aan te passen volgens de
vigerende welstandscriteria.
Gemandateerde planbehandeling
Van het totaal van 643 planbehandelingen in 2006 werden er 85 door een gemandateerd
commissielid uitgevoerd, dat is 13 % van het aantal planbehandelingen.
De gemandateerde adviseert namens de commissie op basis van de welstandsnota en legt
hierover steeds verantwoording af aan de commissie. Een negatief advies wordt altijd alsnog
voorgelegd aan de gehele commissie.
Aantal behandelingen nieuwe aanvragen
In 2006 werden 474 nieuwe aanvragen beoordeeld. Het aantal keren dat deze aanvragen
behandeld werden is als volgt:
Aanvragen voor welstandsadvies
2006
2005
bij eerste behandeling akkoord (géén interventie van de
240
51%
258
56%
welstandscommissie)
bij eerste behandeling niet akkoord tenzij
79
17%
74
16%
(kleine aanpassing nodig)
bij tweede behandeling akkoord (of niet akkoord, tenzij )
65
14%
69
15%
bij derde behandeling akkoord (of niet akkoord, tenzij )
26
5%
15
3%
bij een vierde of verdere behandeling akkoord of niet
8
2%
4
1%
akkoord, tenzij
nog in behandeling of defi nitief niet akkoord
56
12%
43
9%
totaal nieuwe aanvragen
474
100%
463
100%
36
Het aantal keren dat een nieuwe aanvraag ´terug´ komt bij de welstandscommissie geeft een
indicatie van het effect van het gemeentelijke welstandsbeleid op de bouwproductie. Het is
maar een indicatie, de preventieve werking (het anticiperen op het beleid vóór de aanvraag
wordt ingediend) wordt hiermee bijvoorbeeld niet zichtbaar gemaakt.
37
38
Bijlage 3: Curricula
Jef Mühren, voorzitter
Opleiding: Planologie NHTV Tilburg (diploma); Sociale Geografi e Universiteit Utrecht
(diploma); Academie voor Bouwkunst Rotterdam.
Werkervaring: vanaf 1991 werkzaam als stedenbouwkundig adviseur; vanaf 1994
compagnon in vof SAS architecten; vanaf 2001 adviesbureau MUD. Sinds 2003 lid van de
welstandscommissie West-Friesland Kring Hoorn, tevens voorzitter van de Themacommissie
van WZNH.
Cees Hooyschuur, architect
opleiding: Hoger Technisch Instituut voor bouwkunde; Bouwkundige-bouwfysica-
projectleiding; HTS Den Bosch bouwfysica; Academie van bouwkunst.
werkervaring: Gemeentewerken Oostzaan; INBO architecten; Projectontwikkeling
planteam Hillen & Roosen; Architectenbureau Reinbergen A'dam. Huidige functie:
directeur van Hooyschuur Architecten Wormerveer Amsterdam. Sinds 2004 lid van de
welstandscommissie West-Friesland Kring Hoorn.
Rob de Vries, architect
opleiding: In 1998 cum laude afgestudeerd aan de academie van bouwkunst te Amsterdam.
werkervaring: werkzaam geweest als projectleider bij verschillende ontwikkelaars in de
periode 1982-1992; projectleider bij de Architectengroep in Amsterdam in de periode 1992
1999. Sinds 1999 een eigen architectenbureau De Vries Uitterhoeve Architecten BNA.
Sinds 2003 lid van de welstandscommissie West-Friesland Kring Hoorn.
39
40
Bijlage 4: Adressen
Vergaderadres
Gemeentehuis Hoorn, Nieuwe Steen 1, Postbus 603,
1620 AR Hoorn. Tel. 0229 B 252200 (kamer C009: 0229-252161)
Voorzitter
drs. ing. J.E.F. Muhren
058-2165187
Postbus 2655, 8901 AD Leeuwarden
06-20597301
m.u.d@planet.nl
Secretaris
ing. C.M. Hooyschuur
075-6220441
Hooyschuur architecten BNA b.v.
fax 075-6219941
Noordeinde 16, 1521 PA Wormerveer
ceesh@hooyschuur.nl
Architect-lid
R. De Vries
072-5202315
Kanaalkade 16c, 1811 LP Alkmaar
fax 072-5202314
r.devries@dvua.nl
Commissie-
M. Bruin de Groot
072-5204459
coördinator
Stichting WZNH
fax 072-5204460
Emmastraat 111, 1814 DP Alkmaar
06-29106662
mbruin@welstandszorg.nl
Adviseurs
R. Stöcker, gemeente Hoorn
0229-252424
Postbus 603, 1620 AR Hoorn
fax 0229-252036
06-44576907
r.stöcker@hoorn.nl
M. Schuitemaker, gemeente Opmeer
0226-363315
Postbus 199, 1715 ZK Spanbroek
fax 0226-36333
mschuitemaker@opmeer.nl
E. Krap, gemeente Obdam
0226-456248
Postbus 1, 1713 ZG Obdam
fax 0226-451776
e.krap@obdam.nl
J. Hania, gemeente Wognum
0229-577821
Postbus 12, 1687 ZG Wognum
fax 0229-571469
j.hania@wognum.nl
vervanger: Chris Nijhuis
0229-577822
C.G.J. Hoek, gem. Wester-Koggenland
0229-547334
Postbus 21, 1633 ZG Avenhorn
fax 0229-542424
cor.hoek@westerkoggenland.nl
Adviseurs
ir. H.J. Zantkuijl
0229-219716
binnenstad
Geldelozeweg 733, 1625 NS Hoorn
gemeente Hoorn
J. Bronkhorst
0229-216339
Draafsingel 10, 1623 LA Hoorn
06-53643084
jbronkhorst@hetnet.nl
41
42
Colofon
Auteur:
Jef Mühren
Uitgave:
stichting Welstandszorg Noord-Holland
Alkmaar, april 2007
43
44